Samenvatting RD OP1.1
Vakgebied: RD
Onderwerpen:
- Beeldherkenning – Extremiteiten
- BMH – Extremiteiten
- Techniek – Röntgenbuis
- Techniek – Röntgenstraling
Vragen: 16
Leeswijzer RD OP1.1
1.1cRD1a – Introductie in RD
1.1cRD1b – Introductie in RD
Kennisclip – History of X-rays
Kennisclip – Röntgenfoto KWF kankerbestrijding
Kennisclip – Werkafspraken
Boek – Hoofdstuk 9
1.1zRD1 – Anatomie Beeldherkenning
1.1wRD1
1.1pRD1
1.1cRD2 – Opwekking van röntgenstraling
Boek – Hoofdstuk 2 + Hoofdstuk 10.4 & 10.6 (protocollen van aanvraagformulieren)
1.1zRD2 – Röntgenbuis en röntgenstraling
1.1wRD2
1.1pRD2
1.1cRD3 – De röntgenbuis – focus – onscherpte – beeldkwaliteit
Boek – Hoofdstuk 2 + Hoofdstuk 4.4.4 + Hoofdstuk 9
1.1wRD3
1.1zRD3 – Röntgenbuis en beeldkwaliteit
1.1pRD3
Lesstof OP1.1
- Röntgenopnames maken van arm en been
o Omgang patiënt (IPV)
o Beroepsmatig handelen (BMH)
o Anatomie/pathologie
- Buckykamer
o Röntgenbuis
o Schakeltafel
o Detector
- Röntgenstraling
o kV en mAs
o ALARA
o Kwadratenwet
- Basisprincipes röntgenopname
o Beeldvorming
o Gemiddelde helderheid
o Contrast
o (on)scherpte
o Signaal/ruis
, Radiodiagnostiek (RD) afbeelden van skelet en organen door:
- Röntgenstraling bucky, CT, doorlichting
- Geluidsgolven echografie
- Radiogolven en magnetische velden MRI
- Contrastmateriaal
CS = centraal straal bevind zich in midden van bundel
CS staat loodrecht op detector
Gebruik van:
- Doordringend vermogen van rontgenstraling (= hoog energetische electro magnetische
straling) denk aan electromagnetisch spectrum!
- Gedeeltelijke absorptie van rontgenstraling door lichaam (= biologische effecten ALARA!)
- Verstrooiing (= botsing van straling met lichaam zendt straling uit naar alle richtingen,
zowel binnen als buiten patient)
Bot absorbeert veel straling
Lucht absorbeert weinig straling
Bot >> weke delen >> lucht
Hierdoor varieert de intensiteit van uittredende rontgenbundel
In detector: omzetting van rontgencontrast beeld naar digitaal beeld
In computer: omzetting van digitaal beeld naar zichtbaar beeld met grijswaarden
(gemiddelde) helderheid = uittredende intensiteiten op detector/grijswaarden in afbeelding
Bot = wit, weke delen = grijs, lucht = zwart
Beeld bestaat uit pixels, elke pixel krijgt eigen grijstint
Contrast = verschil in uittredende intensiteiten op de detector/grijswaarden in de afbeelding
Dus contrast = verschil in helderheid
Door absorptie van straling door lichaam biologische effecten (schade) daarom ALARA (as low
as reasonably achievable)
Hoe ALARA toepassen?
