Schema rechtsvisies Lieke van der List
Positivisme Natuurrecht Interactionisme
Vraag Wat is geldend recht? Wat is rechtvaardig recht? Wat is rechtvaardig in de omstan-
digheden van het geval?
Geldingscirterium Formeel (totstandkoming) Materieel (inhoudelijk) Situationeel (hoe men het er-
vaart)
Rechtsbronnen Accent ligt op wettelijke normen Vaste, kenbare, algemeen gel- Rechtspraak is een rechtsbron
en rechtszekerheid dende beginselen (rechter maakt regels wanneer
Geschreven (formeel tot stand Principes van gerechtigdheid de wetgever dit niet kan)
gekomen) recht is belangrijkste moeten erin terug te vinden zijn Rechtsbronnen die een contextu-
bron Geschreven recht is het belang- ele visie op het recht faciliteren
Achterdochtig t.a.v. (ongeschre- rijkst, maar kan opzij worden ge- Veel nadruk op gewoonte en ju-
ven) rechtsbeginselen zet of aangevuld worden door risprudentie
Rechtspraak en gewoonte zijn menselijke reden Nadruk op omstandigheden van
onder restricties aangemerkt als Veel nadruk op (ongeschreven) het geval
rechtsbron rechtsbeginselen Rechtsbeginselen die een maat-
Gewoonte is rechtsbron wanneer schappelijk gedragen opvatting
dit redelijk is weergeven
Interpretatie Interpretatiemethoden die duide- Interpretatiemethoden moeten Interpretatiemethoden moeten de
lijkheid en zekerheid scheppen rechtvaardigheid bevorderen maatschappelijk gedragen opvat-
Bijv. beroep op technische bete- Bijv. beroep op context van de tingen bevorderen
kenis of rechtshistorische argu- bepaling of betekenis naar ge- Bijv. beroep op precedenten of
mentatie woon spraakgebruik (?) op fundamentele rechtswaarden
Trias politica Duidelijk omschreven taken voor ? Geldt als checks and balances
de machten
Duidelijk gescheiden machten
Terughoudende rechter
Rechtsvinding Heteronome rechtsvinding Geen specifiek heteronome of Autonome rechtsvinding
autonome rechtsvinding
Voordelen Normatieve houvast Kritische toetsing op gepositi- Flexibel recht
veerd recht Normatieve oriëntatie
Normatieve houvast
Nadelen Onvolledig Vaag Zekere vaagheid
Gebrek aan inhoud Niet duidelijk wanneer slecht Inhoudelijk ongrijpbaar
recht niet meer geldig is
Driehoekmodel Normatieve moment Ideële moment Actuele moment
Positivisme Natuurrecht Interactionisme
Vraag Wat is geldend recht? Wat is rechtvaardig recht? Wat is rechtvaardig in de omstan-
digheden van het geval?
Geldingscirterium Formeel (totstandkoming) Materieel (inhoudelijk) Situationeel (hoe men het er-
vaart)
Rechtsbronnen Accent ligt op wettelijke normen Vaste, kenbare, algemeen gel- Rechtspraak is een rechtsbron
en rechtszekerheid dende beginselen (rechter maakt regels wanneer
Geschreven (formeel tot stand Principes van gerechtigdheid de wetgever dit niet kan)
gekomen) recht is belangrijkste moeten erin terug te vinden zijn Rechtsbronnen die een contextu-
bron Geschreven recht is het belang- ele visie op het recht faciliteren
Achterdochtig t.a.v. (ongeschre- rijkst, maar kan opzij worden ge- Veel nadruk op gewoonte en ju-
ven) rechtsbeginselen zet of aangevuld worden door risprudentie
Rechtspraak en gewoonte zijn menselijke reden Nadruk op omstandigheden van
onder restricties aangemerkt als Veel nadruk op (ongeschreven) het geval
rechtsbron rechtsbeginselen Rechtsbeginselen die een maat-
Gewoonte is rechtsbron wanneer schappelijk gedragen opvatting
dit redelijk is weergeven
Interpretatie Interpretatiemethoden die duide- Interpretatiemethoden moeten Interpretatiemethoden moeten de
lijkheid en zekerheid scheppen rechtvaardigheid bevorderen maatschappelijk gedragen opvat-
Bijv. beroep op technische bete- Bijv. beroep op context van de tingen bevorderen
kenis of rechtshistorische argu- bepaling of betekenis naar ge- Bijv. beroep op precedenten of
mentatie woon spraakgebruik (?) op fundamentele rechtswaarden
Trias politica Duidelijk omschreven taken voor ? Geldt als checks and balances
de machten
Duidelijk gescheiden machten
Terughoudende rechter
Rechtsvinding Heteronome rechtsvinding Geen specifiek heteronome of Autonome rechtsvinding
autonome rechtsvinding
Voordelen Normatieve houvast Kritische toetsing op gepositi- Flexibel recht
veerd recht Normatieve oriëntatie
Normatieve houvast
Nadelen Onvolledig Vaag Zekere vaagheid
Gebrek aan inhoud Niet duidelijk wanneer slecht Inhoudelijk ongrijpbaar
recht niet meer geldig is
Driehoekmodel Normatieve moment Ideële moment Actuele moment