Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting core business h 1 t/m 10

Rating
-
Sold
-
Pages
8
Uploaded on
20-01-2015
Written in
2014/2015

Samenvatting van 8 pagina's voor het vak ENE aan de HAN

Institution
Course

Content preview

Samenvatting hoofdstuk 1 t/m 20 Core Business
Hoofdstuk 1: De tijden van ‘be’
De onvoltooid tegenwoordige tijd
I am  ben
You are  bent
She/he/it is  is
We/you/they are  zijn
De onvoltooid verleden tijd
I was  was
You were  was
She/he/it was  was
We/you/they were  waren
De tegenwoordig toekomende tijd
I/you/she/he/it/we/you/they will be  zal/zult/zullen zijn
De verleden toekomende tijd
I/you/she/he/it/we/you/they would be  zou/zouden zijn
De voltooid tegenwoordige tijd
I/you have been  ben(t) geweest
She/he/it has been  is geweest
We/you/they have been  zijn geweest
De voltooid verleden tijd
I/you/she/he/it/we/you/they had been  was/waren geweest
Zou(den) geweest zijn
Zou/zouden geweest zijn  would have been
Liggen/staan/zitten
Liggen/staat/zat  are/is/was
Hoofdstuk 2: Woordvolgorde
Basisvolgorde: onderwerp-gezegde-meewerkend voorwerp-lijdend voorwerp
In een bevestigende zin staat het onderwerp altijd voor het gezegde.
Woorden van bepaalde tijd geven aan wanneer iets gebeurt (yesterday,
tomorrow etc.). Ze staan aan het eind of aan het begin van de zin.
Woorden van onbepaalde tijd geven aan hoe vaak iets gebeurt (always, never,
still, usually, probably etc.). Ze staan:

 Vlak voor het werkwoord
 Na het eerste werkwoord als er meer werkwoorden in de zin staan
 Na een vorm van ‘to be’

,  In een vraagzin: na het onderwerp

Woorden van plaats geven aan waar iets gebeurt. Ze staan aan het eind van
de zin.
Als een woord van plaats en een woord van tijd naast elkaar staan, dan komt
plaats voor tijd  PT.
Hoofdstuk 3: Spelling
Woorden die eindigen op –y
Voor de uitgang –s en –ed verandert de y in ie als er een medeklinker voor
staat.
Zelfstandige naamwoorden die eindigen op een klinker
Het meervoud van een zelfstandig naamwoord heeft een vaste s, dus ook
woorden die op een klinker eindigen.
Zelfstandige naamwoorden die eindigen op –o
Meervoud op –os
Euros
Photos etc.
Meervoud op –oes
Cargoes
Potatoes
Tomatoes
Heroes
In prijzen en bedragen kan ook het enkelvoud euro gebruikt worden.
Meervoud van afkortingen
Afkortingen krijgen een vaste s. De afkortingen worden met hoofdletters
geschreven en de meervoud-s met een kleine letter.
Verdubbeling van de eindmedeklinker
De eindmedeklinker wordt verdubbeld als de laatste lettergreep klemtoon heeft
en er maar één klinker staat. De regel geldt ook voor de uitgang –ing:
developing
Stop  stopped (één klinker met klemtoon)
Prefer  preferred (één klinker met klemtoon)
Develop  developed (geen klemtoon op de laatste lettergreep)
Book  booked (twee klinkers: oo)
Verdubbeling van de l
De l wordt altijd verdubbeld, behalve als er twee klinkers voor staan.
Uitzondering: dialled.
Geen koppelteken in aardrijkskundige namen
Maanden en dagen met een hoofdletter

, Full/ful/till/until
Full wordt met dubbele l geschreven. In samenstellingen altijd: ful.
Till met dubbele l, maar until één l.
Werkwoorden op –ize/-ise
Bijna alle werkwoorden op –ise kunnen ook worden geschreven met –ize. Je kunt
altijd –ise gebruiken.
Let op: adviseren=advise; advies=advice
Than/then
Groter dan  bigger than
Toen vertrok hij  Then he left
Hoofdstuk 4: Telwoorden
Spelling
Tussen tientallen (twenty, thirthy etc.) en eenheden (1-9) staat een koppelteken
(-).
Tweehonderd, tienduizend enzovoort zijn in het Engels twee losse woorden.
Hundred/thousand/million/billion
Voor hundred en thousand zet je a of one (ook voor million/billion maar dat
doen we in het Nederlands ook).
Na hundred en thousand volgt and; je gebruikt geen ‘and’ tussen duizend en
honderdtallen.
Komma/punt
In duizendtallen zet je een komma; voor decimalen zet je een punt. Dus precies
het tegenovergestelde van het Nederlands.
Rangtelwoorden
First (1st), second (2nd), third (3rd), fourth (4th), fifth (5th), sixth (6th) seventh
(7th), eighth (8th), ninth (9th), tenth (10th), twentieth (20th), thirtieth (30th),
thirty-first (31st).
Bij afkortingen gebruik je de laatste twee letters.
Let op de spelling van fifth, eighth, ninth, twelfth, twentieth.
Schrijfwijze datum
21 May, May 21, 21st May, May 21st
Een datum wordt uitgesproken als: the twenty-first of May bijvoorbeeld. Als je
een datum schrijft, wordt the en of niet gebruikt: He was born on 21 May.
Nul/tiental/eenmaal

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 20, 2015
Number of pages
8
Written in
2014/2015
Type
SUMMARY

Subjects

$4.55
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
Wietske1993
2.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
Wietske1993 Hogeschool Arnhem en Nijmegen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
6
Member since
13 year
Number of followers
5
Documents
6
Last sold
10 year ago

2.0

1 reviews

5
0
4
0
3
0
2
1
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions