Over de Kunst van Hulpverlenen
1. Het benoemen van primaire emoties door cliënten is een belangrijk onderdeel van de
cognitieve benaderingswijze binnen fysiotherapeutische hulpverlening.
J
2. Conditioneel redeneren omvat onder andere procedureel, interpretatief, narratief en
ethisch redeneren.
J
3. De hermeneutische benaderingswijze leidt tot voorschrijvende receptuur in
hulpverlening.
O
4. Narrativiteit kent geen vaste regels.
J
5. Externe evidenties geven richting aan de inhoud van het klinische redeneerproces.
J
6. Intersubjectiviteit wordt beschouwd als een vorm van objectiviteit.
O
7. Klinisch redeneren veronderstelt uitsluitend een ‘outsiderrol’.
O
8. Klinisch redeneren veronderstelt uitsluitend een ‘insiderrol’.
O
9. Klinisch redeneren veronderstelt een ‘outsiderrol’ en een ‘insiderrol’.
J
10. Klinisch redeneren vormt de basis voor het professioneel handelen en berust op de
principes van evidencebased handelen.
J
11. Fysiotherapeuten ontdekken de levenswaarden van cliënten door het waarnemen
van de emoties van de cliënt in de context van het verhaal van de ander.
J
12. Besef van eigen levenswaarden vereist bewustwording van eigen emoties.
J
13. Het aan de ander benoemen van overte elementen van door de ander getoonde
emoties is helpend in het ontdekken van levenswaarden door die ander.
J
14. Een anatomische dispositie is een lokaal belemmerende factor voor herstel van de
aandoening.
J
1
, Tentamenstellingen, kw3
15. Co-morbiditeit is een lokaal belemmerende factor voor herstel.
O
16. Sportief bewegen beweegt mensen vooringenomen standpunten te bewegen.
J (3 deminesionaal mensbeeld)
17. Sportief bewegen beïnvloedt cognities.
J
18. Op enigerlei wijze trainbaar-zijn is een levenskenmerk.
J
19. Zelfanalyse en zelfreflectie zijn essentieel in het kader van preventie.
J
20. Mentale en fysieke weerbaarheid zijn trainbaar.
J
21. Ethisch redeneren berust op vier elementen: goed doen, bijdragen aan
rechtvaardigheid, bijdragen aan autonomie en systematisch handelen.
O
22. Bij het procedureel redeneren gelden dezelfde wetmatigheden als bij het narratief
redeneren.
O
2