Madelief Flentge
Aantekeningen Celbiologie
Inhoud
Module 1................................................................................................................................................2
Deel 1 en 2: Introductie biochemie & Atomen, moleculen en interacties..........................................2
Deel 3: Functionele groepen en zuur-base chemie.............................................................................5
Deel 4: Stereochemie & conformaties................................................................................................7
Deel 5: De Bio(macro)moleculen........................................................................................................9
Deel 6: Reactiemechanismen...........................................................................................................11
1
, Madelief Flentge
Module 1
Deel 1 en 2: Introductie biochemie & Atomen, moleculen en
interacties
Orbital = de ruimte waar een elektron zich waarschijnlijk zal bevinden.
S-orbital = kan 2 elektronen vullen welke ook altijd als eerst gevuld worden in elke schil.
P-orbital = kan ook 2 elektronen vullen maar er zijn er 3 in totaal dus p-orbitaal kan 6 elektronen
Dipool-dipool binding: een binding tussen een beetje positieve en beetje negatief atoom van twee
verschillende moleculen -> beetje positief – beetje negatief. Relatief hoog kookpunt.
Hydrogen bonding: sterke dipool-dipool verbinding. Verschil: er is sprake van een lading verschil
zoals beetje negatief – beetje positief – beetje negatief en dus een beetje postieve in dit geval
omringt met 2 beetje negatieven waarvan de positieve en negatieve tot hetzelfde molecuul behoren.
De extra atomen zijn ofwel zuurstof, fluor of stikstof. Hoog kookpunt.
London dispersion forces: tussen twee apolaire moleculen, enige binding die twee moleculen samen
houdt zijn deze krachten. De binding wordt gevormd doordat er aan een kant van een molecuul een
zwakke negatieve lading kan zijn omdat er op dat moment veel elektronen zijn en aan de ene kant
van hey andere molecuul een zwakke positieve lading door minder elektronen. Laag kookpunt.
2
Aantekeningen Celbiologie
Inhoud
Module 1................................................................................................................................................2
Deel 1 en 2: Introductie biochemie & Atomen, moleculen en interacties..........................................2
Deel 3: Functionele groepen en zuur-base chemie.............................................................................5
Deel 4: Stereochemie & conformaties................................................................................................7
Deel 5: De Bio(macro)moleculen........................................................................................................9
Deel 6: Reactiemechanismen...........................................................................................................11
1
, Madelief Flentge
Module 1
Deel 1 en 2: Introductie biochemie & Atomen, moleculen en
interacties
Orbital = de ruimte waar een elektron zich waarschijnlijk zal bevinden.
S-orbital = kan 2 elektronen vullen welke ook altijd als eerst gevuld worden in elke schil.
P-orbital = kan ook 2 elektronen vullen maar er zijn er 3 in totaal dus p-orbitaal kan 6 elektronen
Dipool-dipool binding: een binding tussen een beetje positieve en beetje negatief atoom van twee
verschillende moleculen -> beetje positief – beetje negatief. Relatief hoog kookpunt.
Hydrogen bonding: sterke dipool-dipool verbinding. Verschil: er is sprake van een lading verschil
zoals beetje negatief – beetje positief – beetje negatief en dus een beetje postieve in dit geval
omringt met 2 beetje negatieven waarvan de positieve en negatieve tot hetzelfde molecuul behoren.
De extra atomen zijn ofwel zuurstof, fluor of stikstof. Hoog kookpunt.
London dispersion forces: tussen twee apolaire moleculen, enige binding die twee moleculen samen
houdt zijn deze krachten. De binding wordt gevormd doordat er aan een kant van een molecuul een
zwakke negatieve lading kan zijn omdat er op dat moment veel elektronen zijn en aan de ene kant
van hey andere molecuul een zwakke positieve lading door minder elektronen. Laag kookpunt.
2