Arbeidsmarktbeleid
Inhoud
De wereld van arbeidsbemiddeling - Hoofdstuk 1..................................................3
1.2 Definities....................................................................................................... 3
1.3 Arbeidsbemiddeling in historisch perspectief................................................4
1.4 Arbeidsbemiddeling in de 21ste eeuw............................................................4
1.5 Functies binnen de vraaggerichte arbeidsbemiddeling.................................4
1.6 Functies binnen de aanbodgerichte arbeidsbemiddeling..............................4
1.7 De arbeidsmarkt........................................................................................... 5
1.8 Vraaggerichte arbeidsbemiddeling...............................................................6
1.9 Toekomst van het vak................................................................................... 6
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 4...................................................................6
4.1 Werkloosheid................................................................................................. 6
4.2 Werkloosheid en recht op een uitkering........................................................6
4.2.1 De wet werk en bijstand..........................................................................6
4.2.2 De werkloosheidswet...........................................................................7
4.3 Doelgroepen op de arbeidsmarkt..............................................................8
4.4 Soorten werklozen..................................................................................... 8
4.5 Arbeidsmarktmakelaars vanuit de overheid..............................................8
4.6 Toolkit voor de arbeidsmarktmakelaars.....................................................9
De wereld van arbeidsbemiddeling – hoofdstuk 10................................................9
10.2 Wet flexibiliteit en zekerheid (flexwet)........................................................9
WAADI............................................................................................................... 10
CAO................................................................................................................... 10
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 5.................................................................10
5.1 Historie arbeidsparticipatie van vrouwen....................................................10
5.2 Vormen van non-participatie op de arbeidsmarkt.......................................11
5.2.1 Thuisblijvende moeders........................................................................11
5.2.2 Vrijwilligers............................................................................................ 11
5.2.3 Nabestaanden....................................................................................... 11
5.2.4 Informele arbeid.................................................................................... 11
5.3 Combinaties van non-participatie en participatie........................................11
5.3.1 Opkomst van flexibele werkvormen......................................................11
5.3.2 Zorg voor kinderen................................................................................ 11
5.3.3 Zorg voor zieken en ouderen................................................................11
, 5.4 Arbeidsmarkmakelaars en de transitie van non-participatie naar participatie
.......................................................................................................................... 12
5.4.1 Instrumenten voor de transitie van non-participanten naar de
arbeidsmarkt.................................................................................................. 12
5.4.2 Instrumenten werk- en zorgtaken combineren......................................12
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 6.................................................................12
6.1 Transitie van werk naar pensionering in historisch perspectief...................12
6.2 Veranderde verwachtingen: een beknopte regelingengeschiedenis...........13
6.2.1 Algemene Ouderdomswet.....................................................................13
6.2.2 Collectieve aanvullende pensioensregeling..........................................13
6.2.3 Individuele pensioenverzekeringen.......................................................13
6.2.3 Vervroegde pensionering......................................................................13
6.2.5 Lage arbeidsparticipatie ouderen..........................................................13
6.2.7 Het vergrijzingsspook............................................................................14
6.3 Arbeidsparticipatie ouderen........................................................................14
De wereld van arbeidsbemiddeling - Hoofdstuk 1.
, 1.2 Definities
Arbeidsbemiddeling = het bij elkaar brengen van werkgever (vraag) en
werkzoekende (aanbod) op de arbeidsmarkt met als doel de totstandkoming van
een arbeidsverhouding.
Intermediair = de instantie die als derde partij (tussenpersoon) de bemiddeling
tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt tot stand brengt.
Opdrachtgever = de organisatie die via een intermediair op zoek gaat naar een
nieuwe (tijdelijke) medewerker.
Prospect = een potentiële opdrachtgever.
Inlener = de organisatie waar de uitzendkracht of flexwerker aan het werk is
gesteld.
Accountmanager = de medewerker in dienst bij de intermediair die
verantwoordelijk is voor het commerciële proces, waaronder de acquisitie bij
bestaande opdrachtgevers en prospects.
Consultant = de persoon die zijn expertise op het gebied van arbeidsbemiddeling
inbrengt, door vraag en aanbod op het arbeidsmarkt bij elkaar te brengen.
Intercedent = de medewerker die op het uitzendbureau verantwoordelijk is voor
het bemiddelingsproces.
Kandidaat = de persoon die via een intermediair op zoek is naar een nieuwe
(tijdelijke) overeenkomst, gericht op het verrichten van arbeid of die een ITB-
traject ondergaat.
Uitzendkracht = iemand die bij het uitzendbureau staat ingeschreven en voor
bemiddeling naar arbeid in aanmerking wil komen.
Detacheringskracht = de werknemer die in dienst is bij de intermediair en die
tijdelijk werkt bij de inlener.
flexwerker = de werknemer die op tijdelijke basis is uitgezonden naar de inlener.
Dit kan op detacherings- of uitzendbasis.
Zzp’er = een Zelfstandige Zonder Personeel voert, vanuit zelfstandige
ondernemerschap, projectopdrachten uit binnen organisaties. Hij kan bemiddeld
worden door de intermediair, maar treedt niet in dienst bij de intermediair of
inlener.
