Inleiding
Communiceren in de zorg is het overbrengen en ontvangen van een boodschap, het
uitwisselen van informatie tussen mensen. Het is een doorlopend proces van
informatie uitwisselen tussen zorgverlener en cliënt: de een reageert steeds op de
ander.
In een gesprek zijn niet alleen de woorden die je zegt belangrijk, de verbale
communicatie. Nog belangrijker is de manier waarop je die woorden zegt en hoe je je
gezicht of lichaamstaal daarbij gebruikt: de non-verbale communicatie.
Je gezichtsuitdrukkingen en lichaamshouding hebben grote invloed. Het maakt
verschil of je een zin fluistert of schreeuwt. In de meeste gesprekken hebben non-
verbale boodschappen een grotere invloed dan onze woorden. Zeker als emoties een
rol spelen. Ongeveer 80 procent van je communicatie is non-verbaal. Daarom is het
zeer belangrijk om op je mimiek en lichaamstaal te letten en de betekenis ervan te
kennen.
Evalueren met de zorgvrager en naastbetrokkene
Evaluatie met cliënten neemt in het dagelijks handelen van zorgverleners een
belangrijke plaats in. De communicatie kan vele vormen aannemen. Om een goede
zorg te garanderen moet je als zorgverlener o.a.
informeren
motiveren
geruststellen
meedelen
aanhoren
vertrouwen scheppen
Hoe beter en duidelijker je met je patiënten communiceert, hoe beter de onderlinge
verstandhouding, het vertrouwen en de patiënttevredenheid. Het is dus cruciaal om:
Te vragen en te luisteren: op een open en ongeforceerde manier relevante
persoonlijke info verkrijgen
Te informeren: zorg gerelateerde informatie helder en bevattelijk overbrengen
Pagina 1 van 6