Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Psychopathologie en Medische basiskennis Periode 4 Leerjaar 2Fontys Hogescholen Social Work

Rating
4.5
(2)
Sold
3
Pages
18
Uploaded on
19-08-2021
Written in
2020/2021

Samenvatting college's/ werklessen psychopathologie. Alle info komt uit het boek maar de college's moeten aangehouden worden bij het leren van de stof. Een 7.6 behaald door deze samenvatting en de oefenvragen.

Institution
Course

Content preview

PSYCHOPATHOLOGIE P4
Inhoudsopgave
COLLEGE 1. BEHANDELING H2......................................................................................................................................1

PSYCHISCHE STOORNISSEN................................................................................................................................................................. 1
PSYCHOTISCHE STOORNISSEN......................................................................................................................................1
EXTERNALISERENDE PROBLEMATIEK.......................................................................................................................3
WERKING VAN ANTIDEPRESSIVA EN ANTIPSYCHOTICA.....................................................................................5
UNIPOLAIRE STOORNISSEN EN SEROTONINE (DEPRESSIEVE STOORNISSEN).............................................5
JONGENS TEGEN DE MEISJES..........................................................................................................................................7
ADHD......................................................................................................................................................................................7
H8 MIDDELGERELATEERDE EN VERSLAVINGSSTOORNISSEN BEGRIPPEN...................................................8
BEINVLOEDING VAN GEDRAG EN STEMMING..........................................................................................................9
NEUROCOGNITIEVE STOORNISSEN EN LVB............................................................................................................11
STOORNISSEN DIE ONTSTAAN IN KINDERTIJD/ADOLESCENTIE....................................................................14
PERSOONLIJKHEIDSSTOORNIS...................................................................................................................................15

COLLEGE 1. BEHANDELING H2

PSYCHISCHE STOORNISSEN

Freud – psychische stoornissen: Als de balans tussen het ID-Ego-Superego niet perfect is ontstaan er
psychische stoornissen.

ID – alle behoeften, wensen en drang. ‘Ikke, ikke en de rest kan stikken’. Dit is sterk bij kleine kinderen
aanwezig.

Ego – Werkt volgens het realiteitsprincipe. ‘Je kan niet altijd je zin krijgen’. Het Ego moet een compromis
sluiten tussen het ID, Ego en de realiteit waar we ons in bevinden.

Superego – Alles wat je in je opvoeding hebt meegekregen. Het aangeleerde gedrag. De normen en
waarden die je ouders hebben overgedragen.

PSYCHOTISCHE STOORNISSEN.

Realiteit wordt in de psychiatrie gezien als:

- Een correcte weergave van de omgeving door je zintuigen. Dit betekent dat wat je zintuigen
oppikken geen inbeelding is; het kan ook door anderen worden opgenomen
- Je denkbeelden zijn reëel en gevoelig voor rede; ze zijn waarschijnlijk bij te stellen als je
geconfronteerd wordt met het tegendeel.

,Psychotische belevingen – we spreken hierbij van ‘een breuk met de realiteit’. Dat wil zeggen dat:

- Zintuigelijke waarneming niet meer objectief is. Je neemt dingen waar zonder een stimulus uit de
omgeving; stemmen zonder personen, tast zonder aanraking
- Er is sprake van overtuigende en hardnekkige gedachtepatronen die niet overeenkomen met de
werkelijkheid en waaraangeen twijfel kan worden toegebracht; men kan niet overtuigd worden
door bewijs dat zijn gedachten/overtuigingen niet reeel zijn.

Concreet: Als je in gesprek bent met de cliënt kom je niet nader tot elkaar; je spreekt letterlijk beide
uit een andere werkelijkheid. Het is net alsof je in verschillende talen spreekt.

Hallucinatie – Iemand beleeft/hoort iets waar geen prikkel voor is in de omgeving

Veelvoorkomende Hallucinaties:

- Auditieve hallucinaties  Horen
- Tactiele hallucinaties  Tast/voelen
- Somatische hallucinaties  Voelen van beestjes in het lichaam.

Zeldzame hallucinaties

- Visuele hallucinaties  Zien. Komen weinig voor in het kader van psychotische klachten. Maar
komen wel voor bij andere stoornissen zoals bij een delier/hersenletsel. Als deze zich voordoen is
dit bij medische aandoeningen. Een psychiater zal diegene doorsturen naar het ziekenhuis.
- Gustatorische hallucinaties  Smaak
- Olfactorische hallucinaties  Geur

Wanen – Hardnekkige gedachtepatronen die op geen enkele manier gevoelig zijn voor reden en bewijs. Er
zijn 2 vormen van wanen:

1. Non bizarre wanen; ‘achtervolgingswaan’. Inhoud is in theorie mogelijk (afluisteren, undercover,
achtervolgingswaan). Maar het is onwaarschijnlijk dat dit van toepassing is op de cliënt. Er is geen
aanleiding voor. Cliënt is toch niet te overtuigen dat dit niet klopt.
2. Bizarre waan; ’gedachte injecties door aliens’. Deze wanen hebben vaak te maken met aliens.
Kenmerkend is dat deze wanen dus bizar zijn  Ze zijn onmogelijk en ondenkbaar in de realiteit.

