3. kanker op chromosomaal niveau
Hoorcolleges
RB: responsiebijeenkomst week 1 en 2
HC 1: translocatie (9:22) bij patiënten met CML
HC 2: het ontstaan van chromosomale afwijkingen
HC 3: Cytogenetische afwijkingen
HC 4: de celcyclus en gevolgen van foutieve celcyclusregulatie in kanker cellen
HC 5: Circadiane klok & het ontstaan van kanker
HC 6: het humane genoom en analyse van genexpressie met microarrays en NSG
HC.7 Proteomics, metabolomics, miRNAs, RNAi screens
ZO’s
ZO 1: Moleculair-genetische analyse
ZO 2: Mitose en cytogenetica II
ZO 3: Aneuploïdie en coloncarcinoom
ZO 4: Telomeren, telomerase en kanker
ZO 5: Micro-RNA en RNAi
ZO 6: Ethiek voor tweedejaarsessay
VO’s
VO 1: Moleculaire analyse van tumoren
VO 2: Celcyclus en kanker
VO 3: Academisch redeneren I KLAAR
1
,RB: responsiebijeenkomst week 1 en 2
Pathologische kenmerken van kanker:
• Dysfunctie van…
o Proliferatie (celdeling)
o Differentiatie (maturatie van de cel)
o Apoptose (celdood)
• Transformatie: er vinden morfologische en functionele veranderingen plaats
• Neoplasie: nieuwvorming die zich onttrekt van de normale weefsel- / celgroei
NOTE: alle soorten kanker zijn een aandoening van klonale cellen.
Terminologie
Metaplasie: veranderde differentiatie
Dysplasie: verminderde differentiatie (voorstadium van kanker)
Anaplasie: géén differentiatie (kanker)
Stamcellen
Eigenschappen: Resultaat:
• Pluripotent • Relatief ongevoelig voor chemotoxische
• Self-renewable stoffen
• Hoge delingscapaciteit • Belangrijk voor het lange termijn herstel
Tumoren bestaan niet alleen uit kankercellen:
➢ Kankercellen kunnen heel goed hun omliggend weefsel beïnvloeden (bijv. angiogenese)
➢ Goed te onthouden: zie een tumor als een op zichzelf staand ‘orgaan’
Systematisch kijken naar microscopische beelden
1. Grootte: onrijp (groot) → rijp (klein)
2. Nucleoli te zien? → onrijp
3. Granula? → alleen te zien bij rijpere granulocyten
4. Kern:
a. Rond: erytrocytair en lymfocytair
b. Niet-rond: granulocytair en monocytair
5. Cytoplasma: baso (donkerst) → neutro → acido (lichtst)
Herstelmechanismen
Soort Accuraatheid Template
BER Nauwkeurig Complementaire DNA streng
MMR Nauwkeurig Complementaire DNA streng
NER Nauwkeurig Complementaire DNA streng
NHEJ Onnauwkeurig GÉÉN
HR Nauwkeurig Zusterchromatide
Synthetische letaliteit: verschijnsel waarbij veranderingen (bijv. hyperthermie) die leiden tot inactivatie
van 2 of meer genen samen leiden tot celdood, maar als er maar één gen afzonderlijk is geïnactiveerd
dit niet leidt tot celdood.
2
, HC 1: translocatie (9:22) bij patiënten met CML
Soort cel AML CML
Rode bloedcel Normaal of ↓ ↑
Trombocyten Normaal of ↓ ↑
Witte bloedcellen ↑ ↑
Normale lab waarden
Bloed: Normaal:
Hb 7.4-9.5 mmol/L
Trombocyten 140-350 x 109/L
Witte bloedcellen 4-10 x 109/L
Onderzoeken om CML te bevestigen
• Cytogenetisch onderzoek van beenmergcellen
• Moleculair onderzoek voor BCR-ABL fusiegen
Leukemie ontstaat pas na méérdere mutaties:
DNA-Schade
• Waarneembaar met een microscoop: chromosoom-afwijkingen
• Niet waarneembaar met een microscoop: punt-mutaties, micro-deleties, micro-inserties etc.
Philadelphia chromosoom
95% van de CML patiënten heeft de 9:22 translocatie. Dit betekent dat een deel van chromosoom 9 op
chromosoom 22 is gezet en vice versa. Hierdoor is chromosoom 9 iets langer aan een zijde, en
chromosoom 22 iets korter aan een zijde. Dit is te herkennen op een karyogram van een CML patiënt.
