COMMUNICATIE, GEDRAG EN BEÏNVLOEDING
College 1: 7-9-21
Injectienaaldtheorie: het klakkeloos overnemen van wat er in een reclame wordt
gezegd.
Cognitieve responstheorie: wat gaat er in je hoofd om wanneer er een boodschap
wordt verteld?
Nudging: week 5: omgeving op een bepaalde manier inrichten dat het makkelijk
wordt om het gewenste gedrag uit te voeren.
Tentamen: 2 november 2021 om 12:45
Hertentamen: 13 januari 2022 om 8:30
Teamopdracht: 28 oktober 2021 om 12:00
Herkansing teamopdracht: 20 januari 2022 om 12:00
Tentamenstof:
- Wetenschappelijke artikelen
o Baker & Martinson (2001)
o Chartrand (2005)
o Maio, Verplanken, Manstead, Stroebe, Abraham, Sheeran & Conner
(2007)
o Kemps, Tiggemann & Hollitt (2014)
o Nielsen & Huber (2009)
o Van Horen & Pieters (2013)
o Fransen, Verlegh, Kirmani & Smit (2015)
o Jenkins & Dragojevic (2013)
o Hofmann, Friese & Wiers (2008)
o May & Irmak (2018)
o Moyer-Gusé, Chung & Jain (2011)
o Kim, Lee & Macias (2014)
o Jaeger & Schultz (2017)
o Melnyk, Herpen, Fischer & Trijp (2013)
o Cadario & Chandon (2020)
o Romero & Biswas (2016)
o Updegraff & Rothman (2013)
o De Graaf, van den Putte & de Bruijn (2015)
o McQuarrie & Philips (2005)
o Van Mulken, van Hooft & Nederstigt (2014)
o Garvey, Germann & Bolton (2016)
o Sundar & Noseworthy (2016)
o Cialdini & Goldstein (2004)
o O’Keefe & Figgé (1997)
- Kennisclips
- Powerpoints
- Presentaties
,Moderatie en Mediatie
Er zijn altijd uitzonderingen, maar over het algemeen geldt dit (vuistregels)
Mechanisme/Proces dat ten grondslag ligt van het effect:
- Moderatie: interactie. Hier onderzoek je factoren die iets veranderen aan het
effect.
- Mediatie: hier onderzoek je of een factor verantwoordelijk is voor een effect.
o OV: boodschapskenmerk → positief of negatief framen
o AV: heeft dat effect op de ontvanger → maakt de ontvanger positiever
of negatiever tov het frame
Moderatie Mediatie
Modereren = verminderen = veranderen Mediëren = bemiddelen = doorgeven
Voorwaarde voor effect Onderliggend aan effect
Wanneer is er een effect Hoe werkt het effect
Het effect van OV op AV bestaat alleen Het effect van OV op AV komt door …
(of vooral) als …
Onafhankelijke variabele Afhankelijke variabele
Gemanipuleerd of natuurlijk Getriggerd door OV
Manipuleer of meet je Meet je
Vaak categorieën (nominaal) Vaak continu (schaal)
Sectie: stimulusmateriaal / procedure / Sectie: instrumentatie
proefpersonen
Conceptuele uitleg: wat betekent het
Praktische uitleg: hoe zien ze er vaak uit in onderzoek
Moderatie:
Mediatie:
,1. Baker & Martinson (2001): The TARES Test: Five Principles for Ethical
Persuasion
TARES-test principes:
1. Truthfullness of the message (Waarheid van boodschap): is deze
boodschap feitelijk waar en zou ik voelen dat deze boodschap niet misleidend
was als deze boodschap aan mij wordt gecommuniceerd in deze context?
2. Authenticity of the persuader (Oprechtheid van zender): zou jij deze
boodschap aan je naasten kunnen zenden? Mensen overtuigen over een
principe waar ik voor sta? Ben je integer, oprecht, echt, loyaal en onafhankelijk
als je de boodschap zendt?