- Beoordelen of onderzoek ook op andere manier kan (zonder straling echo of MRI)
- Veldgrenzen zo klein mogelijk houden
- Dosis zo laag mogelijk houden
Hoe groter het gefotografeerde volume (hoe groter het veld + hoe dikker de massa), hoe meer
verstrooiing, hoe meer strooistraling binnen patiënt, hoe hoger de stralenbelasting voor patient
Strooistraling buiten patiënt kan MBB’er bereiken daarom achter loodscherm
Strooistraling die op detector valt verstoort het rontgencontrastbeeld (= contrast bedervend)
Oplossing: veld zo klein mogelijk houden
Humerus = 65-75kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5.5-6 mAs
Elleboog = 50kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5-6 mAs
Onderarm = 50kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5-6 mAs
Femur = 50-70kV, Fd = 100-120cm, klein focus, proximal 12 mAs, distal 5-7 mAs
Knie = 50-70kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 4-5 mAs
Vakgebied: RD
Onderwerpen:
- Beeldherkenning – Extremiteiten
- BMH – Extremiteiten
- Techniek – Röntgenbuis
- Techniek – Röntgenstraling
Vragen: 16
Leeswijzer RD OP1.1
1.1cRD1a – Introductie in RD
1.1cRD1b – Introductie in RD
Kennisclip – History of X-rays
Kennisclip – Röntgenfoto KWF kankerbestrijding
Kennisclip – Werkafspraken
Boek – Hoofdstuk 9
1.1zRD1 – Anatomie Beeldherkenning
1.1wRD1
1.1pRD1
1.1cRD2 – Opwekking van röntgenstraling
Boek – Hoofdstuk 2 + Hoofdstuk 10.4 & 10.6 (protocollen van aanvraagformulieren)
1.1zRD2 – Röntgenbuis en röntgenstraling
1.1wRD2
1.1pRD2
1.1cRD3 – De röntgenbuis – focus – onscherpte – beeldkwaliteit
Boek – Hoofdstuk 2 + Hoofdstuk 4.4.4 + Hoofdstuk 9
1.1wRD3
1.1zRD3 – Röntgenbuis en beeldkwaliteit
1.1pRD3
Lesstof OP1.1
- Röntgenopnames maken van arm en been
o Omgang patiënt (IPV)
o Beroepsmatig handelen (BMH)
o Anatomie/pathologie
- Buckykamer
o Röntgenbuis
o Schakeltafel
o Detector
- Röntgenstraling
o kV en mAs
o ALARA
o Kwadratenwet
- Basisprincipes röntgenopname
o Beeldvorming
o Gemiddelde helderheid
o Contrast
o (on)scherpte
o Signaal/ruis
, Radiodiagnostiek (RD) afbeelden van skelet en organen door:
- Röntgenstraling bucky, CT, doorlichting
- Geluidsgolven echografie
- Radiogolven en magnetische velden MRI
- Contrastmateriaal
CS = centraal straal bevind zich in midden van bundel
CS staat loodrecht op detector
Gebruik van:
- Doordringend vermogen van rontgenstraling (= hoog energetische electro magnetische
straling) denk aan electromagnetisch spectrum!
- Gedeeltelijke absorptie van rontgenstraling door lichaam (= biologische effecten ALARA!)
- Verstrooiing (= botsing van straling met lichaam zendt straling uit naar alle richtingen,
zowel binnen als buiten patient)
Bot absorbeert veel straling
Lucht absorbeert weinig straling
Bot >> weke delen >> lucht
Hierdoor varieert de intensiteit van uittredende rontgenbundel
In detector: omzetting van rontgencontrast beeld naar digitaal beeld
In computer: omzetting van digitaal beeld naar zichtbaar beeld met grijswaarden
(gemiddelde) helderheid = uittredende intensiteiten op detector/grijswaarden in afbeelding
Bot = wit, weke delen = grijs, lucht = zwart
Beeld bestaat uit pixels, elke pixel krijgt eigen grijstint
Contrast = verschil in uittredende intensiteiten op de detector/grijswaarden in de afbeelding
Dus contrast = verschil in helderheid
Door absorptie van straling door lichaam biologische effecten (schade) daarom ALARA (as low
as reasonably achievable)
Hoe ALARA toepassen?
- Beoordelen of onderzoek ook op andere manier kan (zonder straling echo of MRI)
- Veldgrenzen zo klein mogelijk houden
- Dosis zo laag mogelijk houden
Hoe groter het gefotografeerde volume (hoe groter het veld + hoe dikker de massa), hoe meer
verstrooiing, hoe meer strooistraling binnen patiënt, hoe hoger de stralenbelasting voor patient
Strooistraling buiten patiënt kan MBB’er bereiken daarom achter loodscherm
Strooistraling die op detector valt verstoort het rontgencontrastbeeld (= contrast bedervend)
Oplossing: veld zo klein mogelijk houden
Humerus = 65-75kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5.5-6 mAs
Elleboog = 50kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5-6 mAs
Onderarm = 50kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 5-6 mAs
Femur = 50-70kV, Fd = 100-120cm, klein focus, proximal 12 mAs, distal 5-7 mAs
Knie = 50-70kV, Fd = 100-120cm, klein focus, 4-5 mAs