R als rekenmachine:
Volgen de rekenregels op
In het hoofdconsol of doormiddel van een nieuw script open (zorgt
voor door rekenen en kan je opslaan)
Tot de macht ^
Objecten:
Getallen, vectoren, matrices, dataset
Creëren met toekenningsoperator <-
Hoofdlettergevoelig!
Voorbeeld objecten:
Lengte <- 173
Gewicht <- 62
o Object opvragen door de naam van het object in te vullen
Type objecten:
Integer gehele getallen
Double decimale getallen
Character tekst
Logical true of false
o Typeof(OBJECT)
Verschillende structuren van objecten:
Vector elementen gerangschikt in één rij; alle elementen
dienen van hetzelfde type te zijn
Matrix elementen gerangschikt in rijen en kolommen; alle
elementen dien van hetzelfde type te zijn en elke kolom dient even
lang te zijn
Data frame elementen gerangschikt in rijen en kolomen; elke
kolom kan een eigen type hebben, maar moet dezelfde lengte
hebben
o Structuur opvragen van een object
o Str(OBJECT)
Vector:
De functie c()
Een numerieke vector
o X <- c (1,2,3,4,5)
Een character vector
o Y <-c (‘a’,’b’,’c’)
Functie seq()
o Z<-seq(1,10,1)
Startend bij het getal 1 en eindigend bij het getal 10
De laatste 1 bepaald de stapjes
Functie rep()