3. Respect for the persuadee (Respect voor de beoogd ontvanger:
hoofdprincipe): zend ik een boodschap die de ontvangers respecteert? De
mate van vrije, geïnformeerde, rationele en kritische keuze die door ons wordt
uitgesproken wordt zo bevorderd.
4. Equity of the appeal (Eerlijkheid van boodschap): hoe eerlijk is de
boodschap? Brengt het mijn integriteit in gevaar en komt de boodschap voort
uit nobele bedoelingen en motivaties?
5. Social responsibility for the common good (Sociale verantwoordelijkheid):
is de boodschap verantwoord ten opzichte van de sociale gemeenschap?
De ethische correctheid van boodschappen is niet vanzelfsprekend. Het is van
belang om hierover te reflecteren en te beargumenteren waarom een bepaalde
boodschap ethisch correct is of niet.
Alle principes hebben met elkaar te maken.
- Er zijn vaak vragen die worden herhaald bij meerdere principes
- De principes zijn niet mutually exclusive, maar juist supportive: ze
ondersteunen elkaar
- Ze draaien allemaal een beetje rondom respect
, 2. Chartrand (2005): The Role of Conscious Awareness in Consumer Behavior
Onbewust gedrag: drie momenten voor (on)bewustzijn van de ontvanger/consument
A. Environmental Features (Omgevingsfactoren/Input): de rol van sociale
situaties/aanwezigheid van bepaalde mensen die bewust of invloed hebben
op je gedrag.
B. Automatic process (Automatisch proces/Psychologisch proces): activatie
attitudes/het onbewust nadoen van anderen: heb je inzicht in wat een
boodschap psychologisch met je doet?
C. Outcome (Uitkomst/Output): gedrag of een bepaalde beslissing naar
aanleiding van het automatische proces.
Als je je bewust bent van de fase, kun je je gedrag makkelijker aanpassen dan
wanneer je je niet bewust bent.
A: indeling van de supermarkt
B: mars kopen bij de kassa
C: ongezond eten
College 1: 7-9-21
Injectienaaldtheorie: het klakkeloos overnemen van wat er in een reclame wordt
gezegd.
Cognitieve responstheorie: wat gaat er in je hoofd om wanneer er een boodschap
wordt verteld?
Nudging: week 5: omgeving op een bepaalde manier inrichten dat het makkelijk
wordt om het gewenste gedrag uit te voeren.
Tentamen: 2 november 2021 om 12:45
Hertentamen: 13 januari 2022 om 8:30
Teamopdracht: 28 oktober 2021 om 12:00
Herkansing teamopdracht: 20 januari 2022 om 12:00
Tentamenstof:
- Wetenschappelijke artikelen
o Baker & Martinson (2001)
o Chartrand (2005)
o Maio, Verplanken, Manstead, Stroebe, Abraham, Sheeran & Conner
(2007)
o Kemps, Tiggemann & Hollitt (2014)
o Nielsen & Huber (2009)
o Van Horen & Pieters (2013)
o Fransen, Verlegh, Kirmani & Smit (2015)
o Jenkins & Dragojevic (2013)
o Hofmann, Friese & Wiers (2008)
o May & Irmak (2018)
o Moyer-Gusé, Chung & Jain (2011)
o Kim, Lee & Macias (2014)
o Jaeger & Schultz (2017)
o Melnyk, Herpen, Fischer & Trijp (2013)
o Cadario & Chandon (2020)
o Romero & Biswas (2016)
o Updegraff & Rothman (2013)
o De Graaf, van den Putte & de Bruijn (2015)
o McQuarrie & Philips (2005)
o Van Mulken, van Hooft & Nederstigt (2014)
o Garvey, Germann & Bolton (2016)
o Sundar & Noseworthy (2016)
o Cialdini & Goldstein (2004)
o O’Keefe & Figgé (1997)
- Kennisclips
- Powerpoints
- Presentaties
,Moderatie en Mediatie
Er zijn altijd uitzonderingen, maar over het algemeen geldt dit (vuistregels)
Mechanisme/Proces dat ten grondslag ligt van het effect:
- Moderatie: interactie. Hier onderzoek je factoren die iets veranderen aan het
effect.
