Hoofdstuk 11 Voeding en vertering
§1 Gezond eten 2
§2 Vitaminen en mineralen; 3
§3 Koolhydraten 3
§4 Eiwitten 5
§5 Vetten 5
Begrippen Hoofdstuk 11 6
Overzicht vertering 9
Als je een bepaald begrip zoekt, kan je natuurlijk gewoon op je laptop Ctrl + f
(Windows, Linux en Chrome OS) of ⌘ + f (Mac) gebruiken.
Succes met leren!
, §1 Gezond eten
Het gebruik van de voedselpiramide
*Niets belangrijks*
Groepen voedingsstoffen
- Koolhydraten;
o Functie: brandstof, reservestof, bouwstof
o Voorbeeld: aardappel, brood
- Vetten;
o Functie: brandstof, bouwstof, isolatie (reservestof bij voedselschaarste)
o Voorbeeld: boter, pinda’s
- Eiwitten;
o Functie: bouwstof (bij schaarste ook brandstof)
o Voorbeeld: vlees, vis, zaden
- Vitaminen;
o Functie: beschermen
- Mineralen;
o Functie: bouwstof en onderdeel van chemische processen
o Voorbeeld: melkproducten (calcium), tarweproducten (natrium)
- Water;
o Functie: bouwstof, oplosmiddel, transportvloeistof, warmtebuffer
Niet iedereen eet even veel
Het advies voor een juiste hoeveelheid van een voedingsstof is de aanbevolen dagelijkse
hoeveelheid, ADH.
Toevoegingen
Additieven zijn stoffen die zijn toegevoegd om voedingsmiddelen aantrekkelijker of langer houdbaar
te maken. De ADI, de aanvaardbare dagelijkse inname, is de maximale hoeveelheid additieven die je
per dag per kilogram lichaamsgewicht veilig kunt eten.
Bewegingen van de darmen
Speeksel levert slijm dat als glijmiddel helpt de voedselbrokken door te slikken. De samenstelling
verschilt per voedsel. De slikreflex duwt met je tong je voedsel naar achter. Het strotklepje en de huig
sluiten de luchtpijp en neusholte af. Spieren in je maag en alle darmen duwen de voedselresten
erdoorheen. Dit gebeurt met peristaltische bewegingen: lengtespieren voor het voedsel spannen zich
aan om ruimte te maken en daarna duwen aangespannen kringspieren erachter het voedsel naar
voren. Ondertussen vindt er vertering plaats: verteringsenzymen maken grote moleculen klein
genoeg om de membranen van de darmwandcellen te kunnen passeren. Onverteerde resten gaan via
de endeldarm en worden poep.
Goede darmwerking
Voedingsvezels of ballaststoffen: moleculen, koolhydraten, die slecht verteerbaar zijn en zo de
darmperistaltiek stimuleren. Ook houden ze water vast om ontlasting soepel te houden.
Veilig eten
Je krijgt met eten altijd micro-organismen binnen (schimmels en bacteriën). Het speeksel bevat
lysozymen, stoffen die de celwand van micro-organismen aantasten. De meeste aangetaste
schimmels en bacteriën sterven in het zure maagsap. Je darmen bevatten ook nuttige bacteriën:
darmflora.
§1 Gezond eten 2
§2 Vitaminen en mineralen; 3
§3 Koolhydraten 3
§4 Eiwitten 5
§5 Vetten 5
Begrippen Hoofdstuk 11 6
Overzicht vertering 9
Als je een bepaald begrip zoekt, kan je natuurlijk gewoon op je laptop Ctrl + f
(Windows, Linux en Chrome OS) of ⌘ + f (Mac) gebruiken.
Succes met leren!
, §1 Gezond eten
Het gebruik van de voedselpiramide
*Niets belangrijks*
Groepen voedingsstoffen
- Koolhydraten;
o Functie: brandstof, reservestof, bouwstof
o Voorbeeld: aardappel, brood
- Vetten;
o Functie: brandstof, bouwstof, isolatie (reservestof bij voedselschaarste)
o Voorbeeld: boter, pinda’s
- Eiwitten;
o Functie: bouwstof (bij schaarste ook brandstof)
o Voorbeeld: vlees, vis, zaden
- Vitaminen;
o Functie: beschermen
- Mineralen;
o Functie: bouwstof en onderdeel van chemische processen
o Voorbeeld: melkproducten (calcium), tarweproducten (natrium)
- Water;
o Functie: bouwstof, oplosmiddel, transportvloeistof, warmtebuffer
Niet iedereen eet even veel
Het advies voor een juiste hoeveelheid van een voedingsstof is de aanbevolen dagelijkse
hoeveelheid, ADH.
Toevoegingen
Additieven zijn stoffen die zijn toegevoegd om voedingsmiddelen aantrekkelijker of langer houdbaar
te maken. De ADI, de aanvaardbare dagelijkse inname, is de maximale hoeveelheid additieven die je
per dag per kilogram lichaamsgewicht veilig kunt eten.
Bewegingen van de darmen
Speeksel levert slijm dat als glijmiddel helpt de voedselbrokken door te slikken. De samenstelling
verschilt per voedsel. De slikreflex duwt met je tong je voedsel naar achter. Het strotklepje en de huig
sluiten de luchtpijp en neusholte af. Spieren in je maag en alle darmen duwen de voedselresten
erdoorheen. Dit gebeurt met peristaltische bewegingen: lengtespieren voor het voedsel spannen zich
aan om ruimte te maken en daarna duwen aangespannen kringspieren erachter het voedsel naar
voren. Ondertussen vindt er vertering plaats: verteringsenzymen maken grote moleculen klein
genoeg om de membranen van de darmwandcellen te kunnen passeren. Onverteerde resten gaan via
de endeldarm en worden poep.
Goede darmwerking
Voedingsvezels of ballaststoffen: moleculen, koolhydraten, die slecht verteerbaar zijn en zo de
darmperistaltiek stimuleren. Ook houden ze water vast om ontlasting soepel te houden.
Veilig eten
Je krijgt met eten altijd micro-organismen binnen (schimmels en bacteriën). Het speeksel bevat
lysozymen, stoffen die de celwand van micro-organismen aantasten. De meeste aangetaste
schimmels en bacteriën sterven in het zure maagsap. Je darmen bevatten ook nuttige bacteriën:
darmflora.