BIOLOGIE (samenvatting toetsweek 1)
Hoofdstuk 28: cellen
Molecuul meerdere atomen
Celorganel duidelijk onderscheiden delen van de cel
Cel zitten celorganellen in
Weefsel groep cellen met dezelfde vorm en functie
Orgaan organisme met een bepaalde taak; maag hierin zitten weer verschillende weefsels.
Orgaanstelsel meerdere organen die samen een taak uitvoeren; spijsverteringstelsel.
Organisme al dit voorgaande samen
Populatie een zelfde groep organismen samen.
Levensgemeenschap meerdere verschillende populaties bij elkaar.
Ecosysteem organismen met populaties en levensgemeenschappen.
Biosfeer het gedeelte van de aarde waar leven mogelijk is.
Celkern; (omgeven door kernmembraan) ligt erfelijk materiaal wat alles regelt in de cel.
Celplasma (grondplasma/cytoplasma); waterige substantie waar veel meer organellen rondzweven.
Zit in een dunne laag om de vacuole heen.
Celvormen; Dekweefsel bestaat uit platte cellen. Het zogenoemde vulweefsel (parenchym) heeft
cellen met een dunne wand en zijn even hoog als lang als breed. Stevigheidsweefsel (bijvoorbeeld
collenchym en sklerenchym) bestaat uit cellen met heel dikke wanden. Deze cellen hebben vaak
geen levende celinhoud meer.
Parenchym Sterparenchym Collenchym Dekweefsel
(planten) Vacuole: blaasje vol vocht met hierin opgeloste stoffen zouten, kleurstof; anthocyaan.
Afhankelijk van de zuurgraad is anthocyaan rood (pH lager dan 7) of blauw (pH 7 of hoger). Jonge
planten hebben meerdere kleine vacuolen als ze groter groeien groeit dit tot een grote.
Hoofdstuk 28: cellen
Molecuul meerdere atomen
Celorganel duidelijk onderscheiden delen van de cel
Cel zitten celorganellen in
Weefsel groep cellen met dezelfde vorm en functie
Orgaan organisme met een bepaalde taak; maag hierin zitten weer verschillende weefsels.
Orgaanstelsel meerdere organen die samen een taak uitvoeren; spijsverteringstelsel.
Organisme al dit voorgaande samen
Populatie een zelfde groep organismen samen.
Levensgemeenschap meerdere verschillende populaties bij elkaar.
Ecosysteem organismen met populaties en levensgemeenschappen.
Biosfeer het gedeelte van de aarde waar leven mogelijk is.
Celkern; (omgeven door kernmembraan) ligt erfelijk materiaal wat alles regelt in de cel.
Celplasma (grondplasma/cytoplasma); waterige substantie waar veel meer organellen rondzweven.
Zit in een dunne laag om de vacuole heen.
Celvormen; Dekweefsel bestaat uit platte cellen. Het zogenoemde vulweefsel (parenchym) heeft
cellen met een dunne wand en zijn even hoog als lang als breed. Stevigheidsweefsel (bijvoorbeeld
collenchym en sklerenchym) bestaat uit cellen met heel dikke wanden. Deze cellen hebben vaak
geen levende celinhoud meer.
Parenchym Sterparenchym Collenchym Dekweefsel
(planten) Vacuole: blaasje vol vocht met hierin opgeloste stoffen zouten, kleurstof; anthocyaan.
Afhankelijk van de zuurgraad is anthocyaan rood (pH lager dan 7) of blauw (pH 7 of hoger). Jonge
planten hebben meerdere kleine vacuolen als ze groter groeien groeit dit tot een grote.