4 Volledig vrije mededinging en prijsvorming
Volledig vrije mededinging (volkomen concurrentie) = Een marktvorm waarbij er veel
aanbieders zijn en ook veel vragers zijn.
à De prijs komt tot stand waar aanbod en vraag precies gelijk zijn aan elkaar.
à Bijvoorbeeld: de bloemenmarkt.
Oligopolie = Een marktvorm met weinig aanbieders die op dezelfde markt hun product of
dienst aanbieden.
à Bijvoorbeeld: de vliegtuigindustrie.
Monopolie = Een marktvorm met een aanbieder op de markt.
à Spoorwegen hebben bijvoorbeeld een monopolistische positie.
4.1 Vraag naar goederen
De vraag naar goederen is van meerdere factoren afhankelijk.
à Factoren van onder andere DESTEP, bijvoorbeeld:
à Hoe lager het consumentenvertrouwen, hoe lager de vraag naar duurzame
consumptiegoederen.
à Hoe hoger het reëel inkomen, hoe hoger de vraag naar de meeste goederen.
à Een stijgende prijs leidt altijd tot een dalende vraag.
à Een dalende prijs leidt altijd tot een stijgende vraag.
4.1.1 Vraagcurve
Het verband tussen de prijs en de vraag kun je
weergeven in een vraagcurve.
Op de horizontale as staat de hoeveelheid en op de
verticale as de (verkoop)prijs.
De vraagcurve kan krom zijn of in een rechte lijn.
Qv = De gevraagde hoeveelheid.
P = De verkoopprijs/consumentenprijs.
àDe consumentenprijs is inclusief BTW.
Hoe hoger de prijs, hoe lager de gevraagde hoeveelheid is.
Richtingscoëfficiënt = De verandering in de y als de x 1 eenheid toeneemt.
De richtingscoëfficiënt van de vraagcurve is negatief.
à Want de prijs en hoeveelheid bewegen zich in tegengestelde richting.
Richtingscoëfficiënt = Qv : P
à = De verandering