3
Hoorcolleges
RB: responsiebijeenkomst week 1 en 2
HC 1: translocatie (9:22) bij patiënten met CML
HC 2: het ontstaan van chromosomale afwijkingen
HC 3: Cytogenetische afwijkingen
HC 4: de celcyclus en gevolgen van foutieve celcyclusregulatie in kanker cellen
HC 5: Circadiane klok & het ontstaan van kanker
HC 6: het humane genoom en analyse van genexpressie met microarrays en NSG
HC.7 Proteomics, metabolomics, miRNAs, RNAi screens
ZO’s
ZO 1: Moleculair-genetische analyse
ZO 2: Mitose en cytogenetica II
ZO 3: Aneuploïdie en coloncarcinoom
ZO 4: Telomeren, telomerase en kanker
ZO 5: Micro-RNA en RNAi
ZO 6: Ethiek voor tweedejaarsessay
VO’s
VO 1: Moleculaire analyse van tumoren
VO 2: Celcyclus en kanker
VO 3: Academisch redeneren I KLAAR
1
,RB: responsiebijeenkomst week 1 en 2
Pathologische kenmerken van kanker:
• Dysfunctie van…
o Proliferatie (celdeling)
o Differentiatie (maturatie van de cel)
o Apoptose (celdood)
• Transformatie: er vinden morfologische en functionele veranderingen plaats
• Neoplasie: nieuwvorming die zich onttrekt van de normale weefsel- / celgroei
NOTE: alle soorten kanker zijn een aandoening van klonale cellen.
Terminologie
Metaplasie: veranderde differentiatie
Dysplasie: verminderde differentiatie (voorstadium van kanker)
Anaplasie: géén differentiatie (kanker)
Stamcellen
Eigenschappen: Resultaat:
• Pluripotent • Relatief ongevoelig voor chemotoxische
• Self-renewable stoffen
• Hoge delingscapaciteit • Belangrijk voor het lange termijn herstel
Tumoren bestaan niet alleen uit kankercellen:
➢ Kankercellen kunnen heel goed hun omliggend weefsel beïnvloeden (bijv. angiogenese)
➢ Goed te onthouden: zie een tumor als een op zichzelf staand ‘orgaan’
Systematisch kijken naar microscopische beelden
1. Grootte: onrijp (groot) → rijp (klein)
2. Nucleoli te zien? → onrijp
3. Granula? → alleen te zien bij rijpere granulocyten
4. Kern:
a. Rond: erytrocytair en lymfocytair
b. Niet-rond: granulocytair en monocytair
5. Cytoplasma: baso (donkerst) → neutro → acido (lichtst)
Herstelmechanismen
Soort Accuraatheid Template
BER Nauwkeurig Complementaire DNA streng
MMR Nauwkeurig Complementaire DNA streng
NER Nauwkeurig Complementaire DNA streng
NHEJ Onnauwkeurig GÉÉN
HR Nauwkeurig Zusterchromatide
Synthetische letaliteit: verschijnsel waarbij veranderingen (bijv. hyperthermie) die leiden tot inactivatie
van 2 of meer genen samen leiden tot celdood, maar als er maar één gen afzonderlijk is geïnactiveerd
dit niet leidt tot celdood.
2
, HC 1: translocatie (9:22) bij patiënten met CML
Soort cel AML CML
Rode bloedcel Normaal of ↓ ↑
Trombocyten Normaal of ↓ ↑
Witte bloedcellen ↑ ↑
Normale lab waarden
Bloed: Normaal:
Hb 7.4-9.5 mmol/L
Trombocyten 140-350 x 109/L
Witte bloedcellen 4-10 x 109/L
Onderzoeken om CML te bevestigen
• Cytogenetisch onderzoek van beenmergcellen
• Moleculair onderzoek voor BCR-ABL fusiegen
Leukemie ontstaat pas na méérdere mutaties:
DNA-Schade
• Waarneembaar met een microscoop: chromosoom-afwijkingen
• Niet waarneembaar met een microscoop: punt-mutaties, micro-deleties, micro-inserties etc.
Philadelphia chromosoom
95% van de CML patiënten heeft de 9:22 translocatie. Dit betekent dat een deel van chromosoom 9 op
chromosoom 22 is gezet en vice versa. Hierdoor is chromosoom 9 iets langer aan een zijde, en
chromosoom 22 iets korter aan een zijde. Dit is te herkennen op een karyogram van een CML patiënt.
3