Oefentoets vwo A/C deel 1
Hoofdstuk 2 Statistiek
OPGAVE 1
2p a Welke vier fasen onderscheiden we in de statistische cyclus?
2p b Wat betekent het als er sprake is van een causaal verband?
OPGAVE 2
Jelte doet een onderzoek naar het gebruik van social media op school. Hij vraagt aan 20
klasgenoten op Instagram of ze een enquête voor hem willen invullen.
2p a Zijn aanpak levert geen representatieve steekproef op.
Noem twee punten van kritiek.
3p b Hieronder staan drie van zijn enquêtevragen.
Geef van elk van de vragen aan waarom het geen goede vraag is en verbeter deze.
Vind je het ook een slecht idee dat de schoolleiding het gebruik van WhatsApp via
WiFi wil blokkeren?
Zit je op school meer of minder op Facebook en Instagram dan thuis?
Gebruik je social media veel in het weekend?
2p c Bedenk zowel een discrete als continue variabele die je bij dit onderzoek zou kunnen
meten.
OPGAVE 3
Onder de 2826 gasten die afgelopen seizoen in Hotel de Bergen hebben geslapen wordt
een steekproef gehouden. Van de gasten in deze representatieve steekproef blijken er 66
de Duitse nationaliteit te hebben, daarmee komt de steekproefproportie van het kenmerk
‘gast heeft Duitse nationaliteit’ op precies 0,275.
1p a Geef het meetniveau van de variabele nationaliteit.
2p b Bereken de omvang van de steekproef.
1p c Hoeveel van de 2826 gasten, verwacht je, hebben de Duitse nationaliteit?
© NOORDHOFF UITGEVERS BV 2020 OEFENTOETS VWO A/C DEEL 1 HOOFDSTUK 2 1
, OPGAVE 4
Een ijsdag is een dag waarop het de hele dag blijft vriezen. De temperatuur komt dan ook
overdag niet boven nul uit. In de periode 1952-2019 is per jaar het aantal ijsdagen in De
Bilt bijgehouden. Zie de boxplot hieronder.
2p a Beredeneer of het gemiddelde kleiner dan, groter dan of gelijk aan de mediaan is.
2p b De ervaring leert dat er meer dan 13 ijsdagen nodig zijn om een eventuele
Elfstedentocht mogelijk te maken.
In hoeveel jaren zou er op basis van deze vuistregel een Elfstedentocht mogelijk
kunnen zijn geweest?
3p c Geef een schatting van het aantal jaren met minstens 28 ijsdagen. Rond af op gehelen.
OPGAVE 5
Arjan bekijkt gedurende de periode 2004-2019 de maandelijkse neerslag (in mm) in het
plaatsje Nijverdal. Zie de tabel hieronder.
MAANDELIJKSE NEERSLAG NIJVERDAL
neerslag (mm) frequentie
[0, 20 1
[20, 40 43
[40, 60 57
[60, 80 39
[80, 100 20
[100, 120 7
[120, 140 5
[140, 160 4
[160, 180 2
© NOORDHOFF UITGEVERS BV 2020 OEFENTOETS VWO A/C DEEL 1 HOOFDSTUK 2 2
Hoofdstuk 2 Statistiek
OPGAVE 1
2p a Welke vier fasen onderscheiden we in de statistische cyclus?
2p b Wat betekent het als er sprake is van een causaal verband?
OPGAVE 2
Jelte doet een onderzoek naar het gebruik van social media op school. Hij vraagt aan 20
klasgenoten op Instagram of ze een enquête voor hem willen invullen.
2p a Zijn aanpak levert geen representatieve steekproef op.
Noem twee punten van kritiek.
3p b Hieronder staan drie van zijn enquêtevragen.
Geef van elk van de vragen aan waarom het geen goede vraag is en verbeter deze.
Vind je het ook een slecht idee dat de schoolleiding het gebruik van WhatsApp via
WiFi wil blokkeren?
Zit je op school meer of minder op Facebook en Instagram dan thuis?
Gebruik je social media veel in het weekend?
2p c Bedenk zowel een discrete als continue variabele die je bij dit onderzoek zou kunnen
meten.
OPGAVE 3
Onder de 2826 gasten die afgelopen seizoen in Hotel de Bergen hebben geslapen wordt
een steekproef gehouden. Van de gasten in deze representatieve steekproef blijken er 66
de Duitse nationaliteit te hebben, daarmee komt de steekproefproportie van het kenmerk
‘gast heeft Duitse nationaliteit’ op precies 0,275.
1p a Geef het meetniveau van de variabele nationaliteit.
2p b Bereken de omvang van de steekproef.
1p c Hoeveel van de 2826 gasten, verwacht je, hebben de Duitse nationaliteit?
© NOORDHOFF UITGEVERS BV 2020 OEFENTOETS VWO A/C DEEL 1 HOOFDSTUK 2 1
, OPGAVE 4
Een ijsdag is een dag waarop het de hele dag blijft vriezen. De temperatuur komt dan ook
overdag niet boven nul uit. In de periode 1952-2019 is per jaar het aantal ijsdagen in De
Bilt bijgehouden. Zie de boxplot hieronder.
2p a Beredeneer of het gemiddelde kleiner dan, groter dan of gelijk aan de mediaan is.
2p b De ervaring leert dat er meer dan 13 ijsdagen nodig zijn om een eventuele
Elfstedentocht mogelijk te maken.
In hoeveel jaren zou er op basis van deze vuistregel een Elfstedentocht mogelijk
kunnen zijn geweest?
3p c Geef een schatting van het aantal jaren met minstens 28 ijsdagen. Rond af op gehelen.
OPGAVE 5
Arjan bekijkt gedurende de periode 2004-2019 de maandelijkse neerslag (in mm) in het
plaatsje Nijverdal. Zie de tabel hieronder.
MAANDELIJKSE NEERSLAG NIJVERDAL
neerslag (mm) frequentie
[0, 20 1
[20, 40 43
[40, 60 57
[60, 80 39
[80, 100 20
[100, 120 7
[120, 140 5
[140, 160 4
[160, 180 2
© NOORDHOFF UITGEVERS BV 2020 OEFENTOETS VWO A/C DEEL 1 HOOFDSTUK 2 2