Inleiding
“Wanneer u, zonder te weten, meesterwerken van kleur kunt maken, dan is het niet-weten uw weg.
Wanneer het u niet lukt om uit uw niet-weten meesterwerken van kleur te maken, dan moet u
zorgen u het weten eigen te maken”
Cézanne
- Pointilistische methode
- Onder modulatie van kleur verstond hij variaties naar warm-koud, licht-donker of dof-
stralend
- Hij schilderde het hele schilderij als eenheid wat betreft vorm, ritme en kleur
- Geheel opgebouwd volgens de werking van warm-koud
Henri Matisse
- Hoorde bij de Parijse groep Fauves
- Heeft van modulatie van kleur afgezien
- Bracht opnieuw eenvoudige kleurvlakken op expressieve wijze tot elkaar
Picasso, Braque en Gris
- Kubisten
- Gebruikten de kleur als licht-donker waarden
- Grootste belangen gingen uit naar vorm
Munch, Kirchner, Heckel, Nolde en schilders van Blaue Reiter (Kadinsky, Marc, Macke en Klee)
- Expressionisten
- Wilde schilderskunst weer een psychisch-spirtuele inhoud geven
- Kadinsky elke kleur bezit zijn eigen spirtuele expressiewaarde en hierdoor ook mogelijk
om zonder voorstelling een geestelijke werkelijkheid weer te geven
Conkrete kunst door o.a. Kupka, Delaunay, Malewitch, Arp, Mondriaan en Vantongerloo
- Voorstellingsloze, geometrische vormen en zuivere spectraakkleuren worden als reëel
grijpbare objecten verbeeld
- De vormen en kleuren zijn beeldende middelen die een duidelijke ordening in beeldopbouw
toelaten
Max Ernst, Salvador Dali etc.
- Surrealisten
- Hebben kleuren als expressiemiddel gebruikt om hun irrealiteiten schilderkunstig te kunnen
realiseren
- Wettenloos in vorm en kleur (Tauchisten)
Manet, Monet, Pisarro, Renoir en Sisley
- Impressionisten
- Bestudeerden de lokale kleur van dingen en de veranderingen van deze kleuren door zonlicht
- Kijken naar hoe kleur en licht gedurende de dag veranderd
, Natuurkundige bestudeert mengingen van gekleurd licht, de spectra van verschillende elementen,
de trillingsgetallen en de lengten van de verschillende kleurige golven. Ook meten en ordenen van
kleur
Scheikundige bestudeert de moleculaire samenstelling van de verfstoffen of pigmenten, de
problemen van de kleurbestendigheid en lichtechtheid, de bindmiddelen en fabricage van
synthetische verfstoffen
Fysioloog onderzoekt verschil in uitwerking van het licht en de kleuren op ons gezichtsvermogen,
ogen en hersenen en hun anatomische verhoudingen en functies. Licht-donker belangrijk en
verschijnsel van nábeeld
Psycholoog interesseert zich in de problemen van de uitwerking van kleurige stralingen op onze
psyche en geest. Kleurensymboliek, subjectieve kleurbepaling en kleurbegrenzing zijn belangrijke
thema’s.
Kunstenaar wil de werking van de kleur van de esthetische kant kennen en moet zowel
fysiologische als psychologische kennis bezitten
Esthetisch probleem van kleuren kan men in 3 opzichten beschouwen
1. Zintuiglijk-optisch (impressief)
2. Psychisch (expressief)
3. Intellectueel-symbolisch (constructief)
Kleurkarakter = zijn positie en plaat sin de kleurencirkel of de kleurenbol. Zowel primaire als alle
mengingen geven duidelijke kleurkarakters. Ook elke verandering van een kleurrealiteit door
simultane beïnvloedingen roept specifieke kleurkarakters op
Kleurtoon = als je de graad van helderheid of donkerte van een kleur wilt bepalen. Kan je op twee
manieren veranderen
1. Door mengen van de kleur met wit, zwart of grijs
2. Door mengen van twee kleuren van verschillende helderheid
Kleurwerkelijkheid en kleurwerking
Met kleurwerkelijkheid en kleurwerking wordt het natuurkundig-chemisch definieerbare en
analyseerbare pigment van de kleur – de kleurstof – bedoeld.
Een kleur kan pas zijn waarde krijgen door zijn verhouding tot een niet-kleur zoals zwart.
Een kleur kan op de ene kleur een andere dimensie krijgen dan op een andere kleur
De Harmonie van de kleuren
Harmonie van kleuren het bij elkaar passen van twee of meerdere kleuren
Kleuren met gelijke toonwaarden zijn kleuren die zonder sterke contrasten naast elkaar staan