volwassenheid
vroege volwassenheid 18 tot 35 jaar intimiteit versus isolement
middelbare volwassenheid 35 tot 55 - 65 jaar gernerariviteit versus stagnatie
late volwassenheid 55 - 65 tot de dood ego- integriteit versus wanhoop
Vroege volwassenheid
18 tot 35 jaar
- vroege volwassenheid: de tussenfase
- intimiteit tegenover isolement:
- nabijheid
- onafhankelijkheid
- gewaardeerd worden
- identiteit
- experimenterend
- roekeloosheid
- aangaan verantwoordelijkheid
- moderne benadering van intimiteit
- seksualiteit
- relaties / scheidingen
middelbare volwassenheid
35 tot 55 - 65 jaar
- zorg voor de volgende generativiteit tegenover stagnatie > terug kijken op je leven tegenover
naar de omgeving
- een fase met allerlei overgangen
- andere rollen:
• empatie - nest
• overgang
• onverwachte gebeurtenissen
- fysieke veranderingen
- midlife crisis of juist doordachte coping reactie op stress
- periode van zelfre ectie
- gezonde volwassenen ( 30 - 60 jaar )
- seksualiteit
- discriminatie
Late volwassenheid
55 - 65 tot de dood
- ego integriteit tegenover wanhoop ( afvragen of zijn / haar leven goed was )
- fysieke veranderingen ( haar, huid, spieren, longen, zintuigen )
- cognitieve veranderingen ( geen achteruitgang ):
- minder snel informatie opnemen, braintaining en bewegen
- seksualiteit / intimiteit
- sociale en emotionele veranderingen afscheid nemen:
- door mindere mobiliteit
- verlies van partner
1
fl
,stress en coping
drie processen die gevoel zijn van ziekte:
cognitieve beoordeling adaptieve taken vaardigheden voor coping
( een nieuwe periode in je leven
een plaats geven )
implicaties van de ziekte voor zijn omgaan met symptomen van gerichte op beoordeling
/ haar eigen leven ziekte
omgaan met de mogelijkheid van probleem gericht
pijn
controle houden over de ziekte en emotiegericht
handhaven van gezondheid
onzekere toekomst onder ogen
zien
controle houden en emotioneel
evenwicht bewaren
omgaan met veranderingen va
het zelfbeeld en eigenwaarde
relaties onderhouden met
gezondheidsprofessionals
omgaan met bijkomende
problemen ( nancieel
problemen )
coping
> ondernemen van actie om de oorzaken van stress te verminderen of weg te nemen
- probleemgerichte coping strategie > opzoek naar oplossingen
- emotiegerichte coping strategie > verminderen van negatieve emoties
- responsgerichte coping strategie > verminderen van de mogelijke gevolgen
stressor > stress > ziekte
strategieën voor coping:
> door deze aangeleerde vaardigheden wordt de invloed van de beleefde stress op de lichamelijk
en geestelijke gezondheid verminderd
1. probleemgerichte en emotie gerichte coping ( vragen over de medicatie, vragen hoe ver de
ziekte is etc )
2. cognitieve herstructurering
3. sociale vergelijkingen
4. positieve emoties
5. betekenis vinden
positieve keuzen ten aanzien van levenswijze:
> deze factoren zijn van invloed op beide zijden van de vergelijking: ze werken als moderator en als
strategie voor coping
1. sociale ondersteuning
2. lichaamsbeweging
3. voeding en dieet
4. slaap en meditatie
2
fi
, wijze van coping
- door ontkenning of vermijding:
ontkenning verzacht het psychisch lijden in het begin
- door acceptatie:
accepteren van de realiteit van een situatie
accepteren dat de situatie niet gemakkelijk te veranderen is
- door cognitieve herstructurering
- door opwaartse en neerwaartse sociale vergelijking
- door positieve emoties
- door betekenis vinden
optimisme
- zien en denken in en vanuit mogelijkheden
- positieve verwachtingen over de a oop
- standvastig en e ectieve coping
Het blijkt dat mensen die optimisme hebben worden:
- positief e ect op genezing
- minder vaak ziek
- leven langer
3
ff ff fl