Hoofdstuk 5
§1 versnellen
Snelheid:
Km/h
v=s:t
v = snelheid (m/s) x 3,6 : 3,6
s = afstand (km)
t = tijd (seconden) m/s
Snelheid-tijd diagram (v,t diagram):
Wat gebeurt er bij A, B, C, D, E en F?
A. versnelling
B. constante snelheid
C. vertraging
D. constante (lagere) snelheid
E. vertraging
F. stilstand
Geleidelijke versnellingen en vertragingen, dus De snelheid veranderd. Je kan dus ook
met een rechte, diagonale lijn, noemen we berekenen hoe hij verandert.
eenparige versnelde bewegingen. Dit noemen we versnelling
Versnelling: (hoe groot is lijnstuk A?)
Versnelling = verandering van snelheid
Verandering van tijd
∆v _ 𝑣𝑒𝑖𝑛𝑑 − 𝑣𝑏𝑒𝑔𝑖𝑛
a = ∆t
𝑎=
𝑡𝑒𝑖𝑛𝑑 − 𝑡𝑏𝑒𝑔𝑖𝑛
a= v eind – v begin _
t eind – t begin 30 − 0
𝑎=
4,0 − 0,0
30
𝑎=
4,0
7,5 m/s2 wil zeggen:
jjj
Elke seconden neemt de 𝑎 = 7,5 𝑚/𝑠2
snelheid toe met 7 meter/ssd
Als er een min voor stond
was het een vertragingssd/
, Hoofdstuk 5
Afgelegde afstand:
In het diagram:
◦ Snelheid staat op de verticale as.
→ lengte
◦ Tijd staat op de horizontale as.
→ breedte
afgelegde afstand = snelheid ∙ tijd
Op de grafiek bereken je dus de oppervlakte =
lengte ∙ breedte
Berekening voor afgelegde afstand:
S=v∙t bij rechthoeken
S = 0,5 ∙ v ∙ t bij driehoeken
1
I. 𝑠 = 2 ∙ 30 ∙ 4,0 = 60 𝑚
II III II. 𝑠 = 30 ∙ 4,0 = 120 𝑚
1
I III. 𝑠 = 2 ∙ 20 ∙ 4,0 = 40 𝑚
IV V IV. 𝑠 = 10 ∙ 8,0 = 80 𝑚
V V.
1
𝑠 = 2 ∙ 10 ∙ 2,0 +
= 10 𝑚
𝑠 = 310 𝑚
§1 versnellen
Snelheid:
Km/h
v=s:t
v = snelheid (m/s) x 3,6 : 3,6
s = afstand (km)
t = tijd (seconden) m/s
Snelheid-tijd diagram (v,t diagram):
Wat gebeurt er bij A, B, C, D, E en F?
A. versnelling
B. constante snelheid
C. vertraging
D. constante (lagere) snelheid
E. vertraging
F. stilstand
Geleidelijke versnellingen en vertragingen, dus De snelheid veranderd. Je kan dus ook
met een rechte, diagonale lijn, noemen we berekenen hoe hij verandert.
eenparige versnelde bewegingen. Dit noemen we versnelling
Versnelling: (hoe groot is lijnstuk A?)
Versnelling = verandering van snelheid
Verandering van tijd
∆v _ 𝑣𝑒𝑖𝑛𝑑 − 𝑣𝑏𝑒𝑔𝑖𝑛
a = ∆t
𝑎=
𝑡𝑒𝑖𝑛𝑑 − 𝑡𝑏𝑒𝑔𝑖𝑛
a= v eind – v begin _
t eind – t begin 30 − 0
𝑎=
4,0 − 0,0
30
𝑎=
4,0
7,5 m/s2 wil zeggen:
jjj
Elke seconden neemt de 𝑎 = 7,5 𝑚/𝑠2
snelheid toe met 7 meter/ssd
Als er een min voor stond
was het een vertragingssd/
, Hoofdstuk 5
Afgelegde afstand:
In het diagram:
◦ Snelheid staat op de verticale as.
→ lengte
◦ Tijd staat op de horizontale as.
→ breedte
afgelegde afstand = snelheid ∙ tijd
Op de grafiek bereken je dus de oppervlakte =
lengte ∙ breedte
Berekening voor afgelegde afstand:
S=v∙t bij rechthoeken
S = 0,5 ∙ v ∙ t bij driehoeken
1
I. 𝑠 = 2 ∙ 30 ∙ 4,0 = 60 𝑚
II III II. 𝑠 = 30 ∙ 4,0 = 120 𝑚
1
I III. 𝑠 = 2 ∙ 20 ∙ 4,0 = 40 𝑚
IV V IV. 𝑠 = 10 ∙ 8,0 = 80 𝑚
V V.
1
𝑠 = 2 ∙ 10 ∙ 2,0 +
= 10 𝑚
𝑠 = 310 𝑚