- Mediatie: hier onderzoek je of een factor verantwoordelijk is voor een effect.
o OV: boodschapskenmerk → positief of negatief framen
o AV: heeft dat effect op de ontvanger → maakt de ontvanger positiever
of negatiever tov het frame
Moderatie Mediatie
Modereren = verminderen = veranderen Mediëren = bemiddelen = doorgeven
Voorwaarde voor effect Onderliggend aan effect
Wanneer is er een effect Hoe werkt het effect
Het effect van OV op AV bestaat alleen Het effect van OV op AV komt door …
(of vooral) als …
Onafhankelijke variabele Afhankelijke variabele
Gemanipuleerd of natuurlijk Getriggerd door OV
Manipuleer of meet je Meet je
Vaak categorieën (nominaal) Vaak continu (schaal)
Sectie: stimulusmateriaal / procedure / Sectie: instrumentatie
proefpersonen
Conceptuele uitleg: wat betekent het
Praktische uitleg: hoe zien ze er vaak uit in onderzoek
Moderatie:
Mediatie:
,1. Baker & Martinson (2001): The TARES Test: Five Principles for Ethical
Persuasion
TARES-test principes:
1. Truthfullness of the message (Waarheid van boodschap): is deze
boodschap feitelijk waar en zou ik voelen dat deze boodschap niet misleidend
was als deze boodschap aan mij wordt gecommuniceerd in deze context?
2. Authenticity of the persuader (Oprechtheid van zender): zou jij deze
boodschap aan je naasten kunnen zenden? Mensen overtuigen over een
principe waar ik voor sta? Ben je integer, oprecht, echt, loyaal en onafhankelijk
als je de boodschap zendt?
3. Respect for the persuadee (Respect voor de beoogd ontvanger:
hoofdprincipe): zend ik een boodschap die de ontvangers respecteert? De
mate van vrije, geïnformeerde, rationele en kritische keuze die door ons wordt
uitgesproken wordt zo bevorderd.
4. Equity of the appeal (Eerlijkheid van boodschap): hoe eerlijk is de
boodschap? Brengt het mijn integriteit in gevaar en komt de boodschap voort
uit nobele bedoelingen en motivaties?
5. Social responsibility for the common good (Sociale verantwoordelijkheid):
is de boodschap verantwoord ten opzichte van de sociale gemeenschap?
De ethische correctheid van boodschappen is niet vanzelfsprekend. Het is van
belang om hierover te reflecteren en te beargumenteren waarom een bepaalde
boodschap ethisch correct is of niet.
Alle principes hebben met elkaar te maken.
- Er zijn vaak vragen die worden herhaald bij meerdere principes
- De principes zijn niet mutually exclusive, maar juist supportive: ze
ondersteunen elkaar
- Ze draaien allemaal een beetje rondom respect
, 2. Chartrand (2005): The Role of Conscious Awareness in Consumer Behavior
Onbewust gedrag: drie momenten voor (on)bewustzijn van de ontvanger/consument
A. Environmental Features (Omgevingsfactoren/Input): de rol van sociale
situaties/aanwezigheid van bepaalde mensen die bewust of invloed hebben
op je gedrag.
B. Automatic process (Automatisch proces/Psychologisch proces): activatie
attitudes/het onbewust nadoen van anderen: heb je inzicht in wat een
boodschap psychologisch met je doet?
C. Outcome (Uitkomst/Output): gedrag of een bepaalde beslissing naar
aanleiding van het automatische proces.
Als je je bewust bent van de fase, kun je je gedrag makkelijker aanpassen dan
wanneer je je niet bewust bent.
A: indeling van de supermarkt
B: mars kopen bij de kassa
C: ongezond eten