8.1 Introductie
Elke magneet heeft 2 verschillende uiteinden, de noordpool en de zuidpool. Noord en zuid trekt
elkaar aan. Die magnetische krachtwerking kan zowel afstotend als aantrekkend zijn en is het
grootst bij de polen.
Materialen die magnetisch zijn en blijven, zijn permanente magneten.
In een elektromagneet, een stroomdraad gewikkeld om een ijzeren kern, zorgt een elektrische stroom
voor het magnetisme.
In magnetiseerbare materialen zijn de atomen zodanig met elkaar verbonden dat ze microscopisch
kleine magnetische gebiedjes vormen. In het niet-gemagnetiseerde materiaal zijn de richtingen van
deze magnetische gebiedjes ongeordend. Als je er een magneet bijhoudt, gaan alle gebiedjes gericht
kracht blijven houden. Dit verdwijnt wel langzamerhand.
Er bestaan ook permanente magneten en deze zijn gemaakt van legeringen. De magnetische werking is
het sterkst bij de uiteinden.
Bij een kompas zit een klein dun magneetje, die om een asje kan draaien. Op enige afstand van een
permanente magneet wordt een kompasnaald gericht door de permanente magneet. In elk punt om
deze permanente magneet wordt het kompasnaaldje anders gericht. Je krijgt dan een magnetisch veld.
Hierbij zijn magnetische veldlijnen, die aangeven in welke richting een kompasnaaldje wijst als je
het daar neer zou zetten:
- Veldlijnen lopen buiten een magneet van de noordpool naar de zuidpool
- Veldlijnen snijden elkaar nooit
- De richting van een magnetische veldlijn geeft de richting aan waarin de noordpool van een
draaibare naaldmagneet op die plaats wijst. Een kompasnaald gaat in de richting van die raaklijn aan
de veldlijn staan.
8.2 Magnetische velden door elektrische stroom
Begrijpen
In de driedimensionale ruimte om de aarde heen is er een richtende magnetische krachtwerking op een
kompasnaald aardmagnetisch veld. De aarde is net een grote staafmagneet met de zuidpool ergens
diep onder het ijs van de noordpool, de plaats waar alle kompasnaaldjes heen wijzen. De magnetische
zuidpool valt overigens niet samen met de geografische Noordpool. De richting van het veld is altijd
naar de noordpool. In de ruimte lopen de veldlijnen door de aarde heen.
De magnetische veldlijnen van een permanente magneet beginnen bij de noordpool en eindigen bij de
zuidpool. In elk punt geeft de richting van de raaklijn aan de magnetische veldlijn de richting weer die
een kompasnaald aanwijst als hij daar staat.
Een stroomspoel is een stroomdraad die meestal om een koker is gewonden. Als er een elektrische
stroom door de draad van de spoel gaat, is er binnen en buiten de spoel een magnetisch veld.
De richting van het magnetisch veld en de richting van de elektrische stroom horen bij elkaar volgens
de rechterhandregel:
De gekromde vingers van je rechterhand wijzen in de draairichting van de elektrische stroom door de
windingen. Je uitgestoken duim geeft de richting aan van de magnetische veldlijnen binnen de spoel.
Het magneetveld van een spoel wordt veroorzaakt door de elektrische stroom door de stroomdraad.
Een enkele rechte stroomdraad heeft dus ook een magneetveld om zich aan. De veldlijnen bij een
rechte stroomdraad zijn cirkels in een vlak loodrecht op de stroomdraad. Veldlijnen hebben geen begin