6 kapitalen
Deze waardes van de 6 kapitalen bij elkaar opgeteld noemen we maatschappelijke waarde.
Financieel kapitaal: A
Totaal van geldmiddelen dat:
Binnen organisatie beschikbaar is voor productie van goederen of leveren van diensten
Verkregen is d.m.v. financiering uit vv, ev, giften of uit eigen bedrijfsactiviteiten en gemaakte
investeringen
Geproduceerd kapitaal: A
Alle materiële activa die nodig zijn om waarde te creëren > van belang omdat het mede bepaalt in
hoeverre een organisatie in staat is (tijdig) te voldoen aan de verwachtingen van stakeholders.
Voorbeelden zijn: technologie, machines, gereedschappen, gebouwen en allerlei vormen van
infrastructuur.
Intellectueel kapitaal:
Alle immateriële activa op het gebied van kennis die nodig zijn om waarde te creëren. Voorbeelden
zijn octrooien, patenten, publicaties, systemen en procedures.
Sociaal en relatie kapitaal:
Relaties die de organisatie aangaat met haar omgeving, stakeholders en andere netwerken > voor
organisaties zit de waarde van sociaal kapitaal in de toegang die zij heeft tot groepen en personen.
Menselijk kapitaal
Competenties, capaciteiten, ervaringen alsmede de drijfveer voor innovatie, van alle mensen die een
rol spelen in de organisatie. Bij menselijk kapitaal is ook van belang:
De opstelling naar en de ondersteuning van het bestuurlijk raamwerk, de risicomanagement
benadering en de ethische waarden van de organisatie.
De mogelijkheden om de organisatiestrategie te begrijpen, te ontwikkelen en te
implementeren.
De loyaliteit en motivatie voor het verbeteren van de processen, producten en diensten.
Hierbij horen o.a. zelfontplooiing, leiderschaps- en samenwerkingsvaardigheden.
Natuurlijk kapitaal
Alle hernieuwbare en niet-hernieuwbare natuurlijke middelen die nodig zijn om producten te
produceren of diensten te verlenen > voorbeelden: water, lucht, bossen, mineralen en ecosystemen.
Invloed van macro economische factoren op een onderneming
Conjunctuur:
De schommelingen van de economische groei op korte termijn noem je de conjunctuur. Periodes van
sterkere groei (hoogconjunctuur) en periodes van tragere (laagconjunctuur) of zelfs negatieve groei
(crisis) wisselen elkaar af. De meest gebruikte indicator voor de ontwikkeling van de economie is het
bruto binnenlands product (bbp). Bbp kan je berekenen op verschillende manieren:
, 1. Inkomensmethode:
Het bbp komt tot stand door inzet van de 4 economische productiefactoren met bijbehorende
beloningen:
- Inzet van arbeid met als beloning loon;
- Inzet van kapitaal met als beloning rente;
- Inzet van ondernemerschap met als beloning winst;
- Inzet van natuur met als beloning pacht of huur.
Bbp = loon + rente + winst + pacht of huur.
2. Productiemethode:
Het bbp komt tot stand door de toegevoegde waarde van bedrijven en overheid bij elkaar op te
tellen.
3. Bestedingsmethode:
Het bbp wordt bepaald door het optellen van de aankopen van de eindgebruikers:
4. - Particuliere consumptie
5. - Particuliere investeringen
6. - Overheidsbestedingen
7. - Buitenland (Export – Import)
Bbp = C + I + O + E – M
Invloed op financieel resultaat:
Inflatie:
Inflatie is de gemiddelde prijsstijging van de goederen en diensten die consumenten kopen. Inflatie
leidt tot geldontwaarding, wat wil zeggen dat er voor eenzelfde bedrag minder kan worden
aangeschaft > NL gebruiken CPI om te meten, Europa HICP
Belangrijkste oorzaken inflatie:
Bestedingsinflatie: Als ondernemers merken dat de vraag naar producten en/of diensten zo
groot wordt dat ze niet meer aan deze vraag kunnen voldoen, dan gaan ze hun prijzen
verhogen.
