Hoofdstuk 2 – Voorlichting in paramedische zorg
2.1 inleiding
Voorlichting in de paramedische zorg bestaat uit:
Aandoening
Omgaan met klachten
Oefeningen doen
Veranderen van gewoontes
Voorlichting gaat dus vaak over gedrag. Niet alleen het gedrag binnen de therapie, maar
voornamelijk erbuiten. Het veranderen van gedrag gaat niet zomaar. Therapeuten besteden
hieraan veel aandacht door voorlichting om de patiënt te motiveren en te begeleiden in
gedragsverandering.
2.2 Gedragsgerichte voorlichting
Gericht op gedrag:
Bij voorlichting is er altijd sprake van informatieoverdracht gericht op kennis en
vaardigheden.
nodig voor omgaan met gezondheid. Dit kan door ‘’iets te doen’’, ‘’iets op een andere
manier doen en ‘’iets blijven doen.
De patiënt moet iedere dag afvragen wat verstandig en haalbaar is, beslissingen nemen en
aanpassen zelf managment.
Zelfmanagment als dagelijkse proces
Geeft aan wat een patiënt doet om zijn leven met een of meer gezondheidsproblemen en
zijn behandeling in goede banen te leiden. De cliënt moet zich elke dag kunnen aanpassen
in de situatie en het moment. Dit vereist kennis van de ziekte en de behandeling,
vaardigheden om oplossingen te bedenken en beslissingen te nemen over de gewenste
strategie.
In de behandeling is een goede samenwerkingsrelatie van groot belang. Naarmate de
therapie volstrekt, krijgt de cliënt steeds meer de regie over de behandeling.
Gedragsverandering als proces
Weten en willen is vaak nog geen doen. Veel mensen vervallen terug in oude patronen.
Veranderen van gedrag is en proces van vallen en opstaan.
Andere woorden voor blijven doen:
Compliance (therapietrouw) gedrag op korte termijn
Adherence langdurig uitvoeren van gedrag, ook na de behandelingsperiode.
Concordance Geeft aan dat er op basis van gelijkwaardigheid gezamelijke
besluitvorming over de doelen of de te kiezen koers plaatsvindt tussen de patiënt en
therapeut.
Proces van gedragsverandering: De volgende stappenreeks is hierbij van belang:
1. Openstaan
2. Begrijpen
3. Willen
4. Kunnen
5. Doen
6. Blijven doen