De PowerPoint op de portal is belangrijk. Hier staan duidelijke schema’s op.
Kosten: Aan het gebruik of verbruik van productiemiddelen toegerekend geldbedrag.
Opbrengsten: Het geld dat je verdient met de verkopen van producten of het leveren van
diensten.
Bedrijfseconomie hoorcollege week 2
Ondernemingsplan:
Marketingplan – Financieel plan -->
1) Beginbalans
2) Resultatenbegroting
3) Liquiditeitsbegroting
4) Eindbalans
Investeringselectie
Productiefactoren
1) Kapitaal
2) Arbeid
3) Natuur
Voorschriften -->
Vergunningen – Sluitingstijden
Marketingplan
Bedrijfsformule
Uniform? – Franchisers?
Investeringsbegroting
Welke productiemiddelen hebben we nodig?
- Gebouwen
- Inventaris
- Voorraden
- LM
--> Financieringsbehoefte
Organigram
Welke functies moeten worden vervuld?
Personeelsplan
Aard en omvang van de te verrichten werkzaamheden
, Vaststelling arbeidsvoorwaarden
Werving van medewerkers
Financieringsplan
Hypothecaire lening --> meestal niet verkrijgbaar
Onderhandse lening
Rekening-courantkrediet --> rood staan
Crediteuren
Eigen Vermogen
Rentekosten
Kapitaalstructuur
Verdeling Vaste – Vlottende Activa
Vermogensstructuur
Verdeling Eigen – Vreemd Vermogen
Kosten
Beïnvloedbaar --> - Kosten grondstoffen
- Kosten personeel
Niet beïnvloedbaar --> - Interestkosten
- Afschrijvingskosten
Bedrijfseconomie hoorcollege week 3
Voorbeeld afval/uitval:
Bruto 100% 23,5 gram
-/- afval 15% 3,5 gram
Netto 85% 20 gram
20 : 85 x 100 = 100% = 23,5 gram
20 : 85 x 15 = 3,5 gram
Bruto 100% 3,13 kg
-/- Afval 4% 0,13 kg
Netto 96% 3 kg
Bedrijfseconomie hoorcollege week 4
Kostenindeling:
- Kosten van grond- en hulpstoffen
- Kosten van arbeid
- Kosten van duurzame productiemiddelen
- Kosten van grond