Samenvatting anatomie blok 1
Anatomie = vakgebied wat iets verteld over de bouw van het lichaam
Fysiologie = verteld ons over de werking van het lichaam, processen
Kinesiologie = bewegingsleer, verschillende vakken komen samen. Analyseren van bewegingen
Trainingsleer = toepassing van alle vakgebieden in de praktijk
Bewegingsapparaat
➔ Skelet (>200 botten)
➔ Skeletspieren (>600 spieren)
Functie van een skelet:
- Bescherming van organen
- Stevigheid in het lichaam
- Vorming van bloedcellen in botten
Botvormen:
• Langwerpige botten
• Korte botten
• Platte botten
• Onregelmatig gevormde botten
• (bijzonder) sesambeenderen
Botjes in de pezen van spieren die zorgen dat de spier niet tegen bot schuurt
Anatomische houding:
- Rechtop
- Handpalmen na voren
- Armen langs lichaam
- Tenen wijzen vooruit
Botverbindingen:
3 soorten:
Bindweefselverbinding (syndesmosen):
Stukje stevig stof tussen botten
I. Onderbeen
II. Onderarm
III. Schedelverbindingen
Kraakbeenverbindingen (synchondrosen):
Soort kussentje met veel vocht, kan goede druk weerstaan
I. Discus interverbralis --> Tussen (ruggen)wervelschijf
II. Symfyse pubica --> Kraakbeenschijfje tussen schaambeen
III. Cartilaap costoe --> Ribkraakbeen
Synoviale verbinding (synostosen):
Zijn de gewrichten
Anatomie Blok 1
, Bouw van een gewricht:
1) Kom
2) Kop
3) Gewrichtskraakbeen
4) Gewrichtskapsel
5) Synovia (gewrichtssmeer)
→ Gewrichtskraakbeen: voorkomt beschadiging gewricht
→ Kapsel: 2 lagen, houdt het gewricht op z’n plaats
1. Membrana synovialis
2. Membrana fribosa
Kraakbeen beschadigt door belasting, als het koud is zal dit een hogere viscoteit hebben
(dit is een index die aangeeft hoe goed een vloeistof kan stromen), waardoor het minder
goed zal vloeien en stijf aanvoelt.
Artrose = beschadiging van gewricht door kraakbeen
Artritis = ontsteking van het gewricht
Ligament = zorgt voor meer stabiliteit, het is een verdikking van het kapsel
Luxatie = kop uit de kom
Sub luxatatie = verzwikking, schiet terug
Er zitten 27 botjes in de hand en 26 botjes in je voet.
Jumping jack, frontale as & sagittale vlak.
Groeischijven zijn kraakbeenschijven die zorgen voor groei. Als je bent uitgegroeid
worden het botten.
Labrum = randje om de kom van bot
Frontale vlak → sagittale as
Naar je toe & van je af
Sagittale vlak → transversale/frontale as
Buigen & strekken
Transversale vlak → longitudinale/verticale as
Omheen draaien
Vrijheidsgraden = aantal bewegingsassen
Anatomie Blok 1
Anatomie = vakgebied wat iets verteld over de bouw van het lichaam
Fysiologie = verteld ons over de werking van het lichaam, processen
Kinesiologie = bewegingsleer, verschillende vakken komen samen. Analyseren van bewegingen
Trainingsleer = toepassing van alle vakgebieden in de praktijk
Bewegingsapparaat
➔ Skelet (>200 botten)
➔ Skeletspieren (>600 spieren)
Functie van een skelet:
- Bescherming van organen
- Stevigheid in het lichaam
- Vorming van bloedcellen in botten
Botvormen:
• Langwerpige botten
• Korte botten
• Platte botten
• Onregelmatig gevormde botten
• (bijzonder) sesambeenderen
Botjes in de pezen van spieren die zorgen dat de spier niet tegen bot schuurt
Anatomische houding:
- Rechtop
- Handpalmen na voren
- Armen langs lichaam
- Tenen wijzen vooruit
Botverbindingen:
3 soorten:
Bindweefselverbinding (syndesmosen):
Stukje stevig stof tussen botten
I. Onderbeen
II. Onderarm
III. Schedelverbindingen
Kraakbeenverbindingen (synchondrosen):
Soort kussentje met veel vocht, kan goede druk weerstaan
I. Discus interverbralis --> Tussen (ruggen)wervelschijf
II. Symfyse pubica --> Kraakbeenschijfje tussen schaambeen
III. Cartilaap costoe --> Ribkraakbeen
Synoviale verbinding (synostosen):
Zijn de gewrichten
Anatomie Blok 1
, Bouw van een gewricht:
1) Kom
2) Kop
3) Gewrichtskraakbeen
4) Gewrichtskapsel
5) Synovia (gewrichtssmeer)
→ Gewrichtskraakbeen: voorkomt beschadiging gewricht
→ Kapsel: 2 lagen, houdt het gewricht op z’n plaats
1. Membrana synovialis
2. Membrana fribosa
Kraakbeen beschadigt door belasting, als het koud is zal dit een hogere viscoteit hebben
(dit is een index die aangeeft hoe goed een vloeistof kan stromen), waardoor het minder
goed zal vloeien en stijf aanvoelt.
Artrose = beschadiging van gewricht door kraakbeen
Artritis = ontsteking van het gewricht
Ligament = zorgt voor meer stabiliteit, het is een verdikking van het kapsel
Luxatie = kop uit de kom
Sub luxatatie = verzwikking, schiet terug
Er zitten 27 botjes in de hand en 26 botjes in je voet.
Jumping jack, frontale as & sagittale vlak.
Groeischijven zijn kraakbeenschijven die zorgen voor groei. Als je bent uitgegroeid
worden het botten.
Labrum = randje om de kom van bot
Frontale vlak → sagittale as
Naar je toe & van je af
Sagittale vlak → transversale/frontale as
Buigen & strekken
Transversale vlak → longitudinale/verticale as
Omheen draaien
Vrijheidsgraden = aantal bewegingsassen
Anatomie Blok 1