Deze waardes van de 6 kapitalen bij elkaar opgeteld noemen we maatschappelijke waarde.
Financieel kapitaal: A
Totaal van geldmiddelen dat:
Binnen organisatie beschikbaar is voor productie van goederen of leveren van diensten
Verkregen is d.m.v. financiering uit vv, ev, giften of uit eigen bedrijfsactiviteiten en gemaakte
investeringen
Geproduceerd kapitaal: A
Alle materiële activa die nodig zijn om waarde te creëren > van belang omdat het mede bepaalt in
hoeverre een organisatie in staat is (tijdig) te voldoen aan de verwachtingen van stakeholders.
Voorbeelden zijn: technologie, machines, gereedschappen, gebouwen en allerlei vormen van
infrastructuur.
Intellectueel kapitaal:
Alle immateriële activa op het gebied van kennis die nodig zijn om waarde te creëren. Voorbeelden
zijn octrooien, patenten, publicaties, systemen en procedures.
Sociaal en relatie kapitaal:
Relaties die de organisatie aangaat met haar omgeving, stakeholders en andere netwerken > voor
organisaties zit de waarde van sociaal kapitaal in de toegang die zij heeft tot groepen en personen.
Menselijk kapitaal
Competenties, capaciteiten, ervaringen alsmede de drijfveer voor innovatie, van alle mensen die een
rol spelen in de organisatie. Bij menselijk kapitaal is ook van belang:
De opstelling naar en de ondersteuning van het bestuurlijk raamwerk, de risicomanagement
benadering en de ethische waarden van de organisatie.
De mogelijkheden om de organisatiestrategie te begrijpen, te ontwikkelen en te
implementeren.
De loyaliteit en motivatie voor het verbeteren van de processen, producten en diensten.
Hierbij horen o.a. zelfontplooiing, leiderschaps- en samenwerkingsvaardigheden.
Natuurlijk kapitaal
Alle hernieuwbare en niet-hernieuwbare natuurlijke middelen die nodig zijn om producten te
produceren of diensten te verlenen > voorbeelden: water, lucht, bossen, mineralen en ecosystemen.
Invloed van macro economische factoren op een onderneming
Conjunctuur:
De schommelingen van de economische groei op korte termijn noem je de conjunctuur. Periodes van
sterkere groei (hoogconjunctuur) en periodes van tragere (laagconjunctuur) of zelfs negatieve groei
(crisis) wisselen elkaar af. De meest gebruikte indicator voor de ontwikkeling van de economie is het
bruto binnenlands product (bbp). Bbp kan je berekenen op verschillende manieren:
, 1. Inkomensmethode:
Het bbp komt tot stand door inzet van de 4 economische productiefactoren met bijbehorende
beloningen:
- Inzet van arbeid met als beloning loon;
- Inzet van kapitaal met als beloning rente;
- Inzet van ondernemerschap met als beloning winst;
- Inzet van natuur met als beloning pacht of huur.
Bbp = loon + rente + winst + pacht of huur.
2. Productiemethode:
Het bbp komt tot stand door de toegevoegde waarde van bedrijven en overheid bij elkaar op te
tellen.
3. Bestedingsmethode:
Het bbp wordt bepaald door het optellen van de aankopen van de eindgebruikers:
4. - Particuliere consumptie
5. - Particuliere investeringen
6. - Overheidsbestedingen
7. - Buitenland (Export – Import)
Bbp = C + I + O + E – M
Invloed op financieel resultaat:
Inflatie:
Inflatie is de gemiddelde prijsstijging van de goederen en diensten die consumenten kopen. Inflatie
leidt tot geldontwaarding, wat wil zeggen dat er voor eenzelfde bedrag minder kan worden
aangeschaft > NL gebruiken CPI om te meten, Europa HICP
Belangrijkste oorzaken inflatie:
Bestedingsinflatie: Als ondernemers merken dat de vraag naar producten en/of diensten zo
groot wordt dat ze niet meer aan deze vraag kunnen voldoen, dan gaan ze hun prijzen
verhogen.