Periode 4 Personen-, familie- en
erfrecht
Brede kennis erfrecht
Erfrecht: beschrijft wat er met vermogen van overledene gebeurt.
Wat gebeurt er met de bezittingen en schulden van een persoon die is overleden?
- Wet wijst erfgenamen aan die het vermogen van de overledene erven.
- Wet geeft regels voor het geval iemand wil dat bezittingen en schulden na dood niet
(helemaal) naar zijn wettelijke erfgenamen gaan.
Erfrecht geregeld in boek 4 Burgerlijk Wetboek.
Wettelijk erfrecht:
Als jij niets vastlegt dat geeft de wet aan hoe het vermogen wordt verdeeld. Echtgenoot en
kinderen zijn de eerste erfgenamen. Daarna andere familieleden (neven en nichten)
Testamentair erfrecht:
Wil je afwijken? Maak een testament op bij een notaris. De erflater legt vast wat er met het
vermogen moet gebeuren.
Nalatenschap: bezittingen en schulden overledene.
Schulden kunnen groter zijn dan bezittingen, daarom heeft iedere erfgenaam het recht zelf
te beslissen of deze nalatenschap aanvaart of verwerpt (art. 4:190 BW).
- Art. 4:191, lid 1 BW beschrijft hoe nalatenschap wordt verworpen of aanvaard. –
- “Door het afleggen van een daartoe strekkende verklaring bij de griffie (het
secretariaat) van de rechtbank van het sterfhuis van de overledene.”
- Sterfhuis: daar waar hij zijn laatste woonplaats heeft gehad (art. 1:13 BW).
Aanvaarden nalatenschap:
Zuiver aanvaarden: geen verklaring vereist bij rechtbank.
- Daden van aanvaarding: beschikkingshandelingen die erfgenaam bewust verricht
(art. 4:192, lid 1 BW).
- Vb. verkopen woning overledene uit nalatenschap.
Goed beheren van nalatenschap: betaling door erfgenaam wordt gezien als goed beheren
van nalatenschap en leidt niet tot zuivere aanvaarding.
Zuivere aanvaarding begint vanaf tijdstip openvallen nalatenschap (art. 4:190, lid 4 BW) en
geldt voor hele nalatenschap.
Verwerpen nalatenschap: erfgenaam doet afstand van totale erfdeel, van bezittingen en van
schulden.
- Voor verwerpen van nalatenschap is verklaring bij griffie rechtbank noodzakelijk.
- Verwerping werkt terug tot moment van openvallen van nalatenschap.
Na verwerpen wordt erfgenaam geacht nooit erfgenaam te zijn geweest.
Aandachtspunten:
, - Minderjarige kinderen kunnen erfenis alleen beneficiair aanvaarden (art. 4:193 BW).
Wettelijk vertegenwoordiger moet verklaring afleggen.
- Onverwachte schuld: schuld die erfgenaam niet kent en ook niet hoorde te kennen,
gezien deskundigheid (art. 3:11 BW).
- Erfgenamen hoeven niet allemaal dezelfde keuze voor verwerpen of aanvaarden te
maken.
- Onwaardige erfgenamen: geen recht om nalatenschap te aanvaarden; onwaardig
om voordeel uit nalatenschap te trekken (art. 4:3 BW).
Plaatsvervulling: art. 4:12 BW
(Klein)kinderen van overleden erfgenaam nemen samen plaats erfgenaam in, kan alleen bij
afstammelingen.
Plaatsvervulling is mogelijk als erfgenaam:
- is overleden
- de erfenis verwerpt
- onwaardig is de erfenis te ontvangen
Voorwaarde: alleen mogelijk voor wettelijke erfgenamen.
Regels voor plaatsvervulling gelden niet automatisch voor erfgenamen die bij testament
worden aangewezen; erflater moet dit in testament uitdrukkelijk bepalen.
Erfrecht kent twee systemen:
- Wettelijk erfrecht: wet geeft aan voor wie het vermogen van de overledene is.
Wet wijst erfgenamen aan (echtgenoot, kinderen).
Overledene heeft geen uiterste wilsbeschikking gemaakt.
Versterferfrecht
- Testamentair erfrecht: overledene heeft uiterste wilsbeschikking, zoals testament,
gemaakt.
Testament is akte opgemaakt door notaris (art. 4:94 BW).
In akte legt erflater vast wat er na overlijden met vermogen moet
gebeuren.
Wettelijk erfrecht: BW verdeelt erfgenamen in vier groepen, o.b.v. verdeling erfenis
plaatsvindt (art. 4:10 BW).
1.Groep 1: echtgenoot en kinderen.
2.Groep 2: ouders, broers/zussen.
3.Groep 3: grootouders.
4.Groep 4: overgrootouders
Erfgenamen in groep 1 gaan voor erfgenamen in groep 2, die voor gaan op erfgenamen in
groep 3, die voor gaan op erfgenamen in groep 4.
Groep 1: echtgenoot en kinderen
- Echtgenoot en kinderen erven ieder een even groot deel van nalatenschap.
- Gemeenschap van goederen: gezamenlijk vermogen/2 is vermogen overledene.
- Ex-echtgenoot/partner: geen wettelijk erfgenaam.
- Adoptie-, stief- en pleegkinderen: wettelijk erfgenaam zijn alleen juridische kinderen
(dus adoptie wel, stief- en pleegkinderen niet; via testament regelen).
