Begrippen
Imperialisme: het opbouwen van een groot rijk door andere gebieden te veroveren
Modern imperialisme: landen in Afrika en Azië veroveren
Centralen: Duitsland en Oostenrijk-Hongarije
Elzas-Lotharingen: industriegebied rijk aan ijzererts en steenkool
Manhattanproject: project dat in 1945 de Amerikaanse atoombom opgeleverd had
New Deal: sociaal en economisch herstelprogramma van de VS na Grote Depressie
Dawes plan: VS hielp Duitsland om de herstelbetalingen te kunnen betalen
Brejznevdoctrine: de SU zou aanvallen als een Oostblokland in opstand kwam
Alliantiepolitiek: Bismarck wilde verdragen sluiten met omringende landen
Weltpolitik: Wilhelm II wilde groot Duitsland
Asmogendheden: Nazi-Duitsland, Italië en Japan
Trumandoctrine: VS bood economische en militaire hulp aan landen die het communisme
buiten de deur wilden houden
Marshallplan: Europese landen kregen financiële steun van de VS
Containmentpolitiek: communisme tegengaan
Domino theorie: als één land communistisch werd, volgde andere landen
Tonkinresolutie: volgens de VS had het communistische Vietnam een boot van de VS
aangevallen. Nu kon de VS militair ingrijpen in Vietnam
Vietcong: communistisch verzetsleger in Zuid-Vietnam
Tet-offensief: Vietnam viel VS onverwachts aan toen de VS dacht bijna gewonnen te hebben
Driehoeksdiplomatie: de VS wilden hulp van China en de Sovjet-Unie bij de strijd in Vietnam
Felix Meritis: communistisch gebouw in Amsterdam dat tijdens de Hongaarse Opstand werd
bekogeld met stenen
Détente: periode van rust en betere communicatie tijdens de Koude Oorlog
Glasnost: meer ruimte voor persoonlijke vrijheid en openheid
Perestrojka: marktwerking
Imperialisme: het opbouwen van een groot rijk door andere gebieden te veroveren
Modern imperialisme: landen in Afrika en Azië veroveren
Centralen: Duitsland en Oostenrijk-Hongarije
Elzas-Lotharingen: industriegebied rijk aan ijzererts en steenkool
Manhattanproject: project dat in 1945 de Amerikaanse atoombom opgeleverd had
New Deal: sociaal en economisch herstelprogramma van de VS na Grote Depressie
Dawes plan: VS hielp Duitsland om de herstelbetalingen te kunnen betalen
Brejznevdoctrine: de SU zou aanvallen als een Oostblokland in opstand kwam
Alliantiepolitiek: Bismarck wilde verdragen sluiten met omringende landen
Weltpolitik: Wilhelm II wilde groot Duitsland
Asmogendheden: Nazi-Duitsland, Italië en Japan
Trumandoctrine: VS bood economische en militaire hulp aan landen die het communisme
buiten de deur wilden houden
Marshallplan: Europese landen kregen financiële steun van de VS
Containmentpolitiek: communisme tegengaan
Domino theorie: als één land communistisch werd, volgde andere landen
Tonkinresolutie: volgens de VS had het communistische Vietnam een boot van de VS
aangevallen. Nu kon de VS militair ingrijpen in Vietnam
Vietcong: communistisch verzetsleger in Zuid-Vietnam
Tet-offensief: Vietnam viel VS onverwachts aan toen de VS dacht bijna gewonnen te hebben
Driehoeksdiplomatie: de VS wilden hulp van China en de Sovjet-Unie bij de strijd in Vietnam
Felix Meritis: communistisch gebouw in Amsterdam dat tijdens de Hongaarse Opstand werd
bekogeld met stenen
Détente: periode van rust en betere communicatie tijdens de Koude Oorlog
Glasnost: meer ruimte voor persoonlijke vrijheid en openheid
Perestrojka: marktwerking