Reclassering
Minor Forensische Criminologie
Vraag 5
Organisatie van de reclassering
De reclassering kun je zien als een constante factor in de strafrechtsketen. In alle fasen van
het strafproces is de reclassering actief. Zij zijn betrokken vanaf het moment dat een individu
door de politie wordt opgepakt tot na de veroordeling en detentie. De reclassering begeleidt
de gedetineerde tijdens het verblijf in de gevangenis en ook bij de terugkeer in de
maatschappij. De reclassering kent ook andere taken zoals het uitbrengen van adviezen over
de risico’s, voert de voorwaardelijke straffen en werkstraffen uit. Het belangrijkste doel van
de reclassering is het bijdragen aan de veiligheid van de samenleving door het voorkomen
van criminaliteit en het terugdringen van recidive.
De vier hoofdtaken van de reclassering zijn1: diagnose en advies, toezicht, taakstraf en
gedragsinterventies. Als eerst kijkt de reclassering hoe groot de kans is dat de gedetineerde
in herhaling zal raken, wat is het recidiverisico? Dit doet de reclassering door gesprekken
met de gedetineerde te voeren en zijn achtergrond te bestuderen. Vervolgens wordt er door
middel van risicotaxatie-instrumenten, risicofactoren in kaart gebracht. Voorbeelden van
risicofactoren zijn bijvoorbeeld alcohol- en drugsgebruik. Vervolgens wordt door de
reclassering een advies uitgebracht over de gedetineerde. Het advies wordt gebruik door
zowel de officier van justitie als de rechter voor het bepalen van de soort straf en de hoogte
daarvan. Zo kunnen ze de gedetineerde bijvoorbeeld een werkstraf opleggen of een
reclasseringstoezicht/begeleiding. Bij een reclasseringstoezicht controleert en begeleidt de
reclassering de persoon in kwestie voor een bepaalde periode. De gedetineerde moet zich
gedurende de periode aan bepaalde voorwaarden houden, de reclassering controleert
hierop. Reclassering Nederland geeft tot slot verschillende gedragsinterventies zoals
communicatie- of gedragstraining.
De reclassering bestaat sinds 18232, destijds werd het de Nederlandsch Genootschap tot
Zedelijke Verbetering der Gevangenen genoemd. In die periode was het doel van de
reclassering om steun te bieden aan (ex)gedetineerden door invloed van godsdienst en
andere middelen. Op die manier probeerden zij delinquenten te resocialiseren. De
verantwoordelijk nam door de jaren heen toe. De reclassering kreeg begin de 20 e eeuw de
voorwaardelijke invrijheidstelling en voorwaardelijke veroordeling als taak. In 1920 kreeg de
reclassering toezicht, de ‘Reclasseringsregeling’ ontstond toen officieel. Vanaf de jaren 80
werd ‘de taakstraf’ ook toegevoegd aan de takenlijst van de reclassering. In de decennia
daarna werd dit uitgebreid met taken als ‘gedragsinterventies’ en ‘elektronische toezicht’.
De reclassering bestaat al heel lang en is al die tijd verantwoordelijk geweest voor
verschillende taken. Door de jaren heen heeft de reclassering ook veel ervaring opgedaan.
De risicotaxatie-instrumenten RISc of Quickscan3 is bijvoorbeeld een methode dat de
reclassering gebruikt voor het geven van advies. Deze methode geeft een inschatting van de
responsiviteit, recidiverisico en het risico op schade. Dit kan niet iedereen doen, de
reclasseringsmedewerkers hebben een specifieke werkervaring 4. De reclassering is het best
bevoegd voor de uitvoering van deze taken, zij hebben de nodige ervaring die andere
1
Reclasseren: grenzen stellen, krachten benutten (2020). Den Haag: Ministerie van Justitie en Veiligheid.
2
Geschiedenis Reclassering, https://www.reclassering.nl/over-de-reclassering/geschiedenis.
3
J. Harte, M.Breukink, Objectiviteit of schijnzekerheid? Kwaliteit, mogelijkheden en beperkingen van instrumenten voor risicotaxatie. 2010.
