Hoorcolleges Cognitieve ontwikkeling en
leerproblemen
College 1
4 clusters van speciale scholen
1. Visueel gehandicapten
2. Auditieve en spraaktaalstoornissen (autisten ook)
3. Lichamelijk gehandicapten en ernstig verstandelijke beperkten
4. Ernstige gedragsstoornissen
Belang van leerproblemen/stoornissen
Wetenschappelijk interessant: afwijkende gevallen zijn ook handig om
dingen te weten over de normale ontwikkeling.
Maatschappelijk relevant: Je hoort het vaker in de media. Veel
leerproblemen/stoornissen geven recht op voorzieningen. Is dit nodig?
Want het kost wel geld.
Bijvoorbeeld bij dyslexie:
Vergoeding behandeling, Verlengde examentijd, Groter lettertype,
Auditieve ondersteuning, Mogelijk mondeling examen, opgaven op CD.
- Is het eerlijk tegenover niet dyslectische personen?
- Moet bij alle vakken extra tijd worden gegeven?
- In hoeverre is leesvaardigheid van invloed op de prestatie in een
vak? En/of is leesvaardigheid een wezenlijk onderdeel van dit vak?
- Wat is het (VWO) diploma waard bij hulp? Overschatting?
Verwijsgedrag: waar komen verschillen vandaan?
- Waarom zouden kinderen met leerstoornissen gelijkelijk over scholen
verdeeld zijn?
- Leerstoornissen ontstaan door een veelheid aan factoren, niet alleen
in het kind gelegen
- Kwaliteit van het onderwijs
- Gebrek aan menskracht op scholen
- Gebrekkige toepassing van protocollen
‘t wordt te gek(zeggen sommigen):De term leerproblemen/stoornissen
wordt gebruikt om:
a. Verantwoordelijkheid voor het eigen werk te minimaliseren
b. Te ontkennen dat talenten ongelijk verdeeld zijn
c. Te profiteren van bijbehorende voorzieningen
Veel zogenaamde leerstoornissen bestaan niet
Wanneer ontstaat een dergelijke discussie?
1. De aandoening is niet ondubbelzinnig vast te stellen
2. Voorzieningen zijn in beperkte mate beschikbaar
46
, 3. In welke mate de aandoening een handicap vormt, is onduidelijk
Wat is de rol van de academisch opgeleide pedagoog?
- Bijdrage aan de verbetering van de discussie over het vaststellen en
de consequenties van leerstoornissen. (door hun kennis de kwaliteit
v.d. discussie verbeteren).
Fundamentele kwesties:
- Definitie van een stoornis
- Hoe stel je een stoornis vast?
- Kan een stoornis genezen?
- Kunnen we al vroeg voorspellen wie een stoornis krijgt?
- Wat zijn de gevolgen van een specifieke stoornis op het functioneren
in andere domeinen?
- Wie heeft voldoende kwalificaties om een stoornis vast te stellen?
Comorbiditeit: Vaak gaan leerproblemen samen met stoornissen.
Lezen Rekenen
ADHD 33 26
Autisme 6 23
Angst/depressie 9 8
Definities: historische ontwikkeling
• Gall: relatie tussen hersenbeschadiging en specifieke uitval van
vaardigheden.
• Gedurende de ontwikkeling ontstaat uitval van een vaardigheid. De
uitval is specifiek, en onverwacht (nu is het omgedraaid, niet eerst
hersenuitval, maar eerst uitval vaardigheid).
Wat is van invloed op de vaardigheid?
1. Potentie (aanleg)
2. Factoren op school, vooral
instructie
3. Factoren thuis
1 = kind factor (vermogen)
2 en 3 = omgevingsfactoren
(gelegenheid)
Factoren in de thuisomgeving
Distale factoren (verafgelegen)
• SES
• Etniciteit (acculturatie)
• Thuistaal
Proximale processen
46
, Specifieke leerstoornis
1. Probleem in verwerven van vaardigheid in luisteren, spreken, lezen,
schrijven, spellen of rekenen
2. Probleem is het gevolg van een stoornis in één of meer basale
psychologische processen die van belang zijn voor het begrip en
gebruik van gesproken of geschreven taal
3. De term omvat condities als perceptuele handicap,
hersenbeschadiging, MBD, dyslexie en ontwikkelings- afasie
4. De term heeft geen betrekking op kinderen die leerproblemen
hebben die vooral het gevolg zijn van visuele, auditieve, of
motorische handicaps, of mentale retardatie, of emotionele of
gedragsproblemen, of door omgevings-, culturele of instructieve
factoren
Geen verwijzing naar onverwachtheid van de stoornis. Definitie gaat
vooral over wat een leerstoornis niet is. Biologisch deel ontbreekt ten dele.
College 2
Modellen voor het vaststellen van leerproblemen
1. Achterstandsmodel (low achievement
model)
Het is een model waarbij je volledig afgaat op de
vaardigheid. Er is een grensscore en wanneer je
daaronder valt heb je een leerprobleem.
Betrouwbaarheid
Kan je op een betrouwbare manier vaststellen wie
er boven de grens ligt en wie eronder? Er zit altijd
een meetfout in, maar dat geldt bij iedere test.
2. Discrepantiemodel (aptitude- achievement)
Vergelijking van wat een kind kan en wat hij nu bereikt. Wanneer dit
te groot is, is er sprake van een leerprobleem. (Gebruiken IQ test
voor wat hij nu zou moeten kunnen).
Betrouwbaarheid
Vaststellen van een discrepantie is niet zo betrouwbaar. Je hebt bij IQ
een meetfout en bij de lees-test of andere test heb je ook een
meetfout -> betrouwbaarheid wordt minder.
Problemen
- Moreel element (zijn alle kinderen hetzelfde moet iedereen gelijk
behandeld worden i.v.m. behandeling leerstoornis, wanneer heeft
iemand een leerstoornis en wanneer niet?)
46
leerproblemen
College 1
4 clusters van speciale scholen
1. Visueel gehandicapten
2. Auditieve en spraaktaalstoornissen (autisten ook)
3. Lichamelijk gehandicapten en ernstig verstandelijke beperkten
4. Ernstige gedragsstoornissen
Belang van leerproblemen/stoornissen
Wetenschappelijk interessant: afwijkende gevallen zijn ook handig om
dingen te weten over de normale ontwikkeling.
Maatschappelijk relevant: Je hoort het vaker in de media. Veel
leerproblemen/stoornissen geven recht op voorzieningen. Is dit nodig?
Want het kost wel geld.
Bijvoorbeeld bij dyslexie:
Vergoeding behandeling, Verlengde examentijd, Groter lettertype,
Auditieve ondersteuning, Mogelijk mondeling examen, opgaven op CD.
- Is het eerlijk tegenover niet dyslectische personen?
- Moet bij alle vakken extra tijd worden gegeven?
- In hoeverre is leesvaardigheid van invloed op de prestatie in een
vak? En/of is leesvaardigheid een wezenlijk onderdeel van dit vak?
- Wat is het (VWO) diploma waard bij hulp? Overschatting?
Verwijsgedrag: waar komen verschillen vandaan?
- Waarom zouden kinderen met leerstoornissen gelijkelijk over scholen
verdeeld zijn?
- Leerstoornissen ontstaan door een veelheid aan factoren, niet alleen
in het kind gelegen
- Kwaliteit van het onderwijs
- Gebrek aan menskracht op scholen
- Gebrekkige toepassing van protocollen
‘t wordt te gek(zeggen sommigen):De term leerproblemen/stoornissen
wordt gebruikt om:
a. Verantwoordelijkheid voor het eigen werk te minimaliseren
b. Te ontkennen dat talenten ongelijk verdeeld zijn
c. Te profiteren van bijbehorende voorzieningen
Veel zogenaamde leerstoornissen bestaan niet
Wanneer ontstaat een dergelijke discussie?
1. De aandoening is niet ondubbelzinnig vast te stellen
2. Voorzieningen zijn in beperkte mate beschikbaar
46
, 3. In welke mate de aandoening een handicap vormt, is onduidelijk
Wat is de rol van de academisch opgeleide pedagoog?
- Bijdrage aan de verbetering van de discussie over het vaststellen en
de consequenties van leerstoornissen. (door hun kennis de kwaliteit
v.d. discussie verbeteren).
Fundamentele kwesties:
- Definitie van een stoornis
- Hoe stel je een stoornis vast?
- Kan een stoornis genezen?
- Kunnen we al vroeg voorspellen wie een stoornis krijgt?
- Wat zijn de gevolgen van een specifieke stoornis op het functioneren
in andere domeinen?
- Wie heeft voldoende kwalificaties om een stoornis vast te stellen?
Comorbiditeit: Vaak gaan leerproblemen samen met stoornissen.
Lezen Rekenen
ADHD 33 26
Autisme 6 23
Angst/depressie 9 8
Definities: historische ontwikkeling
• Gall: relatie tussen hersenbeschadiging en specifieke uitval van
vaardigheden.
• Gedurende de ontwikkeling ontstaat uitval van een vaardigheid. De
uitval is specifiek, en onverwacht (nu is het omgedraaid, niet eerst
hersenuitval, maar eerst uitval vaardigheid).
Wat is van invloed op de vaardigheid?
1. Potentie (aanleg)
2. Factoren op school, vooral
instructie
3. Factoren thuis
1 = kind factor (vermogen)
2 en 3 = omgevingsfactoren
(gelegenheid)
Factoren in de thuisomgeving
Distale factoren (verafgelegen)
• SES
• Etniciteit (acculturatie)
• Thuistaal
Proximale processen
46
, Specifieke leerstoornis
1. Probleem in verwerven van vaardigheid in luisteren, spreken, lezen,
schrijven, spellen of rekenen
2. Probleem is het gevolg van een stoornis in één of meer basale
psychologische processen die van belang zijn voor het begrip en
gebruik van gesproken of geschreven taal
3. De term omvat condities als perceptuele handicap,
hersenbeschadiging, MBD, dyslexie en ontwikkelings- afasie
4. De term heeft geen betrekking op kinderen die leerproblemen
hebben die vooral het gevolg zijn van visuele, auditieve, of
motorische handicaps, of mentale retardatie, of emotionele of
gedragsproblemen, of door omgevings-, culturele of instructieve
factoren
Geen verwijzing naar onverwachtheid van de stoornis. Definitie gaat
vooral over wat een leerstoornis niet is. Biologisch deel ontbreekt ten dele.
College 2
Modellen voor het vaststellen van leerproblemen
1. Achterstandsmodel (low achievement
model)
Het is een model waarbij je volledig afgaat op de
vaardigheid. Er is een grensscore en wanneer je
daaronder valt heb je een leerprobleem.
Betrouwbaarheid
Kan je op een betrouwbare manier vaststellen wie
er boven de grens ligt en wie eronder? Er zit altijd
een meetfout in, maar dat geldt bij iedere test.
2. Discrepantiemodel (aptitude- achievement)
Vergelijking van wat een kind kan en wat hij nu bereikt. Wanneer dit
te groot is, is er sprake van een leerprobleem. (Gebruiken IQ test
voor wat hij nu zou moeten kunnen).
Betrouwbaarheid
Vaststellen van een discrepantie is niet zo betrouwbaar. Je hebt bij IQ
een meetfout en bij de lees-test of andere test heb je ook een
meetfout -> betrouwbaarheid wordt minder.
Problemen
- Moreel element (zijn alle kinderen hetzelfde moet iedereen gelijk
behandeld worden i.v.m. behandeling leerstoornis, wanneer heeft
iemand een leerstoornis en wanneer niet?)
46