Samenvatting
Omdat mensen autonomie en wederzijdse afhankelijkheid nodig hebben, lopen personen met ofwel
een extreme collectivistische geaardheid of extreme individualistische waarden mogelijk risico een
aantal psychiatrische symptomen te bezitten. Is een extreme persoonlijkheidsstijl hoofdzakelijk een
risicofactor als het in strijd is met de waarden van de rest van de maatschappij? Individualisme-
collectivistisch scenario's en een reeks van klinische en persoonlijkheid schalen werden toegediend aan
niet-klinische steekproeven van de studenten in Boston en Istanbul. Voor studenten die verblijven in
een sterk individualistische samenleving (Boston), scoort collectivistisme een positieve correlatie met
depressie, sociale angst, obsessief-compulsieve stoornis en afhankelijke persoonlijkheid. Individualisme
scores, vooral horizontaal individualisme, hadden een averechtse werking op dezelfde weegschaal.
Een ander patroon werd verkregen van studenten wonend in een collectivistische cultuur: Istanbul.
Hier was individualisme (en vooral horizontaal individualisme) positief gecorreleerd met schalen voor
paranoïde, schizoïde, narcistische, borderline en antisociale persoonlijkheidsstoornis. Collectivisme (in
het bijzonder verticale collectivisme) werd in verband gebracht met weinig verslag over de symptomen
op deze schalen. Deze resultaten tonen aan dat het hebben van een persoonlijkheidsstijl die in strijd is
met de waarden van de samenleving wordt geassocieerd met psychiatrische symptomen. Het hebben
van een oriëntatie die in strijd is met sociale waarden kan dus een risicofactor zijn voor slechte
geestelijke gezondheid.
Onderzoek naar individualisme en collectivisme geeft een kader voor het verkennen van de match van
cultuur en psychische gezondheid. Collectivisten schikken hun eigenbelang onder dat van de groep en
onderhouden graag sterkte banden met die groep. Dit komt veel voor in het Midden-Oosten en Afrika,
waar de geïndustrialiseerde landen (het Westen) juist individualistischer zijn.
Beiden hebben grote invloed op hoe relaties met anderen worden geïnterpreteerd. Collectivisten zien
zichzelf als gelijken aan de groep/anderen, waar individualisten zich gescheiden en onderscheden zien
van andere mensen. Zij hebben zelfredzaamheid nodig om doelen te bereiken, collectivisten zien
zelfredzaamheid als niet een last zijn tot de groep.
Cultuursyndromen hebben voor- en nadelen betreft bevorderen van mentale gezondheid en welzijn.
Individualisten waarderen concurrentie, genotzucht (hedonisme) en zelfredzaamheid. Collectivisten
waarderen tradities, wederzijdse afhankelijkheid en gezelligheid. Onderzoekers denken dat extreme
idiocentrism (indiv) en allocentrism (collect) risicofactoren kunnen zijn voor slechte geestelijke
gezondheid.
Bijkomende laag: psychologische aanpassing hangt af van de mate van overeenkomst tussen de
persoonlijkheid en de waarden van de rest van de maatschappij. Karaktertrekken geassocieerd met
psychopathologie komen het vaakst voor bij collectivisten die leven in een individualistische
samenleving en bij individualisten die leven in een collectivistische maatschappij. Hangen de scores af
van of de persoon in een individualistisch/collectivistisch land woont?
De ziekten van het individualisme
De laatste veertig jaar zijn in individualistische landen de psychische stoornissen en criminaliteit
gestegen. Door hun prioritering in zelfredzaamheid, concurrentie etc. ontstaan sociale problemen. Het
disfunctioneren van het gezin is de oorzaak van toename in antisociaal gedrag. Sociale misstanden zijn
het gevolg van minder afname in sociale ondersteuning. Hierdoor hebben ouders en kinderen weinig
impulscontrole. Ook wordt het gebrek aan sociale cohesie benadrukt. Westers individualisme
bevordert depressie en misschien wel het volledige gamma van psychiatrische stoornissen.
Collectivistische culturen en psychische gezondheid
In collectivistische landen is er minder crimineel/gewelddadig gedrag, maar dat is bij psychische
stoornissen anders. Deze landen bevorderen depressie en angstigheid. Afrikaanse kinderen zijn erg
gevoelig voor de hoge controle van ouders, Amerikaanse zijn juist onder gevoelig hierdoor.