4
DiSK (2009), Advies & Diagnose: https://www.digitale-sociale-kaart.nl/organisatie/reclassering
nederland/advies-en-diagnose.html
Minor Forensische Criminologie
Vraag 5
Organisatie van de reclassering
De reclassering kun je zien als een constante factor in de strafrechtsketen. In alle fasen van
het strafproces is de reclassering actief. Zij zijn betrokken vanaf het moment dat een individu
door de politie wordt opgepakt tot na de veroordeling en detentie. De reclassering begeleidt
de gedetineerde tijdens het verblijf in de gevangenis en ook bij de terugkeer in de
maatschappij. De reclassering kent ook andere taken zoals het uitbrengen van adviezen over
de risico’s, voert de voorwaardelijke straffen en werkstraffen uit. Het belangrijkste doel van
de reclassering is het bijdragen aan de veiligheid van de samenleving door het voorkomen
van criminaliteit en het terugdringen van recidive.
De vier hoofdtaken van de reclassering zijn1: diagnose en advies, toezicht, taakstraf en
gedragsinterventies. Als eerst kijkt de reclassering hoe groot de kans is dat de gedetineerde
in herhaling zal raken, wat is het recidiverisico? Dit doet de reclassering door gesprekken
met de gedetineerde te voeren en zijn achtergrond te bestuderen. Vervolgens wordt er door
middel van risicotaxatie-instrumenten, risicofactoren in kaart gebracht. Voorbeelden van
risicofactoren zijn bijvoorbeeld alcohol- en drugsgebruik. Vervolgens wordt door de
reclassering een advies uitgebracht over de gedetineerde. Het advies wordt gebruik door
zowel de officier van justitie als de rechter voor het bepalen van de soort straf en de hoogte
daarvan. Zo kunnen ze de gedetineerde bijvoorbeeld een werkstraf opleggen of een
reclasseringstoezicht/begeleiding. Bij een reclasseringstoezicht controleert en begeleidt de
reclassering de persoon in kwestie voor een bepaalde periode. De gedetineerde moet zich
gedurende de periode aan bepaalde voorwaarden houden, de reclassering controleert
hierop. Reclassering Nederland geeft tot slot verschillende gedragsinterventies zoals
communicatie- of gedragstraining.
De reclassering bestaat sinds 18232, destijds werd het de Nederlandsch Genootschap tot
Zedelijke Verbetering der Gevangenen genoemd. In die periode was het doel van de
reclassering om steun te bieden aan (ex)gedetineerden door invloed van godsdienst en
andere middelen. Op die manier probeerden zij delinquenten te resocialiseren. De
verantwoordelijk nam door de jaren heen toe. De reclassering kreeg begin de 20 e eeuw de
voorwaardelijke invrijheidstelling en voorwaardelijke veroordeling als taak. In 1920 kreeg de
reclassering toezicht, de ‘Reclasseringsregeling’ ontstond toen officieel. Vanaf de jaren 80
werd ‘de taakstraf’ ook toegevoegd aan de takenlijst van de reclassering. In de decennia
daarna werd dit uitgebreid met taken als ‘gedragsinterventies’ en ‘elektronische toezicht’.
De reclassering bestaat al heel lang en is al die tijd verantwoordelijk geweest voor
verschillende taken. Door de jaren heen heeft de reclassering ook veel ervaring opgedaan.
De risicotaxatie-instrumenten RISc of Quickscan3 is bijvoorbeeld een methode dat de
reclassering gebruikt voor het geven van advies. Deze methode geeft een inschatting van de
responsiviteit, recidiverisico en het risico op schade. Dit kan niet iedereen doen, de
reclasseringsmedewerkers hebben een specifieke werkervaring 4. De reclassering is het best
bevoegd voor de uitvoering van deze taken, zij hebben de nodige ervaring die andere
1
Reclasseren: grenzen stellen, krachten benutten (2020). Den Haag: Ministerie van Justitie en Veiligheid.
2
Geschiedenis Reclassering, https://www.reclassering.nl/over-de-reclassering/geschiedenis.
3
J. Harte, M.Breukink, Objectiviteit of schijnzekerheid? Kwaliteit, mogelijkheden en beperkingen van instrumenten voor risicotaxatie. 2010.
4
DiSK (2009), Advies & Diagnose: https://www.digitale-sociale-kaart.nl/organisatie/reclassering
nederland/advies-en-diagnose.html