INTRODUCTIE
Web analytics 2.0 laat zien wat online data betekent. Het gaat ver het snappen
van de impact en economische waarde van je website door middel van het doen
van analyses.
HOOFDSTUK 1
De paradox van data: Met te weinig data kun je geen goede keuzes maken, maar
met een overvloed aan data heb je nog steeds maar een heel klein aantal
insights. De clikstreamdata vertelt wel wat er gebeurt(what?), maar niet de
gedachte daarachter(why?).
Web 2.0 analytics is:
“De analyse van kwalitatieve en kwantitatieve data van je website en de
concurrentie, om ervoor te zorgen dat je de online experience van je
consumenten en toekomstige consumenten kunt blijven verbeteren, wat leidt tot
je verlangde doelen(zowel online als offline) ”(er zit een continuïteit in)
Zie figuur 1.2 (blz 6.)
Clikstreams geven antwoordt op de what
Miltiple Outcomes Analysis geven antwoordt op de how much
Experimentation and testing geven antwoordt op de why
Competitive intelligence geeft antwoordt op de what else
Zie figuur 1.3(blz. 7)
The what: clickstream
Het analyseren van de clickdata van een website
The how much: Multiple Outcomes Analysis
De hoeveelheid mensen die bijvoorbeeld een website bezoekt. Er zijn drie typen
resultaten hierbij:
Het verhogen van de inkomsten
Het verminderen van de kosten
Het verbeteren van de loyaliteit van consumenten
The why: Experimentation and testing
Door middel van het testen van je website aan de hand van gratis tools(google
website optimizer) kun je je strategie veranderen. Daarbij is het doen van test
online veel minder risicovol, als je faalt kost het minder geld.
The why: Voice of customer
Het doen van usability test (eye tracking etc) om erachter te komen wat de
achterliggende gedachte is van consumenten online.
,The what else: Competitive intelligence
Het verzamelen van informatie over je concurrenten. Dit kun je doen door op
www.compete.com de URL’s van je concurrenten in te typen. Zo kun je zien hoe
jouw website zich verhoudt tegenover die van hen. Dit zorgt ervoor dat je
relevant blijft en je jezelf kunt blijven verbeteren ten opzichte van je
concurrenten.
Als je wilt overleven in de wereld van web analytics 2.0 moet je 2 dingen doen:
Verander je strategie
Verander je tactiek
Zie figuur 1.4(blz 11.) voor het mental model(overgang van 1.0 naar
2.0)!!!!!!(plaatje?)
Voor elk van de eerder besproken 5 punten heb je weer een andere tool nodig,
dat heet Multiplicity. Elke tool levert insigths op die jou samen de data geven die
je nodig hebt om te slagen.
HOOFDSTUK 3(TOT BLZ. 63)
Een metric is kwantitatieve meeting van statistieken die gaan over
gebeurtenissen of trends op een website.
KPI’s(Key Performance Indicators) geven aan hoe je het doet ten opzichte van je
gestelde ‘objectives’ (je doelen).
De 2 belangrijkste soorten bezoekers zijn:
De visits
De unique visitors
Visits
Visits zijn de bezoeken die mensen aan je website hebben gebracht en de tijd die
ze daarop gespendeerd hebben, een visit heet daarom ook wel een session.
Sessions zijn vaak een opsomming van ‘requests’(verzoeken) van een bezoeker.
Een bezoeker kan dus meerdere keren je website bekijken, en dit wordt dus
telkens geteld als 1 visit, 1 sessie.
Unique visitors
Het aantal mensen dat daadwerkelijk jouw website bezocht heeft. Unieke
bezoekers worden geteld aan de hand van cookies. Als iemand jouw website
bezoekt laat de tool een unieke cookie achter op de browser van die persoon.
Deze cookie blijft op zijn browser staan ook al heeft hij de website verlaten. Elke
keer als deze bezoeker de webpagina weer bezoekt, wordt de cookie gebruikt om
de desbetreffende bezoeker te herkennen.
Dingen om op te letten:
, Unieke bezoekers zijn niet altijd unieke personen.
De tool kan beïnvloedt worden door de browsers die geen cookies
accepteren.
Na bezoeken is ‘time’ het belangrijkste meetcriteria, ook hier zijn 2 vormen:
Time on page
Time on site
Het berekenen van time on site/page werkt bij een analytics tool als volgt:
Iemand komt om 10:00 precies op de homepage terecht, dit weet de tool nu.
Vervolgens klikt de bezoeker door naar een andere pagina op jouw website. Hij
entert deze pagina om 10:01. De tool heeft nu twee tijdmomenten en weet dus
dat de time on page(page 1) 1 minuut bedraagt. De bezoeker komt er nu echter
achter dat de informatie op pagina 2 niet interessant is en verlaat de website. De
tool kan heeft geen nieuw tijdmoment gemeten waarop de bezoeker een andere
pagina entert op jouw website en berekent de time on site(session time) dus als 1
minuut.
Bij veel browsers kun je ook verschillende tabbladen openen. Dit zorgt voor de
volgende situatie:
Stel een bezoeker opent bij de hompage alvast page 4 in een nieuw tabblad en
gaat deze later weer bekijken dus:
Hompage(10:00)→Page 2(10:02)→page 3(10:05)→exit
↘
Page 4(10:01)→page 5(10:07)→exit
Je zou misschien denken dat de tool de tijd op page 4 als 6 minuten rekent en
daarmee de totale tijd op de website 11 minuten zou bedragen. Dit gebeurt
echter niet. De meeste tools verzamelen alle requests van de bezoeker tijdens
deze sessie en normaliseren de sessie, dit ziet er als volgt uit:
Hompage(10:00)→Page 4(10:01)→page 2(10:02)→page 3(10:05)→page
5(10:07)→exit
De totale tijd van de sessie is dan dus 7 minuten.
Bounce rate
Bounce rate is het percentage van sessies waarbij slecht 1 pagina werd bekeken.
Een hoge bounce rate kan voorkomen door het gebruik van de verkeerde
keywords.
Exit rate