1.4.2. Ontwerp tot activiteit
Beoordeling docent: Erik Dijkman
Student: Michelle Blom
studentnummer: 672523
Klas: SWvt1e
Datum: 21 mei 2021
Titel: 1.4.2 Ontwerp tot activiteit
Toetscode: 2318SN141A
Kans: 1
Deelproduct: vraag en definitie:
1
, Probleemstelling
Voor de gebruiken van methodisch handelen gebruiken sociaal werkers de methodische
cyclus. In de methodische cyclus bestaat een logische volgorde in de stappen van de
benadering van praktijksituaties. De ‘’regulatieve cyclus van Strien (1986) bestaat uit: een
probleemstelling, een diagnose / situatieanalyse, een plan en ontwerp, een interventie en
achteraf een evaluatie. Het kan zijn dat er bij de evaluatie iets verkeerd ging. Dan kan de
sociaal werker terug naar de vorige stap om te kijken of er de evaluatie daarbij toch een
positief keerpunt krijgt (Spierts et al., 2019).
De opdracht 1.4.2 ontwerp tot activiteit is gekoppeld aan de opdracht 1.4.1
levensloopanalyse. Voor de opdracht Levensloopanalyse heb ik gesprekken gevoerd met
mvr. N. De opdracht is om een activiteit te bedenken die aansluit bij mvr. N haar ervaringen
en de activiteit dient bij te dragen.
In het verslag wordt het levensverhaal van Mvr. N geanalyseerd aan de hand van kennis
over- en inzicht in relevante thema’s en concepten. Daarbij worden de leefgebieden en de
leefwereld van ouderen in beeld gebracht en uitgelegd hoe die met elkaar in verbinding
staan.
Voor het tot stand brengen van dit verslag heb ik vier gesprekken gevoerd met mvr. N. Na
het beluisteren van deze gesprekken heb ik geluisterd naar wat haar ‘’Life events’ (Kuipers,
2020) levensgebeurtenissen zijn. Hieraan heb ik een betekenisvolle spirituele activiteit aan
verbonden.
De vier levensfases 0-15 jeugd, 15-30 de jongvolwassenheid, 30-60 de volwassenheid, 60-
80 de actieve ouderdom en 80+. Deze vier levensfases zijn onderdeel van de topiclijsten
voor de gesprekken die ik met mvr. N heb gevoerd.
Het eerste gesprek voelde alsof we beiden de sfeer aantasten. Haar partner was wat
bescheiden en wist niet dat hij zijn bezigheden kon doen. Het tweede gesprek voelde alsof
we wat dieper konden gaan. Ik heb daarbij aangegeven dat we iets dieper op haar jeugd en
ervaringen van vroeger in diende te gaan. Ze heeft mij toen in vertrouwen genomen en
opengesteld terwijl ze heel veel over haar levensgebeurtenissen vertelde. Dat was een
bijzondere ervaring.
De afgebakende heldere hulp -hoofdvraag: Welke activiteit draagt op een waardevolle
creatieve agogische manier bij aan de empowerment van mvr. N?
Deelproduct programma van eisen:
2
Beoordeling docent: Erik Dijkman
Student: Michelle Blom
studentnummer: 672523
Klas: SWvt1e
Datum: 21 mei 2021
Titel: 1.4.2 Ontwerp tot activiteit
Toetscode: 2318SN141A
Kans: 1
Deelproduct: vraag en definitie:
1
, Probleemstelling
Voor de gebruiken van methodisch handelen gebruiken sociaal werkers de methodische
cyclus. In de methodische cyclus bestaat een logische volgorde in de stappen van de
benadering van praktijksituaties. De ‘’regulatieve cyclus van Strien (1986) bestaat uit: een
probleemstelling, een diagnose / situatieanalyse, een plan en ontwerp, een interventie en
achteraf een evaluatie. Het kan zijn dat er bij de evaluatie iets verkeerd ging. Dan kan de
sociaal werker terug naar de vorige stap om te kijken of er de evaluatie daarbij toch een
positief keerpunt krijgt (Spierts et al., 2019).
De opdracht 1.4.2 ontwerp tot activiteit is gekoppeld aan de opdracht 1.4.1
levensloopanalyse. Voor de opdracht Levensloopanalyse heb ik gesprekken gevoerd met
mvr. N. De opdracht is om een activiteit te bedenken die aansluit bij mvr. N haar ervaringen
en de activiteit dient bij te dragen.
In het verslag wordt het levensverhaal van Mvr. N geanalyseerd aan de hand van kennis
over- en inzicht in relevante thema’s en concepten. Daarbij worden de leefgebieden en de
leefwereld van ouderen in beeld gebracht en uitgelegd hoe die met elkaar in verbinding
staan.
Voor het tot stand brengen van dit verslag heb ik vier gesprekken gevoerd met mvr. N. Na
het beluisteren van deze gesprekken heb ik geluisterd naar wat haar ‘’Life events’ (Kuipers,
2020) levensgebeurtenissen zijn. Hieraan heb ik een betekenisvolle spirituele activiteit aan
verbonden.
De vier levensfases 0-15 jeugd, 15-30 de jongvolwassenheid, 30-60 de volwassenheid, 60-
80 de actieve ouderdom en 80+. Deze vier levensfases zijn onderdeel van de topiclijsten
voor de gesprekken die ik met mvr. N heb gevoerd.
Het eerste gesprek voelde alsof we beiden de sfeer aantasten. Haar partner was wat
bescheiden en wist niet dat hij zijn bezigheden kon doen. Het tweede gesprek voelde alsof
we wat dieper konden gaan. Ik heb daarbij aangegeven dat we iets dieper op haar jeugd en
ervaringen van vroeger in diende te gaan. Ze heeft mij toen in vertrouwen genomen en
opengesteld terwijl ze heel veel over haar levensgebeurtenissen vertelde. Dat was een
bijzondere ervaring.
De afgebakende heldere hulp -hoofdvraag: Welke activiteit draagt op een waardevolle
creatieve agogische manier bij aan de empowerment van mvr. N?
Deelproduct programma van eisen:
2