Hoorcollege 3
Winst
Jaarwinst
Is onderdeel van de totaalwinst (gesplitst per jaar).
Totaalwinst (art. 3.8 Wet IB 2001)
Winst uit onderneming (winst) is het bedrag van de gezamenlijke voordelen die, onder welke
naam en in welke vorm dan ook, worden verkregen uit een onderneming.
Verschil tussen eindvermogen en beginvermogen gedurende gehele looptijd, verminderd
met de stortingen en opgeteld de onttrekkingen.
Er zijn hier dus een aantal inbreuken op.
Jaarwinst (art. 3.25 Wet IB 2001)
De in een kalenderjaar genoten winst wordt bepaald volgens goed koopmansgebruik, met
inachtneming van een bestendige gedragslijn die onafhankelijk is van de vermoedelijke
uitkomst. De bestendige gedragslijn kan alleen worden gewijzigd indien
goedkoopmansgebruik dit rechtvaardigt.
Per jaar kijken wat de winst in dat jaar is die genoten is. Er kunnen hier ook een aantal
inbreuken op zijn.
Dit geldt ook voor de Vpb via de schakelbepaling.
Goed koopmansgebruik
Een begrip dat voortdurend in ontwikkeling is. Het kan zo zijn dat dat gkg gewijzigd kan
worden door diverse instanties.
Een stelsel van jaarlijkse winstbepaling moet als strokende met goed koopmansgebruik
worden aanvaard indien dat stelsel is gegrond op bedrijfseconomisch inzicht, tenzij dit in
strijd is met:
Tekst van de belastingwet;
Algemene opzet van de belastingwet, of;
Een beginsel van de belastingwet.
Goed koopmansgebruik - Hoofdbeginselen
Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad kunnen drie hoofdbeginselen worden
onderscheiden:
1. Realiteitsbeginsel;
2. Voorzichtigheidsbeginsel;
3. Eenvoudbeginsel.
,Goed koopmansgebruik – Realiteitsbeginsel
Substance over form: vaststelling van jaarwinst met realiteitszin.
Deelbeginselen:
Veroorzakingsbeginsel: anticipatieposten bij vooruitbetaalde of –ontvangen
bedragen;
Matchingbeginsel: kosten dienen in de tijd te worden gerelateerd aan de
opbrengsten;
Realisatiebeginsel: uiterlijk winstnemen als goed/dienst is vervangen door
geld/vordering.
Hedging/Samenhangende waardering. --> waardering van vorderingen en schulden die
tegenover elkaar staan.
Goed koopmansgebruik – Voorzichtigheidsbeginsel
Verliezen nemen zodra deze voorzienbaar zijn; winsten nemen als deze werkelijk zijn
behaald.
Voorbeeld: Kostprijs of lagere bedrijfswaarde
Een nog niet gerealiseerde winst hoeft nog niet te worden verantwoord, maar een nog niet
gerealiseerd verlies wel.
Goed koopmansgebruik – Eenvoudbeginsel
Het door de belastingplichtige gekozen stelsel moet praktisch en controleerbaar zijn.
Voorbeeld uit de jurisprudentie
Kleine overlopende posten kunnen worden verwaarloosd, aldus Hof ’s-Gravenhage 10
september 1969, nr. 56/1969, BNB 1970/197 inzake vooruitbetaalde motorrijtuigenbelasting
die ineens ten laste van de winst mocht worden gebracht.
Als het wordt vooruitbetaald, dan zou je de kosten als transitorische post voor volgend jaar
moeten opnemen. Maar kleine kosten, kun je toch in dat jaar ten laste van het resultaat
brengen (uit eenvoud oogpunt).
Activa
Hoe uit gkg hierop?
Activa zijn alle bezittingen van een onderneming.
Liquide middelen bestaan uit kas en bank.
, Waardering van activa – liquide middelen en vorderingen
Wat is het waarde van activa.
Liquide middelen
nominale waarde (hierna: NW);
euro = euro;
in het geval van vreemde valuta: NW = wisselkoers op balansdatum.
Vorderingen
NW (nominale waarde) is de hoofdregel, tenzij uitzondering;
Contante waarde: bij geen of een te lage (zakelijke) rente, bij een te lage rente kun je
niet volledige nominale waarde opnemen;
In het geval van vreemde valuta:
o Historische koers of lagere koers op balansdatum (langlopend, > 1 jaar);
o De koers op balansdatum (kortlopend, < 1 jaar);
o Samenhangende waardering met een schuld in dezelfde vreemde valuta;
Dubieuze debiteuren (kans dat je terugkrijgt is 50%, daarom kan je de nominale
waarde niet waarderen, je kan het wel afwaarderen).
Waardering van activa – opdracht A
Langlopende vordering van 100.000 USD. Deze vordering is verkregen op 1 januari 2018
tegen een wisselkoers van 1 USD = 1 EUR.
Stel: Op 31 december 2018 is de wisselkoers 1,25 USD = 1 EUR.
– Stijgt of daalt de dollar in waarde?
De dollar daalt in waarde, want men moet nu 1,25 USD betalen voor 1 EUR, in plaats van
1 USD voor 1 EUR.
– Wat is de waarde van de vordering per 31/12/’18 a.g.v. de wijziging in de
wisselkoers?
100.000 USD * (1/1,25) = 80.000 EUR
– Wat is de waardering op de balans per 31/12/’18 volgens goedkoopmansgebruik?
Historische koers of lagere koers op balansdatum, dus € 80.000
Want: In het geval van vreemde valuta:
- Historische koers of lagere koers op balansdatum (langlopend, > 1 jaar).
De laagste van die twee.
