Inhoudsopgave
Kennisclips – de neonatoloog vlog .................................................................................................................. 2
Kennisclips – Medische fysiologie ................................................................................................................. 12
Changes from intra to extra uterine – Circulation, 1 & 2 .................................................................................. 12
Changes from intra to extra uterine – Longen, 1, 2 & 3 ................................................................................... 20
Kennisclips – Koorts in kinderen ................................................................................................................... 26
Kennisclip 1 – Koorts en neurologie in kinderen ............................................................................................... 26
Kennisclip 2 – Huidmanifestaties bij kinderen .................................................................................................. 28
Kennisclip 3 – Paediatrische kijk op koorts bij kinderen.................................................................................... 36
Kennisclips – Kinderlongziekten (0 t/m 8) ..................................................................................................... 39
Kennisclip 1 – hoesten ...................................................................................................................................... 39
Kennisclip 2 – anamnese in pediatric pulmonology en ‘red flags’ .................................................................... 40
Kennisclip 3 – lichamelijk onderzoek in pediatric pulmonoly en ‘red flags’ ...................................................... 42
Kennisclip 4 – auscultatie ................................................................................................................................. 46
Kennisclip 5 – bovenste versus onderste luchtwegen, stridor versus wheezing, specifieke ziektes
(laryngomalacie, pseudocroup, epiglottits, corpus alienum)............................................................................ 47
Kennisclip 6 – de lagere luchtwegen: bronchiolitis en pneumonie ................................................................... 49
Kennisclip 7 – astma en meer + het gebruik van inhalers ................................................................................. 51
Kennisclip 8 – BPD, CF & PCD ............................................................................................................................ 53
Kennisclips – voedselallergie (capita selecta) ................................................................................................ 56
Kennisclip 1 – epidemiologie............................................................................................................................. 56
Kennisclip 2 – mechanismen van voedselallergie ............................................................................................. 58
Kennisclip 3 – Symptomen en diagnose van voedselallergie ............................................................................ 60
Kennisclip 4 – beleid voedselallergie................................................................................................................. 62
Kennisclip 5 – preventie en samenvatting ........................................................................................................ 64
,Kennisclips – de neonatoloog vlog
3 groepen patiënten:
- Prematuren (<37 weken)
- Baby’s die rond de geboorte problemen krijgen (e.g. asfyxie)
- Baby’s met congenitale afwijkingen (hartaandoeningen)
Epidemiologie
- 170.000 kinderen worden elk jaar in Nederland geboren
- Definities:
o Gemiddeld preterm = 32-37 weken
o Erg preterm = 26-32 weken
o Extreem preterm = 24-26 weken
- Jaarlijks worden 10.000 gemiddeld prematuren geboren
- Jaarlijks worden 2550 erg prematuren geboren
Prematuriteit – uitkomsten
,1e baby, meisje: Abruptio placentae, 36 weken
- Probleem: longen (transitieprobleem)
o Surfactant-tekort en nood-C-section, waardoor er met mechanische drukken
geen vocht uit de longen is gedrukt
o Behandeling: CPAP, 6 cmH2O druk
Frontale X-thorax van een caesarean sectio geboorte a term: Te veel vocht in de longen
- Tachypneu en dyspneu
- Witte cirkels: perihiliaire
densiteiten
- Zwarte pijl: vocht in fissura
minora
, Foetale neonatale veranderingen
- Ventilatie; Beluchting van de longen
- Circulatie; Transitie van de circulatie
- Placenta; verwijdering van de lage weerstand circulatie
- Metabolisme
- Lichaamstemperatuur
Adaptaties van spontane ventilatie
- Foetale adembewegingen (vanaf week 10-11)
- Rond de geboorte zijn er geen adembewegingen
- Eerste adem:
o 6-39 seconden na de geboorte, meestal >20 sec
o Trigger = afkoeling
§ Activatie centrale PCO2 chemoreceptor (perifere CO2 en O2
receptoren minder)
o Hoge respiratoire druk, 39 cmH2O (28-105 cm)
o Actieve expiratie (huilen, 72 cmH2O (18-115 cm))
è Om de longen te openen, creëert de baby hoge inspiratoire drukken
- Amnion vocht wordt vervangen door een gasmengsel
o Foetale long: produceert vocht 4-5 ml/kg/h
o Na de geboorte: water resorptie in de long
§ Mechanisch (geboorte kanaal)
§ Partus (geboorte)
§ Endogene catecholamines (E)
§ Maturatie respons catecholamines (T4/T3)
è Prematuur kind: deze switch vindt niet plaats
o Cortisol
o Surfactant
Adaptaties van de circulatie
- Foetaal:
o 10% van de CO gaat door de longen in de placenta
o Parallele circulatie R/L à lichaam
o Mix van bloed, zuurstof rijk en zuurstof arm
o ‘bypasses’;
§ Ductus venosus
§ Ductus arteriosus
o Relatief lage zuurstof omgeving
- Neonataal: binnen enkele minuten ‘adult’ circulatie
è Wat is het effect van het afsluiten van de navelstreng?
è Hoe veranderen de bloedflow, bloeddrukken en shunts van intra-uterine naar
extra-uterine omgeving?
è Wat is het effect van het afsnijden van de lage-druk placenta?
è Welke mechanismen verlagen de vasculaire weerstand en waarom is dit
belangrijk?