Inhoud
De wereld van arbeidsbemiddeling - Hoofdstuk 1..................................................3
1.2 Definities....................................................................................................... 3
1.3 Arbeidsbemiddeling in historisch perspectief................................................4
1.4 Arbeidsbemiddeling in de 21ste eeuw............................................................4
1.5 Functies binnen de vraaggerichte arbeidsbemiddeling.................................4
1.6 Functies binnen de aanbodgerichte arbeidsbemiddeling..............................4
1.7 De arbeidsmarkt........................................................................................... 5
1.8 Vraaggerichte arbeidsbemiddeling...............................................................6
1.9 Toekomst van het vak................................................................................... 6
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 4...................................................................6
4.1 Werkloosheid................................................................................................. 6
4.2 Werkloosheid en recht op een uitkering........................................................6
4.2.1 De wet werk en bijstand..........................................................................6
4.2.2 De werkloosheidswet...........................................................................7
4.3 Doelgroepen op de arbeidsmarkt..............................................................8
4.4 Soorten werklozen..................................................................................... 8
4.5 Arbeidsmarktmakelaars vanuit de overheid..............................................8
4.6 Toolkit voor de arbeidsmarktmakelaars.....................................................9
De wereld van arbeidsbemiddeling – hoofdstuk 10................................................9
10.2 Wet flexibiliteit en zekerheid (flexwet)........................................................9
WAADI............................................................................................................... 10
CAO................................................................................................................... 10
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 5.................................................................10
5.1 Historie arbeidsparticipatie van vrouwen....................................................10
5.2 Vormen van non-participatie op de arbeidsmarkt.......................................11
5.2.1 Thuisblijvende moeders........................................................................11
5.2.2 Vrijwilligers............................................................................................ 11
5.2.3 Nabestaanden....................................................................................... 11
5.2.4 Informele arbeid.................................................................................... 11
5.3 Combinaties van non-participatie en participatie........................................11
5.3.1 Opkomst van flexibele werkvormen......................................................11
5.3.2 Zorg voor kinderen................................................................................ 11
5.3.3 Zorg voor zieken en ouderen................................................................11
, 5.4 Arbeidsmarkmakelaars en de transitie van non-participatie naar participatie
.......................................................................................................................... 12
5.4.1 Instrumenten voor de transitie van non-participanten naar de
arbeidsmarkt.................................................................................................. 12
5.4.2 Instrumenten werk- en zorgtaken combineren......................................12
Arbeidsmarktmakelaars – hoofdstuk 6.................................................................12
6.1 Transitie van werk naar pensionering in historisch perspectief...................12
6.2 Veranderde verwachtingen: een beknopte regelingengeschiedenis...........13
6.2.1 Algemene Ouderdomswet.....................................................................13
6.2.2 Collectieve aanvullende pensioensregeling..........................................13
6.2.3 Individuele pensioenverzekeringen.......................................................13
6.2.3 Vervroegde pensionering......................................................................13
6.2.5 Lage arbeidsparticipatie ouderen..........................................................13
6.2.7 Het vergrijzingsspook............................................................................14
6.3 Arbeidsparticipatie ouderen........................................................................14
De wereld van arbeidsbemiddeling - Hoofdstuk 1.
, 1.2 Definities
Arbeidsbemiddeling = het bij elkaar brengen van werkgever (vraag) en
werkzoekende (aanbod) op de arbeidsmarkt met als doel de totstandkoming van
een arbeidsverhouding.
Intermediair = de instantie die als derde partij (tussenpersoon) de bemiddeling
tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt tot stand brengt.
Opdrachtgever = de organisatie die via een intermediair op zoek gaat naar een
nieuwe (tijdelijke) medewerker.
Prospect = een potentiële opdrachtgever.
Inlener = de organisatie waar de uitzendkracht of flexwerker aan het werk is
gesteld.
Accountmanager = de medewerker in dienst bij de intermediair die
verantwoordelijk is voor het commerciële proces, waaronder de acquisitie bij
bestaande opdrachtgevers en prospects.
Consultant = de persoon die zijn expertise op het gebied van arbeidsbemiddeling
inbrengt, door vraag en aanbod op het arbeidsmarkt bij elkaar te brengen.
Intercedent = de medewerker die op het uitzendbureau verantwoordelijk is voor
het bemiddelingsproces.
Kandidaat = de persoon die via een intermediair op zoek is naar een nieuwe
(tijdelijke) overeenkomst, gericht op het verrichten van arbeid of die een ITB-
traject ondergaat.
Uitzendkracht = iemand die bij het uitzendbureau staat ingeschreven en voor
bemiddeling naar arbeid in aanmerking wil komen.
Detacheringskracht = de werknemer die in dienst is bij de intermediair en die
tijdelijk werkt bij de inlener.
flexwerker = de werknemer die op tijdelijke basis is uitgezonden naar de inlener.
Dit kan op detacherings- of uitzendbasis.
Zzp’er = een Zelfstandige Zonder Personeel voert, vanuit zelfstandige
ondernemerschap, projectopdrachten uit binnen organisaties. Hij kan bemiddeld
worden door de intermediair, maar treedt niet in dienst bij de intermediair of
inlener.