aantekeningen
HC 1 HIV AIDS
Gezondheid van bevolkingsgroepen, factoren in kaart brengen
Centraal thema: HIV/AIDS
Kennismaking verschillende disciplines gezondheidswetenschappen
Inhoud cursus→ syllabus pagina → rooster
- Twee computerpractica- individueel
- Werkgroepen: studieopgaven (individueel), posteropdracht: groepjes van 3 à 4, 1
afsluitende bijeenkomst (15 oktober, 30%), poster is eindproduct
Wetenschappelijke literatuur zoeken
- Zoeken van literatuur
- Beoordelen van de kwaliteit van gevonden publicaties
- Keuze kunnen maken uit publicaties
- Adequaat refereren
- Wetenschappelijke integriteit (verwijzen naar andere wetenschappers)
Pubmed→ betrouwbare bron → wordt kritisch naar dat artikel gekeken, dus betrouwbare
artikelen
Tentamen: 23 oktober 12.15-14.30
HIV Virus
- Eiwit met daarin erfelijk materiaal→ virale eiwitten
- Totaal 36,7 miljoen (2015) → prevalentie van hiv
- Veel mensen hebben nu toegang tot medicatie
- HIV is het virus en aids is de ziekte die je daarvan
krijgt→ dus HIV is niet hetzelfde als aids
- Humaan immunodeficiëntievirus
- Acquired Immune Deficiency Syndrome
- Je kunt de infectie niet laten verdwijnen uit het
lichaam maar wel goed onderdrukken waardoor je
niet meer besmettelijk hoeft te zijn
- 5 juni 1981 begin HIV epidemie 35 miljoen slachtoffers
- 1955- 1976: 6 zeldzame gevallen paarsachtige huidlaesies, gewichtsverlies,
kortademigheid
- 5 juni: 1. 5 gezonde homoseksuele mannen→ zeldzame luchtwegaandoening door P.
jirovecii, 2. Voorschrijven van pentamidine (anti biotica)
- Opvallend was dat meerdere clusters onder homoseksuele mannen gepaard met
infecties typerend voor soa’s
1
, - In Afrika zijn er meer gevallen die vrouw zijn
Transmissie HIV
- Onbeschermd seksueel contact
- Bloed van geifecteerd persoon (90% kans)
- Moeder naar kind (MTCT) (tijdens zwangerschap, geboorte of na borstvoeding)
Je kan geïnfecteerd zijn met HIV maar geen aids ontwikkelen, je overlijdt aan de gevolgen
die aids meebrengt
Omgevingsfactoren:
- Fysisch
- Chemisch
- Biologisch
- Sociale
Biologische factoren:
- Bacteriën, virussen, parasieten→ infectieziekten
Wanneer een virus uitbreekt stellen we de vraag: wat, hoe, wanneer en wie?
1. Waarom heeft het virus kunnen uitbreken? (ebola)
Pathogeen niet tijdig herkend. Symptomen: koorts, hoofdpijn, braken: malaria
Malaria wordt veroorzaakt door een parasiet
Parasiet is een eukaryoot: anti-parasitaire middelen die niet tegen Ebolavirus werken!
Ebolavirus: antivirale middelen!
Kennis belangrijk voor oa juiste behandeling
2. Waarom niet pandemisch (wereldwijd) kunnen uitbreken?
Transmissieroute: Ebola virus is niet via de lucht overdraagbaar en corona
bijvoorbeeld wel
Wat?
Classificatie: Kennis organisme en bijbehorende symptomen (etiologie) → behandeling
Hoe?
Het is belangrijk dat je exact weet hoe het virus overdraagbaar is omdat bijv bij het ebola
virus werd gedacht dat het malaria was en dus niet direct in isolatie zijn gezet→ transmissie
is belangrijk om in kaart te brengen
Transmissie: hoe wordt organisme overgebracht naar andere gastheer?
Kennis belangrijk om oa. juiste interventie/preventie maatregelen te nemen
2
,Ebola virus: mens-mens overdraagbaar
Reservoir
Reservoir: heeft het organisme een ander reservoir dan de mens? (kan het andere
gastheren infecteren dan de mens)?
Zoönose: overdraagbaar van dier- mens (gewervelde dieren)
RNA virussen mutatie gevoeliger > DNA virussen (door RNA afhankelijke polymerase)
RNA virussen makkelijker aanpassen aan nieuwe gastheer > DNA virus→ resistentie
Als het overdraagbaar is van dier tot mens en van mens naar mens dan kan hij makkelijker
aanpassen en dit duidt er dus op dat het een RNA virus is
Als het veel schade aanbrengt aan de gastheer betekend dat dat het virus vrij nieuw is in die
gastheer, want het virus heeft er juist baat bij dat de gastheer lang overleeft
Asymptomatic dragerschap: worden zelf niet ziek maar kunnen wel het virus overbrengen
HIV- asymptomatisch dragerschap en infectieus! Mens is ook reservoir HIV wel een
wereldwijde verspreiding
Ebola virus- asymptomatisch dragerschap maar niet infectieus! Infectieus wanneer
symptomatisch
Vector: insecten → vector transmissie (verspreiding via insecten)
Mens-vector- mens: malaria parasiet
Dier- vector- mens: pest
Besmette oppervlakten, voedsel, water, aarde
Onderscheid tussen virussen;
Virussen zonder en met envelop: zonder envelop kunnen makkelijker overleven, met envelop
zijn kwetsbaarder→ corona heeft met envelop→ er zit een membraan omheen en is
daardoor kwetsbaar
Wanneer?
Zelf limiterende infectie: ons eigen immuunsysteem is in staat om het virus te bestrijden
Incubatie = periode tot aan symptomen (ziekte): toename pathogeen: transmissie mogelijk
Ziekte: afhankelijk van virulentie pathogeen en/of conditie gastheer
Herstel = afname en verdwijnen van symptomen (ziekte): afname pathogeen
maar: bij sommige infecties kan na herstel symptomen(ziekte) nog steeds pathogeen
aanwezig zijn en transmissie mogelijk
3
, Het is niet wereldwijd verspreid geraakt door: transmissie, lucht, en moment
(symptomatische fase)
Wie?
Wanneer er mensen ziek worden die niet tot de klassieke risico groepen behoren (dus kleine
kinderen en ouderen) dan gaan er bellen rinkelen
Samengevat:
• Kennis organisme en bijbehorende specifieke symptomen (etiologie): Classificatie
(behandeling)
• Hoe en wanneer wordt het pathogeen over gebracht naar andere gastheer:
Transmissieroute (preventie)
• Waar zit de pathogeen in het lichaam: pathogenese, levenscyclus (transmissieroute,
monster nemen voor diagnose)
• Risicogroepen: wie behoren tot de risicogroepen
Transmissie infectieziekten:
Transmissie route is afhankelijk van de bouw van het organisme
Vehicle gebruikt een stof of gastheer om te overdragen
Horizontale transmissie en verticale transmissie (van moeder op kind) → zie dia voor afb. !
4