SOCIAAL RECHT
ARBEIDSRECHT
Week 1 Loondoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid
Hoofdregel: Art. 7:627 BW – geen arbeid geen loon - .
Uitzondering: Art. 7:628 BW, wel loon wanneer de oorzaak in redelijkheid voor
rekening van de werkgever ligt.
Uitzondering: Art. 7:629 jo 7:629a BW, wel loon wanneer de oorzaak in
arbeidsongeschiktheid van de werknemer ligt.
Arbeidsongeschikt: “ … indien hij de bedongen arbeid niet heeft verricht
omdat
hij i.v.m. ongeschiktheid ten gevolge van ziekte,
zwangerschap of bevalling daartoe verhinderd was.” (7:629
lid 1 BW)
Bedongen arbeid: de arbeid die tussen werkgever en werknemer is
overeengekomen in de arbeidsovereenkomst.
Ziekte: verstoring van lichamelijke of geestelijke functies cq psychische toestand
(NB oorzaak van ziekte is irrelevant).
Wie controleert er of de werknemer ziek is?
- In beginsel eigen huisarts
- De werkgever kan ziekte controleren op grond van art. 7:629 lid 6 BW door
de bedrijfsarts/arbo arts in te schakelen (art. 14 Arbowet).
- Second opinion is mogelijk bij het UWV, dit wordt dan een
deskundigenoordeel genoemd (art. 32 SUWI/art. 7:629 BW)
Loondoorbetaling op grond van arbeidsongeschiktheid:
Wat is loon? > 7:617 BW: vormen van loon
• Definitie van de Hoge Raad
▫ een vergoeding
▫ door de werkgever verschuldigd
▫ aan de werknemer terzake van de bedongen
Arbeid
Art. 7:629 lid 1 BW; loondoorbetaling:
Gedurende 104 weken
70 % van het laatstverdiende loon
Tot maximum dagloon (nu € 198,28 bruto per dag)
Minimum eerste 52 weken: minimumloon (nu €
69,01 bruto per dag)
Let op: bij cao afwijking mogelijk! (eerste ziektejaar vaak 100%)
Let op: art. 7:629 lid 9 BW: eerste twee ziektedagen geen recht op loon
(mits schriftelijk overeengekomen)
Uitsluitingsgronden bij art. 7:629 (lid 3) BW
Sub a) ziekte is door werknemer zijn opzet veroorzaakt
Sub a) ziekte is het gevolg van een gebrek waaronder werknemer in het
kader van een aanstellingskeuring valse informatie heeft
verstrekt en daardoor de toetsing aan de voor de functie
, opgestelde belastbaarheidseisen niet juist kon worden
uitgevoerd.
Sub b) geen recht op loonbetaling voor de tijd waarin de werknemer
door zijn toedoen zijn genezing wordt belemmerd of vertraagd.
Sub c) geen recht op loonbetaling voor de tijd waarin de werknemer
zonder deugdelijke grond weigert passende arbeid (als
omschreven in art. 658a lid 4 BW) niet verricht.
Sub d) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer weigert een door de werkgever aangewezen
deskundige redelijke voorgeschreven voorschriften of getroffen
maatregelen die erop gericht zijn de werknemer in staat te stellen
passende arbeid te laten verrichten.
Sub e) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan
het opstellen of evalueren van een plan van aanpak.
Sub f) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer zonder deugdelijke grond zijn aanvraag voor WIA later
indient dan in art. 64 lid 1 Wet WIA is voorgeschreven.
Werkgever moet loonuitsluiting doorgeven aan werknemer (art. 7:629 lid 7 BW)
Recht op loon geldt weer op het moment dat de werknemer wel weer aan zijn
verplichtingen
voldoet, dit heeft echter geen terugwerkende kracht.
Duur van de loondoorbetaling
Duur van de loonbetaling is 104 weken:
De 104 weken beginnen te tellen vanaf 1e arbeidsongeschiktheidsdag.
Wanneer werknemer zich opnieuw ziek meldt binnen 4 weken na herstelmelding
dan gaat er geen
nieuwe periode van 104 weken lopen (oude periode doortellen).
NB. Als passende arbeid bedongen arbeid wordt: wel een nieuwe
periode van 104 weken als werknemer weer ziek wordt.
Jurisprudentie bij week 1:
J Cosmetische ingreep
Gaat over opzettelijk ziek zijn, ben je bij een cosmetische ingreep opzettelijk
ziek?
Tijdens de cosmetische ingreep zelf ben je niet ziek wanneer de
cosmetische ingreep medisch niet noodzakelijk is. Je kiest er immers zelf
voor.
Tijdens de herstelperiode van de cosmetische ingreep is er wel sprake van
ziekte aangezien de wet geen onderscheid maakt tussen aard en oorzaak
van de arbeidsongeschiktheid.
Er is echter in casu geen verplichting tot loondoorbetaling bij ziekte
aangezien er sprake is van opzet omdat de zieke werknemer hier
zekerbewust is tijdens de normale herstelperiode. Aangezien zij van te
voren wist hoe lang de herstelperiode zou zijn. Bij eventuele complicaties
is er wel recht op loondoorbetaling aangezien deze niet voorzien zijn.
