Belangrijkste Begrippen IETHI
Hoofdstuk 1
Moreel oordeel Uitspreken wat je van jezelf of anderen vind.
1. Gaat over menselijk gedrag
2. Overstijgt het individuele
3. Is normatief
4. Is gericht op het goede
5. Kan morele verontwaardiging veroorzaken
Waardering van menselijk gedrag aan de hand van morele
uitgangspunten.
Intuïtief moreel oordeel Moreel oordeel wat het eerste in je opkomt, niet bewust over
nagedacht
1. Niet uit te leggen
2. Bereid je niet voor op nieuwe situaties
Objectiveren Wat er gebeurt buiten jezelf plaatsen
Subjectiveren Wat er gebeurt zit in je lijf, binnenwereld
Normeren Gedrag verbinden aan eigen oordeel, iets goed of fout vinden
Moreel uitganspunt Een omschrijving van iets dat op zichzelf nastrevenswaardig is
betreffende menselijk samenleven
Universaliteitsprincipe Morele oordelen zijn inherent veralgemeniseerbaar
Moraal Het geheel van gedeelde morele oordelen van een groep dat
ontstaat in een gesprek.
Ethiek De wetenschap die moraal bestudeerd
Moreel vertoog Het geheel aan communicatie waarin mensen hun morele
oordelen delen en daarmee moraal vormen.
Hoofdstuk 2
Norm Een argument in de vorm van een regel waar je je aan moet
houden.
Morele norm Een norm over menselijk gedrag. Een zelfopgelegde regel omtrent
goed gedrag en/of samenleven.
Morele waarde Een ideaal/principe over het goed samenleven. Kan worden
gerealiseerd door gedrag.
Deugd Goede karaktereigenschap betreffende goed samenleven. Aan te
leren, mogelijk om te ontwikkelen.
Interne theorie Systeem van benaderen van de werkelijkheid
Plichtethiek Je moet je aan regels en afspraken houden. Normen verplichten
ons.
Gevolgenethiek Waarden proberen te realiseren door de gevolgen van je handelen.
Deugdethiek Je gedrag moet uit goede bedoelingen voortkomen.
Gevoelig denken Wat bedoel ik precies, achterhalen wat jij/een ander bedoeld en je
daarvoor inspannen.
Hoofdstuk 1
Moreel oordeel Uitspreken wat je van jezelf of anderen vind.
1. Gaat over menselijk gedrag
2. Overstijgt het individuele
3. Is normatief
4. Is gericht op het goede
5. Kan morele verontwaardiging veroorzaken
Waardering van menselijk gedrag aan de hand van morele
uitgangspunten.
Intuïtief moreel oordeel Moreel oordeel wat het eerste in je opkomt, niet bewust over
nagedacht
1. Niet uit te leggen
2. Bereid je niet voor op nieuwe situaties
Objectiveren Wat er gebeurt buiten jezelf plaatsen
Subjectiveren Wat er gebeurt zit in je lijf, binnenwereld
Normeren Gedrag verbinden aan eigen oordeel, iets goed of fout vinden
Moreel uitganspunt Een omschrijving van iets dat op zichzelf nastrevenswaardig is
betreffende menselijk samenleven
Universaliteitsprincipe Morele oordelen zijn inherent veralgemeniseerbaar
Moraal Het geheel van gedeelde morele oordelen van een groep dat
ontstaat in een gesprek.
Ethiek De wetenschap die moraal bestudeerd
Moreel vertoog Het geheel aan communicatie waarin mensen hun morele
oordelen delen en daarmee moraal vormen.
Hoofdstuk 2
Norm Een argument in de vorm van een regel waar je je aan moet
houden.
Morele norm Een norm over menselijk gedrag. Een zelfopgelegde regel omtrent
goed gedrag en/of samenleven.
Morele waarde Een ideaal/principe over het goed samenleven. Kan worden
gerealiseerd door gedrag.
Deugd Goede karaktereigenschap betreffende goed samenleven. Aan te
leren, mogelijk om te ontwikkelen.
Interne theorie Systeem van benaderen van de werkelijkheid
Plichtethiek Je moet je aan regels en afspraken houden. Normen verplichten
ons.
Gevolgenethiek Waarden proberen te realiseren door de gevolgen van je handelen.
Deugdethiek Je gedrag moet uit goede bedoelingen voortkomen.
Gevoelig denken Wat bedoel ik precies, achterhalen wat jij/een ander bedoeld en je
daarvoor inspannen.