Dwanggedachten vs. Wanen

Het verschil zit hem in het realiteitsbesef. Bij dwanggedachten is het realiteitsbesef intact. Bij Wanen niet.

Dwanggedachten kunnen angst oproepen bij de cliënt. Zij kunnen bijvoorbeeld 4 x de deur gaan checken
omdat anders iemand overlijdt. De persoon is zich bewust van de realiteit dat er niet iemand werkelijk
overlijdt, maar de angst van die gedachten laat hem toch die handelingen uitvoeren. Een dwanghandeling
is puur en alleen voor angstreductie.

4 soorten psychotische stoornissen:

1. Korte psychotische stoornis.  Vaak van 1 dag tot 1 maand. Wordt door een duidelijke stressor
ontlokt zoals een trauma maar ook door drugsgebruik. Hoe sneller iemand opknapt hoe kleiner
de kans is dat het terugkomt.
2. Waanstoornis  Mensen vertonen alleen een waan, duidelijk afgebakend, non bizar. Bv. De baas
heeft het op mij gemunt en iemand draaft helemaal door en is niet voor rede vatbaar.

, 3. Stoornis met combinatie van stemmingsproblematiek (depressie-manisch-depressief) én
psychotische klachten (wanen/hallucinaties).  Ze komen samen voor maar staan los van elkaar.
Het kan dus zijn dat de ene opklaart en de ander aanwezig blijft.
4. Schizofreniforme stoornis Lijkt veel op schizofrenie, het is een tussenstation. Alle kenmerken
voor schizofrenie zijn aanwezig maar dat moet blijken of de klachten lang genoeg (va. 1 maand)
chronisch worden om te mogen spreken van schizofrenie (6 maanden)
5. Schizofrenie  een chronische psychotische stoornis waarbij psychotische klachten aanwezig
zijn (hallucinaties en wanen) maar ook cognitieve stoornissen die er voor zorgen dat het
functioneren verslechterd.

Schizofrenie

Bestaat uit positieve symptomen (psychotische stoornissen) en uit negatieve symptomen (cognitieve
stoornissen, emotionele stoornissen, motivatie problematiek). Positief wordt gezien als iets wat we
normaal niet hebben en hun wel, en negatieve symptomen wil zeggen dat er achteruitgang heeft
plaatsgevonden.

Negatieve symptomen:

a) Formele denkstoornissen, gebrek aan logica in gedachten. Praat je over het weer dan kan het
gesprek ineens helemaal omslaan naar een ander onderwerp, bijvoorbeeld over een meer (want
dat rijmt). Vaak worden er ook worden verzonnen.
b) Aandachtstekortstoornis, onvermogen om aandacht te focussen op belangrijke onderdelen.
c) Motivatieproblemen, hebben moeite met het op gang komen, opstarten van activiteiten.
d) Emotionele stoornissen, achteruitgang van de expressie en beleving van iemand.
e) Motorische problemen, moeite met stilzitten, onrustige bewegingen en achteruitgang in functies.

Cliënten met schizofrenie worden vaak overschat. Hun IQ (bij 40%) daalt na eerste psychose met
ongeveer één opleidingsniveau. Het oude opleidingsniveau is dus een overschatting. Overvraging leidt tot
terugval en of andere problematiek (angst, middelengebruik, stemmingswisselingen). Daarnaast heeft de
groep vaak cognitieve klachten.

EXTERNALISERENDE PROBLEMATIEK

Externaliserende problematiek: onvoldoende controle over emoties en impulsen.

Als je wordt aangesproken op je verantwoordelijkheden kun je internaliserend reageren (je bent zelf de
bron van oorzaak) of externaliserend reageren. Je reageert je dan af op een ander. Je zoekt bijvoorbeeld
alle oorzaken buiten jezelf. Je plaatst de ander echt als oorzaak van de problemen en je hebt veel moeite
met het remmen van bepaald gedrag. Je weet niet goed hoe je uiting moet geven op bepaalde
stress/spanning en knalt dit er gewoon uit.

- ADHD-ODD-CD-Verslavingsproblematiek-Cluster B problematiek

Stress – Veranderingen/teleurstellingen vragen om aanpassing. Stress maakt ons klaar voor deze
verandering. Het brengt ons in een ‘staat van paraatheid’. Functie is dat wij volledig gefocust zijn op
datgeen wat we moeten veranderen/bijstellen.

Stressor – Datgene dat de stress oproept.

Psychologische factoren: Tentamen wordt 2 weken vervroegd; ‘’stress, hoe krijg ik het klaar?!’’.

Lichamelijke factoren: Je breekt een been 1 dag voor de belangrijke wedstrijd; ‘’stress, nu kan ik niet
meedoen!’’

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
August 19, 2021
Number of pages
18
Written in
2020/2021
Type
SUMMARY

Subjects

Available practice questions

$8.37
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Reviews from verified buyers

Showing all 2 reviews
1 year ago

2 year ago

4.5

2 reviews

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
steffi_vanhoof Fontys Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
16
Member since
6 year
Number of followers
13
Documents
5
Last sold
1 month ago

4.3

4 reviews

5
2
4
1
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions