Ak samenvatting H2:
2.1: Het gezicht van de aarde veranderd:
Na bacteriën zijn ontstaan:
1. Weekdieren
2. Schelpdieren
3. Vissen
4. Landplanten
5. Reptielen
6. Zoogdieren
Wetenschappers hebben daarvan een geologische tijdschaal gemaakt:
- Precambrium
o Tijd waarin continenten verschenen en de aarde meerdere malen bevroor.
o Het landoppervlak was kaal en er was alleen leven onderwater.
- Paleozoïcum
o Tijd waarin continenten zich samen voegden als het supercontinent Pangea.
- Mesozoïcum
o Tijd waarin de planten- en dierenwereld veranderde en Pangea viel uit elkaar.
- Kenozoïcum
o Tijd waarin langzaam het leven ontstond dat we nu kennen met aan einde de mens.
Massa-extincties = massaal uitsterven van leven op aarde.
65 jaar geleden was de laatste massa-extinctie.
Zie bron 5.
2.2: Het dagboek van de aarde:
Fossiel = een versteend overblijfsel van een (deel van) skelet of een afdruk van een dier of een plant.
In bron 7 zie je hoe een fossiel in een gesteente terecht komt.
Er zijn 3 soorten gesteenten:
- Sedimentgesteente:
o Het ontstaat doordat er laagjes zand of klei over elkaar heen zijn afgezet of
gesedimenteerd.
o De onderste laag is de oudste laag, dus hoe dichter bij het aardoppervlak, hoe jonger
de laag.
- Stollingsgesteente:
o Het ontstaat door vulkanische activiteit.
o Bv graniet, dat ontstaat door het ondergronds stollen van magma.
- Metamorf gesteente:
o Metamorf betekent dat het gesteente door hoge druk of hoge temperatuur
veranderd is.
o Bv marmer, dat ontstaat als kalksteen door hoge druk van bovenliggende lagen
veranderd.
2.1: Het gezicht van de aarde veranderd:
Na bacteriën zijn ontstaan:
1. Weekdieren
2. Schelpdieren
3. Vissen
4. Landplanten
5. Reptielen
6. Zoogdieren
Wetenschappers hebben daarvan een geologische tijdschaal gemaakt:
- Precambrium
o Tijd waarin continenten verschenen en de aarde meerdere malen bevroor.
o Het landoppervlak was kaal en er was alleen leven onderwater.
- Paleozoïcum
o Tijd waarin continenten zich samen voegden als het supercontinent Pangea.
- Mesozoïcum
o Tijd waarin de planten- en dierenwereld veranderde en Pangea viel uit elkaar.
- Kenozoïcum
o Tijd waarin langzaam het leven ontstond dat we nu kennen met aan einde de mens.
Massa-extincties = massaal uitsterven van leven op aarde.
65 jaar geleden was de laatste massa-extinctie.
Zie bron 5.
2.2: Het dagboek van de aarde:
Fossiel = een versteend overblijfsel van een (deel van) skelet of een afdruk van een dier of een plant.
In bron 7 zie je hoe een fossiel in een gesteente terecht komt.
Er zijn 3 soorten gesteenten:
- Sedimentgesteente:
o Het ontstaat doordat er laagjes zand of klei over elkaar heen zijn afgezet of
gesedimenteerd.
o De onderste laag is de oudste laag, dus hoe dichter bij het aardoppervlak, hoe jonger
de laag.
- Stollingsgesteente:
o Het ontstaat door vulkanische activiteit.
o Bv graniet, dat ontstaat door het ondergronds stollen van magma.
- Metamorf gesteente:
o Metamorf betekent dat het gesteente door hoge druk of hoge temperatuur
veranderd is.
o Bv marmer, dat ontstaat als kalksteen door hoge druk van bovenliggende lagen
veranderd.