Biologie samenvatting
Klas 5 – HAVO
Hoofdstuk 12 – transport
- Slagvolume= de hoeveelheid bloed die per hartslag een hartenhelft verlaat.
- Hartslag frequentie= het aantal hartslagen per minuut
Dit samen vormt het hartminuutvolume:
- Dit bepaald samen hoeveel bloed er rond gaat en hoeveel zuurstof de spieren dus krijgen
o Dit meet je in volume per harthelft per minuut.
Hartinfarct= een vernauwing in de kransslagader, die het hart van bloed voorziet, krijgt hierdoor niet
genoeg zuurstof meer en gaat niet goed meer werken.
Het hart werkt doormiddel van elektrische signalen:
- Het begint bij de boezems, die stromen vol met bloed.
- Door een signaal van sinusknoop trekt de boezem zich samen, waardoor het bloed in de
kamers stromen.
- Het elektrische signaal word verder doorgeven aan de AV-knoop.
- De AV-knoop zorgt voor de samentrekking van de kamers, hierdoor gaat het zuurstofarme
bloed de slagader in.
o Zie bron 1 – blz 106.
Met een ecg kun je de elektrische activiteit van een hartspier weergeven.
- Zie ook bron 1 – blz 106.
Kransslagader= is de eerste zijtak van de aorta die de toevoer is van zuurstof rijk bloed naar het hart.
- Bij een hartinfarct raakt deze dichtgeslibd.
Kransaders= deze voeren het zuurstof arme bloed weer terug van het hart naar de rechter boezem.
Bij een hartinfarct kan een arts twee dingen doen:
- Dotterbehandeling= bij deze behandeling komt er een ballonnetje in de slagader, die
vervolgens word opgesomd op het punt van de vernauwing.
o Dit kan ook een metalen steunkousje, die de slagader openhoud.
- Bypassoperatie= hierbij word een stukje beenader gebruikt om een verbinding te maken
tussen de aorta en de kransslagader.
o Zie bron 2 – blz 108
Hartkleppen= sterke vliezen tussen de boezems en kamer
Slagaderkleppen= kleppen aan het begin van de longslagader en de aorta.
- Deze kleppen verhinderen het terugstromen van het bloed, hierdoor stroomt het bloed goed
via boezems de kamers binnen en zo de slagaders in.
Openen en sluiten van de kleppen – bloedsomloop door het hart.
- Zie bron 4 en tekst – blz 109.
Klas 5 – HAVO
Hoofdstuk 12 – transport
- Slagvolume= de hoeveelheid bloed die per hartslag een hartenhelft verlaat.
- Hartslag frequentie= het aantal hartslagen per minuut
Dit samen vormt het hartminuutvolume:
- Dit bepaald samen hoeveel bloed er rond gaat en hoeveel zuurstof de spieren dus krijgen
o Dit meet je in volume per harthelft per minuut.
Hartinfarct= een vernauwing in de kransslagader, die het hart van bloed voorziet, krijgt hierdoor niet
genoeg zuurstof meer en gaat niet goed meer werken.
Het hart werkt doormiddel van elektrische signalen:
- Het begint bij de boezems, die stromen vol met bloed.
- Door een signaal van sinusknoop trekt de boezem zich samen, waardoor het bloed in de
kamers stromen.
- Het elektrische signaal word verder doorgeven aan de AV-knoop.
- De AV-knoop zorgt voor de samentrekking van de kamers, hierdoor gaat het zuurstofarme
bloed de slagader in.
o Zie bron 1 – blz 106.
Met een ecg kun je de elektrische activiteit van een hartspier weergeven.
- Zie ook bron 1 – blz 106.
Kransslagader= is de eerste zijtak van de aorta die de toevoer is van zuurstof rijk bloed naar het hart.
- Bij een hartinfarct raakt deze dichtgeslibd.
Kransaders= deze voeren het zuurstof arme bloed weer terug van het hart naar de rechter boezem.
Bij een hartinfarct kan een arts twee dingen doen:
- Dotterbehandeling= bij deze behandeling komt er een ballonnetje in de slagader, die
vervolgens word opgesomd op het punt van de vernauwing.
o Dit kan ook een metalen steunkousje, die de slagader openhoud.
- Bypassoperatie= hierbij word een stukje beenader gebruikt om een verbinding te maken
tussen de aorta en de kransslagader.
o Zie bron 2 – blz 108
Hartkleppen= sterke vliezen tussen de boezems en kamer
Slagaderkleppen= kleppen aan het begin van de longslagader en de aorta.
- Deze kleppen verhinderen het terugstromen van het bloed, hierdoor stroomt het bloed goed
via boezems de kamers binnen en zo de slagaders in.
Openen en sluiten van de kleppen – bloedsomloop door het hart.
- Zie bron 4 en tekst – blz 109.