Pedagogiek jaar 1 periode 1: interculturele psychologie
De hechtheid van een cultuur verwijst naar de mate waarin er sterke sociale normen bestaan binnen een
cultuur en of er sancties zijn als deze worden overtreden. Het is geïntroduceerd door Pelto.
Locus of control/beheersingsoriëntatie (Rotter): de mate waarin personen controle ervaren over hun gedrag
in relatie met anderen en met hun omgeving.
Mensen met een interne beheersingsoriëntatie (Amerikanen en Europeanen) vinden dat zijzelf hun gedrag
bepalen, mensen met een externe beheersingsoriëntatie (collectivistische culturen) vinden dat hun gedrag
afhankelijk is van anderen en de omgeving.
Er is sprake van discriminatie (ongerechtvaardigd negatief/schadelijk handelen tegen een groep wanneer
stereotypen en vooroordelen ook ons gedrag beïnvloeden i.p.v. alleen onze gedachten en gevoelens.
Er is sprake van vooroordelen omdat verschillen tussen ons en anderen vergroot en op een verkleurt
worden waargenomen zodat wijzelf er altijd iets beter van worden.
Stereotype threat: het feit dat je weet dat je tot een bepaalde stereotype groep hoort zorgt ervoor dat je je
angstig voelt als je getest wordt op vaardigheden die te maken heeft met dat domein.
De minst effectieve manier om vooroordelen en discriminatie tegen te gaan is verspreiding van informatie
(want mensen nemen vertekend waar). Er moet gefocust worden op verandering van situatie of gedrag.
Intergroepsproblemen kunnen het beste verkleind worden door samenwerking of door het aangeven van
gemeenschappelijke doelen. Bij contacthypothese is het gemeenschappelijke doel een voorwaarde, maar
ook bij de sociale-identiteitstheorie werkt hij coöperatie kan zorgen voor gewenste attributieprocessen
Collectivistische landen vs. individualistische landen:
Individualistisch: mensen komen vooral voor zichzelf op, banden met de samenleving is los.
Collectivistisch: mensen komen op voor de belangen van de groep waartoe ze behoren.
Individualistische landen zijn lagecontextculturen, communicatie is expliciet: wat gezegd wordt is wat er
bedoeld wordt. Collectivistische landen zijn hogecontextculturen, communicatie is impliciet: slechts een
deel van de bedoelde boodschap wordt in woorden uitgesproken, de rest moet afgeleid worden uit de
kennis van de ontvanger, de setting van de communicatie en impliciete signalen van de boodschapper.
In individualistische landen is het delen van persoonlijke informatie essentieel: je wilt weten wat je aan
de ander hebt. In collectivistische landen is het belangrijk om te weten over iemands positie of status: zo
weet je hoe iemand met iemand omgaat.
Privacy is in individualistische landen belangrijker dan in collectivistische landen.
Praten is voor iemand uit een individualistische cultuur een manier tot dominantie, in collectivistische
culturen zorgt stiltes vormen (beïnvloedingsgedrag) voor dominantie.
Vermijdingsgedrag komt meer voor in collectivistische landen, forcerend gedrag meer in individualistisch
In westerse culturen ligt het accent op persoonlijke autonomie en formele logica aandacht voor
specifieke objecten en categorieën
In oosterse culturen ligt het accent op harmonie en contextueel begrip van situaties aandacht voor
alle elementen in de visuele omgeving, inclusief de bredere context en relaties tussen de onderdelen
De opvatting van fysiek contact tussen mannen en vrouwen is afhankelijk van de mate waarin een cultuur
masculiene of feminien is.
In oppervlakkige contacten tussen leden van culturele groepen domineert een collectieve identiteit (‘ik ben
Nederlander, hij een Marrokaan’). De ander wordt dus gezien als vertegenwoordiger van een categorie ipv
een individu met bepaalde eigenschappen.
De hechtheid van een cultuur verwijst naar de mate waarin er sterke sociale normen bestaan binnen een
cultuur en of er sancties zijn als deze worden overtreden. Het is geïntroduceerd door Pelto.
Locus of control/beheersingsoriëntatie (Rotter): de mate waarin personen controle ervaren over hun gedrag
in relatie met anderen en met hun omgeving.
Mensen met een interne beheersingsoriëntatie (Amerikanen en Europeanen) vinden dat zijzelf hun gedrag
bepalen, mensen met een externe beheersingsoriëntatie (collectivistische culturen) vinden dat hun gedrag
afhankelijk is van anderen en de omgeving.
Er is sprake van discriminatie (ongerechtvaardigd negatief/schadelijk handelen tegen een groep wanneer
stereotypen en vooroordelen ook ons gedrag beïnvloeden i.p.v. alleen onze gedachten en gevoelens.
Er is sprake van vooroordelen omdat verschillen tussen ons en anderen vergroot en op een verkleurt
worden waargenomen zodat wijzelf er altijd iets beter van worden.
Stereotype threat: het feit dat je weet dat je tot een bepaalde stereotype groep hoort zorgt ervoor dat je je
angstig voelt als je getest wordt op vaardigheden die te maken heeft met dat domein.
De minst effectieve manier om vooroordelen en discriminatie tegen te gaan is verspreiding van informatie
(want mensen nemen vertekend waar). Er moet gefocust worden op verandering van situatie of gedrag.
Intergroepsproblemen kunnen het beste verkleind worden door samenwerking of door het aangeven van
gemeenschappelijke doelen. Bij contacthypothese is het gemeenschappelijke doel een voorwaarde, maar
ook bij de sociale-identiteitstheorie werkt hij coöperatie kan zorgen voor gewenste attributieprocessen
Collectivistische landen vs. individualistische landen:
Individualistisch: mensen komen vooral voor zichzelf op, banden met de samenleving is los.
Collectivistisch: mensen komen op voor de belangen van de groep waartoe ze behoren.
Individualistische landen zijn lagecontextculturen, communicatie is expliciet: wat gezegd wordt is wat er
bedoeld wordt. Collectivistische landen zijn hogecontextculturen, communicatie is impliciet: slechts een
deel van de bedoelde boodschap wordt in woorden uitgesproken, de rest moet afgeleid worden uit de
kennis van de ontvanger, de setting van de communicatie en impliciete signalen van de boodschapper.
In individualistische landen is het delen van persoonlijke informatie essentieel: je wilt weten wat je aan
de ander hebt. In collectivistische landen is het belangrijk om te weten over iemands positie of status: zo
weet je hoe iemand met iemand omgaat.
Privacy is in individualistische landen belangrijker dan in collectivistische landen.
Praten is voor iemand uit een individualistische cultuur een manier tot dominantie, in collectivistische
culturen zorgt stiltes vormen (beïnvloedingsgedrag) voor dominantie.
Vermijdingsgedrag komt meer voor in collectivistische landen, forcerend gedrag meer in individualistisch
In westerse culturen ligt het accent op persoonlijke autonomie en formele logica aandacht voor
specifieke objecten en categorieën
In oosterse culturen ligt het accent op harmonie en contextueel begrip van situaties aandacht voor
alle elementen in de visuele omgeving, inclusief de bredere context en relaties tussen de onderdelen
De opvatting van fysiek contact tussen mannen en vrouwen is afhankelijk van de mate waarin een cultuur
masculiene of feminien is.
In oppervlakkige contacten tussen leden van culturele groepen domineert een collectieve identiteit (‘ik ben
Nederlander, hij een Marrokaan’). De ander wordt dus gezien als vertegenwoordiger van een categorie ipv
een individu met bepaalde eigenschappen.