Winst
Jaarwinst
Is onderdeel van de totaalwinst (gesplitst per jaar).
Totaalwinst (art. 3.8 Wet IB 2001)
Winst uit onderneming (winst) is het bedrag van de gezamenlijke voordelen die, onder welke
naam en in welke vorm dan ook, worden verkregen uit een onderneming.
Verschil tussen eindvermogen en beginvermogen gedurende gehele looptijd, verminderd
met de stortingen en opgeteld de onttrekkingen.
Er zijn hier dus een aantal inbreuken op.
Jaarwinst (art. 3.25 Wet IB 2001)
De in een kalenderjaar genoten winst wordt bepaald volgens goed koopmansgebruik, met
inachtneming van een bestendige gedragslijn die onafhankelijk is van de vermoedelijke
uitkomst. De bestendige gedragslijn kan alleen worden gewijzigd indien
goedkoopmansgebruik dit rechtvaardigt.
Per jaar kijken wat de winst in dat jaar is die genoten is. Er kunnen hier ook een aantal
inbreuken op zijn.
Dit geldt ook voor de Vpb via de schakelbepaling.
Goed koopmansgebruik
Een begrip dat voortdurend in ontwikkeling is. Het kan zo zijn dat dat gkg gewijzigd kan
worden door diverse instanties.
Een stelsel van jaarlijkse winstbepaling moet als strokende met goed koopmansgebruik
worden aanvaard indien dat stelsel is gegrond op bedrijfseconomisch inzicht, tenzij dit in
strijd is met:
Tekst van de belastingwet;
Algemene opzet van de belastingwet, of;
Een beginsel van de belastingwet.
Goed koopmansgebruik - Hoofdbeginselen
Uit de jurisprudentie van de Hoge Raad kunnen drie hoofdbeginselen worden
onderscheiden:
1. Realiteitsbeginsel;
2. Voorzichtigheidsbeginsel;
3. Eenvoudbeginsel.
,Goed koopmansgebruik – Realiteitsbeginsel
Substance over form: vaststelling van jaarwinst met realiteitszin.
Deelbeginselen:
Veroorzakingsbeginsel: anticipatieposten bij vooruitbetaalde of –ontvangen
bedragen;
Matchingbeginsel: kosten dienen in de tijd te worden gerelateerd aan de
opbrengsten;
Realisatiebeginsel: uiterlijk winstnemen als goed/dienst is vervangen door
geld/vordering.
Hedging/Samenhangende waardering. --> waardering van vorderingen en schulden die
tegenover elkaar staan.
Goed koopmansgebruik – Voorzichtigheidsbeginsel
Verliezen nemen zodra deze voorzienbaar zijn; winsten nemen als deze werkelijk zijn
behaald.
Voorbeeld: Kostprijs of lagere bedrijfswaarde
Een nog niet gerealiseerde winst hoeft nog niet te worden verantwoord, maar een nog niet
gerealiseerd verlies wel.
Goed koopmansgebruik – Eenvoudbeginsel
Het door de belastingplichtige gekozen stelsel moet praktisch en controleerbaar zijn.
Voorbeeld uit de jurisprudentie
Kleine overlopende posten kunnen worden verwaarloosd, aldus Hof ’s-Gravenhage 10
september 1969, nr. 56/1969, BNB 1970/197 inzake vooruitbetaalde motorrijtuigenbelasting
die ineens ten laste van de winst mocht worden gebracht.
Als het wordt vooruitbetaald, dan zou je de kosten als transitorische post voor volgend jaar
moeten opnemen. Maar kleine kosten, kun je toch in dat jaar ten laste van het resultaat
brengen (uit eenvoud oogpunt).
Activa
Hoe uit gkg hierop?
Activa zijn alle bezittingen van een onderneming.
Liquide middelen bestaan uit kas en bank.
, Waardering van activa – liquide middelen en vorderingen
Wat is het waarde van activa.
Liquide middelen
nominale waarde (hierna: NW);
euro = euro;
in het geval van vreemde valuta: NW = wisselkoers op balansdatum.
Vorderingen
NW (nominale waarde) is de hoofdregel, tenzij uitzondering;
Contante waarde: bij geen of een te lage (zakelijke) rente, bij een te lage rente kun je
niet volledige nominale waarde opnemen;
In het geval van vreemde valuta:
o Historische koers of lagere koers op balansdatum (langlopend, > 1 jaar);
o De koers op balansdatum (kortlopend, < 1 jaar);
o Samenhangende waardering met een schuld in dezelfde vreemde valuta;
Dubieuze debiteuren (kans dat je terugkrijgt is 50%, daarom kan je de nominale
waarde niet waarderen, je kan het wel afwaarderen).
Waardering van activa – opdracht A
Langlopende vordering van 100.000 USD. Deze vordering is verkregen op 1 januari 2018
tegen een wisselkoers van 1 USD = 1 EUR.
Stel: Op 31 december 2018 is de wisselkoers 1,25 USD = 1 EUR.
– Stijgt of daalt de dollar in waarde?
De dollar daalt in waarde, want men moet nu 1,25 USD betalen voor 1 EUR, in plaats van
1 USD voor 1 EUR.
– Wat is de waarde van de vordering per 31/12/’18 a.g.v. de wijziging in de
wisselkoers?
100.000 USD * (1/1,25) = 80.000 EUR
– Wat is de waardering op de balans per 31/12/’18 volgens goedkoopmansgebruik?
Historische koers of lagere koers op balansdatum, dus € 80.000
Want: In het geval van vreemde valuta:
- Historische koers of lagere koers op balansdatum (langlopend, > 1 jaar).
De laagste van die twee.