Week 2 Re-integratie verplichtingen werknemer en werkgever
, Re-integratieverplichtingen werkgever vastgelegd in:
- Artt. 7:658a en 658b BW
- Artt. 25 Wet WIA en 71a WAO
- Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar
(Rpetz)
Maar ook:
- 7:611 BW
- Beleidsregels beoordelingskader poortwachter
Re-integratie plichten werkgever: 7:658a lid 1 BW
Re-integratie in …
1) eigen (= de bedongen arbeid) of aangepast eigen werk, als
dat niet kan dan
2) ander passend werk binnen de onderneming (eerste
spoor), als dat ook niet kan dan
3) ander passend werk buiten de onderneming (tweede
spoor)
Werkgever moet er voor zorgen dat de werknemer zo dicht mogelijk bij de
bedongen arbeid blijft. De
re-integratie inspanningen moeten er op gericht zijn om herstel te bevorderen.
De inspanning van de werkgever is o.a. afhankelijk van de ernst
van de beperkingen van de werknemer, omvang van de
organisatie, financiële belasting werkgever en de oorzaak van de
arbeidsongeschiktheid.
Verplichtingen werknemer:
Re-integratieverplichtingen wn vastgelegd in:
- Art. 7:660a BW
- Art. 28 Wet WIA
- Rpetz (Regeling procesgang eerste en tweede
ziektejaar)
Maar ook:
- 7:611 BW
- Beleidsregels beoordelingskader poortwachter
Geschillen over re-integratie: werkgever en werknemer kunnen beide een second
opinion (deskundigenoordeel) aanvragen in verband met de re-integratie op
grond van art. 7:629a BW jo 7:629b BW en art. 32 lid 2 jo 3 wet SUWI.
Procesverloop re-integratie gedurende 104 weken loondoorbetaling:
1. Werknemer meldt zich zo snel mogelijk ziek aan de werkgever (art. 7:611
BW)
2. Werkgever meldt de ziekte aan de bedrijfsarts of arbodienst (art. 2 Rpetz,
art. 14 Arbowet)
3. Bedrijfsarts maakt een probleemanalyse binnen zes weken voor de
werkgever(oftewel: oordeel) (art. 2 lid 2 jo 3 Rpetz) bij ‘dreigend langdurig
ziekteverzuim’.
4. Werkgever houdt een dossier bij (art. 3 Rpetz, art. 25 Wet WIA).
ARBEIDSRECHT
Week 1 Loondoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid
Hoofdregel: Art. 7:627 BW – geen arbeid geen loon - .
Uitzondering: Art. 7:628 BW, wel loon wanneer de oorzaak in redelijkheid voor
rekening van de werkgever ligt.
Uitzondering: Art. 7:629 jo 7:629a BW, wel loon wanneer de oorzaak in
arbeidsongeschiktheid van de werknemer ligt.
Arbeidsongeschikt: “ … indien hij de bedongen arbeid niet heeft verricht
omdat
hij i.v.m. ongeschiktheid ten gevolge van ziekte,
zwangerschap of bevalling daartoe verhinderd was.” (7:629
lid 1 BW)
Bedongen arbeid: de arbeid die tussen werkgever en werknemer is
overeengekomen in de arbeidsovereenkomst.
Ziekte: verstoring van lichamelijke of geestelijke functies cq psychische toestand
(NB oorzaak van ziekte is irrelevant).
Wie controleert er of de werknemer ziek is?
- In beginsel eigen huisarts
- De werkgever kan ziekte controleren op grond van art. 7:629 lid 6 BW door
de bedrijfsarts/arbo arts in te schakelen (art. 14 Arbowet).
- Second opinion is mogelijk bij het UWV, dit wordt dan een
deskundigenoordeel genoemd (art. 32 SUWI/art. 7:629 BW)
Loondoorbetaling op grond van arbeidsongeschiktheid:
Wat is loon? > 7:617 BW: vormen van loon
• Definitie van de Hoge Raad
▫ een vergoeding
▫ door de werkgever verschuldigd
▫ aan de werknemer terzake van de bedongen
Arbeid
Art. 7:629 lid 1 BW; loondoorbetaling:
Gedurende 104 weken
70 % van het laatstverdiende loon
Tot maximum dagloon (nu € 198,28 bruto per dag)
Minimum eerste 52 weken: minimumloon (nu €
69,01 bruto per dag)
Let op: bij cao afwijking mogelijk! (eerste ziektejaar vaak 100%)
Let op: art. 7:629 lid 9 BW: eerste twee ziektedagen geen recht op loon
(mits schriftelijk overeengekomen)
Uitsluitingsgronden bij art. 7:629 (lid 3) BW
Sub a) ziekte is door werknemer zijn opzet veroorzaakt
Sub a) ziekte is het gevolg van een gebrek waaronder werknemer in het
kader van een aanstellingskeuring valse informatie heeft
verstrekt en daardoor de toetsing aan de voor de functie
, opgestelde belastbaarheidseisen niet juist kon worden
uitgevoerd.
