inhoud:
Boeken:
1. Inge Bleijenbergh (2013). Kwalitatief onderzoek
in organisaties, Boom Lemma, Den Haag (119
blz.)
2. Peter Swanborn (2013) Case-study’s: wat,
wanneer en hoe? Boom Lemma, Den Haag (170
blz.)
Artikelen:
1. Corbin, J. & Strauss, A. (2008) Basics of qualitative
research. Sage: Los Angeles, pp 65-86 (Chapter 4).
2. Gorden, R. (1998) Basic Interviewing Skills, Long
Grove: Waveland Press. pp 1-41 (Chapter 1, 2 & 3).
3. Spradley, J. (1980) Participant observation,
Harcourt Brace Jovanovich College Publishers. Forth
Worth, pp 38-62 (Chapter 1 & 2).
,Bleijenberg: kwalitatief onderzoek in organisaties
Hoofdstuk 1: kwalitatief onderzoek in organisaties
In alle gevallen dat je een onderzoek wilt beginnen, begin je met een algemeen
idee over het onderwerp dat en de organisatie die je wilt onderzoeken.
1.1. De onderzoek cyclus
Onderzoek is een cyclisch proces dat bestaat uit verschillende fasen die je
achtereenvolgens, maar soms ook gelijktijdig, doorloopt. Een onderzoek omvat
de fasen van het formuleren van een doelstelling en een vraagstelling, het
meetbaar maken van de begrippen die je wilt onderzoeken (het plan voor
dataverzameling), het verzamelen van data, het analyseren daarvan en het
beantwoorden van de vraagstelling doormiddel van een conclusie en discussie.
Dat onderzoek een cyclisch proces is, houdt in dat je als onderzoeker tijdens het
onderzoekstraject regelmatig terugkeert naar een eerdere fase van je onderzoek,
om aan de hand van voortschrijdend inzicht, zaken bij te stellen.
1.2. Kwalitatief onderzoek
Kwalitatief onderzoek betreft alle vormen van onderzoek die gericht zijn op het
verzamelen en interpreteren van talig materiaal om op basis daarvan uitspraken
te doen over een (sociaal) verschijnsel in de werkelijkheid. Kwantitatief
onderzoek is gericht op het verzamelen van cijfermateriaal, zoals reeksen scores
in een survey onderzoek, over een sociaal verschijnsel.
Empirisch materiaal in kwalitatief onderzoek kan bijvoorbeeld bestaan uit
transcripties van interviews, verslagen van observaties en documenten. Iemand
die kwalitatief onderzoek doet kan in dezelfde tijdsperiode minder
waarnemingseenheden onderzoeken dan iemand die arbeidsextensief
kwantitatief onderzoek doet. De reden hiervoor is dat het meer tijd kost om
antwoord te geven op een vraag dan iemand die aankruist of hij/zij het eens is
met een bepaalde stelling. De intensiteit van de dataverzameling bij kwalitatief
onderzoek kost weliswaar relatief veel tijd, maar levert ook rijk materiaal op. Dat
komt doordat een open interview een uitgebreid gesprek is en veel kennis
oplevert over de wijze waarop iemand een situatie beleeft en over de context van
het probleem dat centraal staat.
1.3. Onderzoek binnen organisatie
Onder een organisatie verstaan we in dit boek een min of meer formeel
samenwerkingsverband tussen groepen mensen gericht op een
gemeenschappelijk doel. Of het onderzoek nu uitgevoerd wordt door
professionele organisaties of non-profit organisaties en of het onderzoek nu
betrekking heeft op vrijwilligers organisaties of een stichting. Het onderzoek heeft
altijd betrekking op het sociale handelen van mensen binnen organisaties.
Kwalitatief onderzoek is geschikt om uitspraken te doen over processen in de tijd,
betekenis van bepaalde verschijnselen, organisatieculturen en de context van
een bepaald verschijnsel. Daarom kunnen we zeggen dat kwalitatief onderzoek
geschikt is voor het onderzoeken van meervoudige causaliteit, ofwel het
beschrijven van de wijze waarop meerdere oorzaken van een verschijnsel met
elkaar samenhangen. Kwantitatief onderzoek daarentegen is geschikt om
algemene uitspraken te doen over de samenhang tussen een groter aantal
variabelen. In kwantitatief onderzoek helpen veel waarnemingseenheden om
precieze uitspraken te doen over een relatief klein aantal causale relaties. In
, kwalitatief is een groot aantal causale relaties omgekeerd evenredig aan het
kleine aantal waarnemingseenheden. Bij kwalitatief onderzoek is er dan ook vaak
sprake van een bepaald verband, maar hoe sterk dat dit verband is bij andere
mensen dan de geïnterviewde is onzeker. Dit wordt ook wel analytische
generalisatie genoemd.
1.4. Mixed-methods onderzoek
Een combinatie van kwalitatieve en kwantitatieve methoden is vaak heel
geschikt om een sociaal verschijnsel volledig in kaart te brengen. Beide vormen
van dataverzameling (en bijbehorende verschillende vormen van analyse) vullen
elkaar uitstekend aan en kunnen elkaars tekortkomingen compenseren. In dit
boek wordt echter ingegaan op de analyse vormen die bij kwalitatief onderzoek
horen.
1.5. Theoretische of praktische doelstelling
De doelstelling van een kwalitatief onderzoek in een organisatie kan zowel
theoretisch als praktisch van aard zijn. Een theoretische doelstelling is
bijvoorbeeld het leveren van een bijdrage aan theorieën die een bepaald aspect
van de werkelijkheid in organisaties beschrijven of verklaren. Een praktische
doelstelling ligt meer op het terrein van het verklaren, evalueren of verbeteren
van de situatie in een concrete organisatie. Kwalitatief onderzoek kan bijdragen
aan de kennis over de situatie in een bepaalde organisatie en van daaruit
mogelijkheden aanreiken om deze processen verder te verbeteren.
Hoofdstuk 2: doelstelling en vraagstelling
Het formuleren van een goede doelstelling is van essentieel belang om je
onderzoek tot een goede einde te brengen. Dit hoofdstuk beoogt te laten zien
waarom het belangrijk is tijd en moeite te investeren in het formuleren van een
doelstelling. Door duidelijk op papier te zetten wat je met het onderzoek wilt
bereiken, stuur je het onderzoeksproces in een goede richting en leg je de basis
voor de verschillende stappen in het onderzoeksproces. De doelstelling vormt de
basis voor je vraagstelling, maar helpt ook bij het bepalen van de
onderzoeksstrategie en het soort data dat je gaat verzamelen.
2.1. De doelstelling
De doelstelling is een methodologische hulpmiddel, dat beknopt en kernachtig
vastlegt welke bijdrage het onderzoek beoogt te leveren. Dat kan een bijdrage
zijn aan wetenschappelijke kennis over verschijnselen in organisaties of een
bijdrage aan het verbeteren van de praktijk in een concrete organisatie. Door de
bijdrage zorgvuldig te formuleren breng je sturing en richting aan in je onderzoek.
De belangrijkste functie van de doelstelling is dat deze de basis legt voor de
centrale vraagstelling van het onderzoek. Een goede vraagstelling is de meest
kernachtige weergave van datgene wat je in dit onderzoek beoogt te leveren, de
vraagstelling laat zien welke kennis hier voor nodig is. In methodologische
termen: de vraagstelling zet het externe doel van het onderzoek (de bijdrage die
je met het onderzoeksproject wilt leveren) om in een intern doel (de soort kennis
die nodig is om die bijdrage te leveren. Een goede vraagstelling helpt de
onderzoeker om de dataverzameling en analyse zodanig te sturen dat aan het
einde van het onderzoek de kennis is verkregen die nodig is om de beoogde
bijdrage ook te kunnen leveren.
2.2. theoriegericht onderzoek