Groep 2: ouders en broers/zussen
erfrecht
Brede kennis erfrecht
Erfrecht: beschrijft wat er met vermogen van overledene gebeurt.
Wat gebeurt er met de bezittingen en schulden van een persoon die is overleden?
- Wet wijst erfgenamen aan die het vermogen van de overledene erven.
- Wet geeft regels voor het geval iemand wil dat bezittingen en schulden na dood niet
(helemaal) naar zijn wettelijke erfgenamen gaan.
Erfrecht geregeld in boek 4 Burgerlijk Wetboek.
Wettelijk erfrecht:
Als jij niets vastlegt dat geeft de wet aan hoe het vermogen wordt verdeeld. Echtgenoot en
kinderen zijn de eerste erfgenamen. Daarna andere familieleden (neven en nichten)
Testamentair erfrecht:
Wil je afwijken? Maak een testament op bij een notaris. De erflater legt vast wat er met het
vermogen moet gebeuren.
Nalatenschap: bezittingen en schulden overledene.
Schulden kunnen groter zijn dan bezittingen, daarom heeft iedere erfgenaam het recht zelf
te beslissen of deze nalatenschap aanvaart of verwerpt (art. 4:190 BW).
- Art. 4:191, lid 1 BW beschrijft hoe nalatenschap wordt verworpen of aanvaard. –
- “Door het afleggen van een daartoe strekkende verklaring bij de griffie (het
secretariaat) van de rechtbank van het sterfhuis van de overledene.”
- Sterfhuis: daar waar hij zijn laatste woonplaats heeft gehad (art. 1:13 BW).
Aanvaarden nalatenschap:
Zuiver aanvaarden: geen verklaring vereist bij rechtbank.
- Daden van aanvaarding: beschikkingshandelingen die erfgenaam bewust verricht
(art. 4:192, lid 1 BW).
- Vb. verkopen woning overledene uit nalatenschap.
Goed beheren van nalatenschap: betaling door erfgenaam wordt gezien als goed beheren
van nalatenschap en leidt niet tot zuivere aanvaarding.
Zuivere aanvaarding begint vanaf tijdstip openvallen nalatenschap (art. 4:190, lid 4 BW) en
geldt voor hele nalatenschap.
Verwerpen nalatenschap: erfgenaam doet afstand van totale erfdeel, van bezittingen en van
schulden.
- Voor verwerpen van nalatenschap is verklaring bij griffie rechtbank noodzakelijk.
- Verwerping werkt terug tot moment van openvallen van nalatenschap.
Na verwerpen wordt erfgenaam geacht nooit erfgenaam te zijn geweest.
Aandachtspunten:
, - Minderjarige kinderen kunnen erfenis alleen beneficiair aanvaarden (art. 4:193 BW).
Wettelijk vertegenwoordiger moet verklaring afleggen.
- Onverwachte schuld: schuld die erfgenaam niet kent en ook niet hoorde te kennen,
gezien deskundigheid (art. 3:11 BW).
- Erfgenamen hoeven niet allemaal dezelfde keuze voor verwerpen of aanvaarden te
maken.
- Onwaardige erfgenamen: geen recht om nalatenschap te aanvaarden; onwaardig
om voordeel uit nalatenschap te trekken (art. 4:3 BW).
Plaatsvervulling: art. 4:12 BW
(Klein)kinderen van overleden erfgenaam nemen samen plaats erfgenaam in, kan alleen bij
afstammelingen.
Plaatsvervulling is mogelijk als erfgenaam:
- is overleden
- de erfenis verwerpt
- onwaardig is de erfenis te ontvangen
Voorwaarde: alleen mogelijk voor wettelijke erfgenamen.
Regels voor plaatsvervulling gelden niet automatisch voor erfgenamen die bij testament
worden aangewezen; erflater moet dit in testament uitdrukkelijk bepalen.
Erfrecht kent twee systemen:
- Wettelijk erfrecht: wet geeft aan voor wie het vermogen van de overledene is.
Wet wijst erfgenamen aan (echtgenoot, kinderen).
Overledene heeft geen uiterste wilsbeschikking gemaakt.
Versterferfrecht
- Testamentair erfrecht: overledene heeft uiterste wilsbeschikking, zoals testament,
gemaakt.
Testament is akte opgemaakt door notaris (art. 4:94 BW).
In akte legt erflater vast wat er na overlijden met vermogen moet
gebeuren.
Wettelijk erfrecht: BW verdeelt erfgenamen in vier groepen, o.b.v. verdeling erfenis
plaatsvindt (art. 4:10 BW).
1.Groep 1: echtgenoot en kinderen.
2.Groep 2: ouders, broers/zussen.
3.Groep 3: grootouders.
4.Groep 4: overgrootouders
Erfgenamen in groep 1 gaan voor erfgenamen in groep 2, die voor gaan op erfgenamen in
groep 3, die voor gaan op erfgenamen in groep 4.
Groep 1: echtgenoot en kinderen
- Echtgenoot en kinderen erven ieder een even groot deel van nalatenschap.
- Gemeenschap van goederen: gezamenlijk vermogen/2 is vermogen overledene.
- Ex-echtgenoot/partner: geen wettelijk erfgenaam.
- Adoptie-, stief- en pleegkinderen: wettelijk erfgenaam zijn alleen juridische kinderen
(dus adoptie wel, stief- en pleegkinderen niet; via testament regelen).
Groep 2: ouders en broers/zussen