Sub b) geen recht op loonbetaling voor de tijd waarin de werknemer
door zijn toedoen zijn genezing wordt belemmerd of vertraagd.
Sub c) geen recht op loonbetaling voor de tijd waarin de werknemer
zonder deugdelijke grond weigert passende arbeid (als
omschreven in art. 658a lid 4 BW) niet verricht.
Sub d) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer weigert een door de werkgever aangewezen
deskundige redelijke voorgeschreven voorschriften of getroffen
maatregelen die erop gericht zijn de werknemer in staat te stellen
passende arbeid te laten verrichten.
Sub e) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan
het opstellen of evalueren van een plan van aanpak.
Sub f) geen recht op loonbetaling gedurende de tijd waarin de
werknemer zonder deugdelijke grond zijn aanvraag voor WIA later
indient dan in art. 64 lid 1 Wet WIA is voorgeschreven.
Werkgever moet loonuitsluiting doorgeven aan werknemer (art. 7:629 lid 7 BW)
Recht op loon geldt weer op het moment dat de werknemer wel weer aan zijn
verplichtingen
voldoet, dit heeft echter geen terugwerkende kracht.
Duur van de loondoorbetaling
Duur van de loonbetaling is 104 weken:
De 104 weken beginnen te tellen vanaf 1e arbeidsongeschiktheidsdag.
Wanneer werknemer zich opnieuw ziek meldt binnen 4 weken na herstelmelding
dan gaat er geen
nieuwe periode van 104 weken lopen (oude periode doortellen).
NB. Als passende arbeid bedongen arbeid wordt: wel een nieuwe
periode van 104 weken als werknemer weer ziek wordt.
Jurisprudentie bij week 1:
J Cosmetische ingreep
Gaat over opzettelijk ziek zijn, ben je bij een cosmetische ingreep opzettelijk
ziek?
Tijdens de cosmetische ingreep zelf ben je niet ziek wanneer de
cosmetische ingreep medisch niet noodzakelijk is. Je kiest er immers zelf
voor.
Tijdens de herstelperiode van de cosmetische ingreep is er wel sprake van
ziekte aangezien de wet geen onderscheid maakt tussen aard en oorzaak
van de arbeidsongeschiktheid.
Er is echter in casu geen verplichting tot loondoorbetaling bij ziekte
aangezien er sprake is van opzet omdat de zieke werknemer hier
zekerbewust is tijdens de normale herstelperiode. Aangezien zij van te
voren wist hoe lang de herstelperiode zou zijn. Bij eventuele complicaties
is er wel recht op loondoorbetaling aangezien deze niet voorzien zijn.
Week 2 Re-integratie verplichtingen werknemer en werkgever
, Re-integratieverplichtingen werkgever vastgelegd in:
- Artt. 7:658a en 658b BW
- Artt. 25 Wet WIA en 71a WAO
- Regeling procesgang eerste en tweede ziektejaar
(Rpetz)
Maar ook:
- 7:611 BW
- Beleidsregels beoordelingskader poortwachter
Re-integratie plichten werkgever: 7:658a lid 1 BW
Re-integratie in …
1) eigen (= de bedongen arbeid) of aangepast eigen werk, als
dat niet kan dan
2) ander passend werk binnen de onderneming (eerste
spoor), als dat ook niet kan dan
3) ander passend werk buiten de onderneming (tweede
spoor)
Werkgever moet er voor zorgen dat de werknemer zo dicht mogelijk bij de
bedongen arbeid blijft. De
re-integratie inspanningen moeten er op gericht zijn om herstel te bevorderen.
De inspanning van de werkgever is o.a. afhankelijk van de ernst
van de beperkingen van de werknemer, omvang van de
organisatie, financiële belasting werkgever en de oorzaak van de
arbeidsongeschiktheid.
Verplichtingen werknemer:
Re-integratieverplichtingen wn vastgelegd in:
- Art. 7:660a BW
- Art. 28 Wet WIA
- Rpetz (Regeling procesgang eerste en tweede
ziektejaar)
Maar ook:
- 7:611 BW
- Beleidsregels beoordelingskader poortwachter
Geschillen over re-integratie: werkgever en werknemer kunnen beide een second
opinion (deskundigenoordeel) aanvragen in verband met de re-integratie op
grond van art. 7:629a BW jo 7:629b BW en art. 32 lid 2 jo 3 wet SUWI.
Procesverloop re-integratie gedurende 104 weken loondoorbetaling:
1. Werknemer meldt zich zo snel mogelijk ziek aan de werkgever (art. 7:611
BW)
2. Werkgever meldt de ziekte aan de bedrijfsarts of arbodienst (art. 2 Rpetz,
art. 14 Arbowet)
3. Bedrijfsarts maakt een probleemanalyse binnen zes weken voor de
werkgever(oftewel: oordeel) (art. 2 lid 2 jo 3 Rpetz) bij ‘dreigend langdurig
ziekteverzuim’.
4. Werkgever houdt een dossier bij (art. 3 Rpetz, art. 25 Wet WIA).