Welke vragen moet je niet (te veel) stellen:
- vragen over problemen
- vragen over fouten
- vragen over oorzaken
- vragen over oplossingen (direct na de vragen over problemen en oorzaken)
- vragen naar gevoelens (hoe voelde je je toen je zo’n kut leven had?)
McMahon (1990) fasen van problemen oplossen
(als eerst opbouwen vertrouwensrelatie)
1. Beschrijving van problemen en verzamelen van gegevens professionele probleemanalyse
2. Probleemanalyse
3. Bedenken van interventies
4. Interventies uitvoeren
5. Evaluatie en vervolgcontact
Probleemoplossende benadering sterk beïnvloedt door het medisch model;
diagnose en behandeling
oorzaken van problemen begrijpen, zodoende kunnen oplossen en onder controle houden.
Paradigma: overkoepelend model
gemeenschappelijke uitgangspunten in de hulpverlening:
- een probleemoplossende structuur
- zich baseren op wetenschappelijke kennis
Probleemoplossend werken
na probleemanalyse is de interactie gericht op het toepassen van interventies op de problemen op lossen.
ZORGEN OVER HET PROBLEEMOPLOSSEND PARADIGMA
- problemen van cliënten zijn geen puzzels; als dokter / in natuurkunde zijn de problemen als puzzels. Elk stukje
bestaat, je moet deze echter ontrafelen, zodat je tot een oplossing komt. In de hulpverlening is dit anders, er is
niet één juiste oplossing, omdat er heel veel aspecten zijn die samen tot het probleem hebben geleid en omdat
individuen en hun percepties uniek zijn.
Divergerend denken meer geschikt voor gezondheidszorg; HV onderzoekt meerdere percepties op het
probleem en zoekt naar mogelijk werkende oplossingen.
- aandacht moet gericht worden op versterking en de krachten van de cliënt; mensen helpen de aanzienlijke
hoeveelheid kracht in zichzelf, het gezin en in hun buurt te ontdekken. Bemoediging van mensen ‘het
sterkteperspectief’. Basisassumpties van Saleebey;
1. Ondanks moeilijkheden hebben mensen ook sterke kanten die de kwaliteit van het leven kunnen
verbeteren.
2. motivatie van cliënten neemt toe door nadruk te leggen op sterke kanten.
3. voor het ontdekken van sterke kanten is samenwerking en ontdekking nodig door cliënt en
hulpverlener.
4. door te richten op de sterke kanten, zal de hulpverlener minder geneigd zijn de cliënt te
veroordelen of de schuld te geven.