Beeldkwaliteit:
Contrast kun je niet aanpassen bij
echo
Resolutie (spatiele resolutie)
Artefacten
Signaal/Ruis verhouding (SNR) belangrijk! Zie je
Onderaan in je beeld
Tijd (scantijd) frame rate
De spatiële resolutie: de kleinste afstand tussen 2 reflectoren waarbij deze nog ondubbelzinnig als 2
objecten kunnen worden afgebeeld
In 3 richtingen:
- Axiaal (longitudinaal): in richting van echo-beeldlijnen
- Lateraal: in richting loodrecht op beeldlijnen
- Dikte: in richting van “3e dimensie”
Spatiele resolutie heeft bij echo niet in beide richtingen dezelfde waarde.
Pixelgrootte in mm
Hoe kleiner het getal hoe hoger de resolutie
Van li re, wordt kwaliteit bepaald door bundelbreedte = LATERAAL
Van boven beneden wordt de kwaliteit bepaald door golflengte = AXIAAL
• Axiale resolutie is bepaald door de zend-frequentie:
Z > = c/f
Praktisch: Z = 3.
Zendfrequentie kan door de gebruiker worden gekozen
• Laterale resolutie is bepaald door “bundelbreedte”:
Praktisch: X = 6.
Bundelbreedte kan worden aangepast met zgn. “focus”
Geeft ook zijlobben, bij elektronisch focusseren
Laterale richting is slechter dan de axiale richting
,Echografie OP1.3
Temporele resolutie : het correct beschrijven van beweging, een afbeelding zonder ‘blur’ (vervaging)
In echografie 20-80 fps
Wordt beinvloed door:
- Smaller beeld
- Minder diep
- Minder echo lijnen (meer interpolatie)
- Focuspunten verminderen
Sharpness: het vermogen van een echo-systeem om overgangen in weefsels, zo nauwkeurig
afgegrensd als mogelijk, weer te geven. Hoe zwart-wit wil je het beeld.
Hoe scherper het beeld hoe strakker de overgrang tussen weefsels
Bv. voor het hart een hoge sharpness.
Wordt beïnvloed door:
- Digitaal proces
- Post-processing
- Directe relatie met spatiële resolutie
Noise (Ruis): de willekeurige variatie in de amplitude van de gemeten echoes en, hieraan direct
gerelateerd, de variaties van grijswaarden in het echobeeld.
Wordt beïnvloed door:
- Elektronische ruis
- Akoestische ruis
Ruis is ALTIJD aanwezig
Wanneer de amplitude van het signaal daalt, kan het opgaan in de ruis. Verschilt per transducer
Tissue mimicking: Testobjecten van weefselequivalente materialen met daarin (nylon) draden en
een aantal laesies.
Met behulp van bijv. Fantomen
, Echografie OP1.3
VEILIGHEID
Ultrageluid = Energie
Energie wordt voor een deel gereflecteerd -> “ECHO”
Energie wordt voor een deel geabsorbeerd -> “Verzwakking”
Deze verzwakking is “Energieverlies”
Echter, Energie gaat nooit verloren…
Verzwakking:
• Verzwakking wordt opgegeven in dB / cm
• Verzwakking is frequentieafhankelijk
Verzwakking bij 1 MHz
• Water 0,0002 dB/cm
• Bloed 0,18 dB/cm
• Lever 0,5 dB/cm
• Spier 1,2 dB/cm
Intensiteit / vermogen :
• Vermogen: De hoeveelheid energie die per seconde door het totale transduceroppervlak
wordt uitgestraald :
1 Watt = 1 joule per seconde (J/s)
• Intensiteit: Het vermogen dat per iedere m2 transduceroppervlak wordt uitgestraald
Watt / m2
Spatieel en temporeel S / T
Gemiddelde en piekwaarde A / P
SA: Gemiddelde Intensiteit over doorsnede budel
SP: Piekwaarde Intensiteit in de bundel
TA: Gemiddelde Intensiteit geluidspuls over periodetijd
PA: Gemiddelde Intensiteit geluidspuls
Onderstaande S-T-A-P combinaties zijn het meest gebruikt voor de karakterisering van opgewekte
geluidsintensiteit in de bundel