(hoorcolleges)
Periode A
Recht en vaardig 1
Monica Blom
Inhoudsopgave
Hoorcollege Strafrecht week 1: Inleiding strafrecht...............................................................................2
Hoorcollege Strafrecht week 2: Materieel strafrecht en verwijtbaarheid..............................................6
Hoorcollege Strafrecht week 3: Poging / voorbereiding en deelneming................................................9
Hoorcollege Strafrecht week 4: strafuitsluitingsgronden.....................................................................11
Hoorcollege Strafrecht week 5: voorbereidend onderzoek en vervolging...........................................15
Hoorcollege Strafrecht week 6: onderzoek ter terechtzitting en het rechterlijke beslissingsschema. .20
1
,Hoorcollege Strafrecht week 1: Inleiding
strafrecht
Verschil materieel strafrecht en formeel strafrecht
Formeel: wat zijn de bevoegdheden en de regels voor de verschillende organen (OM, rechters,
politie, verdachte enz)? (strafvordering)
Voorbeeld: verhoren, aanhouden, eisen dagvaarding, klacht niet vervolging
Materieel: wat is strafbaar en welke personen zijn hiervoor strafbaar? (strafrecht)
Voorbeeld: doodslag, poging tot diefstal, noodweersituatie, medeplichtig bij
De leerdoelen van deze week zijn:
1.De student kan vier doelen van het Nederlandse strafrecht opnoemen en uitleggen wat deze
doelen inhouden.
2.De student kan de 8 vragen van het rechterlijke beslissingsmodel van art. 348 en 350 Sv en de
bijbehorende uitspraken van de rechter met behulp van de wet opsommen.
3.De student kan met behulp van de wet uitleggen of een delict valt onder een misdrijf of
overtreding en waarom dit onderscheid van belang is voor het strafrecht.
4.De student kan uitleggen wat het legaliteitsbeginsel inhoudt.
5.De student kan in een gegeven casus aangeven of sprake is van een verdachte krachtens artikel
27 Sv.
Leerdoel 1: .De student kan vier doelen van het Nederlandse strafrecht opnoemen en uitleggen
wat deze doelen inhouden.
1. Vergelding: ‘terugbetaling’ door leedtoevoeging
2. Preventieve werking (preventie)
a. Speciale preventie
i. De verdachte wordt zelf afgeschrikt
b. Generale preventie
i. De hele samenleving wordt afgeschrikt
3. Resocialisatie
a. De crimineel weer sociaal maken, zodat hij terug kan naar de maatschappij
4. Voorkomen van eigenrichting (je speelt voor eigen rechter)
a. Je weet dat iemand gestraft wordt als iemand de wet overtreedt
2
, Leerdoel 2: De student kan de 8 vragen van het rechterlijke beslissingsmodel van art. 348 en 350 Sv
en de bijbehorende uitspraken van de rechter met behulp van de wet opsommen.
Het rechterlijke beslissingsmodel
1. Het rechterlijke beslissingsmodel = het rijtje met 8 vragen in de artt. 348 en 350 Sv
2. De volgorde van de 8 vragen (voor- en hoofdvragen) staan vast!
3. Uitgangspunt voor alle partijen: OM, advocaat en rechter
4. Uitspraken staan in de artikelen 349 en 352 Sv
Voorvragen, art 348/349 Sv
1. Is de dagvaarding geldig?
a. Uitspraak rechter: nietigheid van de dagvaarding
2. Is de rechter bevoegd?
a. Uitspraak rechter: onbevoegdheid van de rechter
3. Is de OvJ ontvankelijk?
a. Uitspraak rechter: Niet-ontvankelijk van de OvJ
4. Is er reden tot schorsing der vervolging?
a. Uitspraak rechter: schorsing van de vervolging
Hoofdvragen, art. 350/352 Sv
5. Kan de tenlastelegging bewezen worden?
a. Nee vrijspraak
6. Levert het bewezen verklaarde een strafbaar feit op?
a. Nee OVAR (ontslag van alle rechtsvervolging) wegens niet strafbaarheid van het
feit
7. Is de dader strafbaar?
a. Nee OVAR wegens niet strafbaarheid van de dader
8. Welke straf of maatregel moet er worden opgelegd?
a. Veroordeling, art. 352 Sv
Leerdoel 3: De student kan met behulp van de wet uitleggen of een delict valt onder een misdrijf of
overtreding en waarom dit onderscheid van belang is voor het strafrecht.
Misdrijven:
- Zwaardere feiten
- Poging/voorbereiding wel strafbaar
- Medeplichtigheid is wel strafbaar
- Voorlopige hechtenis mogelijk
- Wel een gevangenisstraf
- Berechting door de rechtbank
Overtredingen:
- Lichte feiten
- Poging/voorbereiding is niet strafbaar
- Medeplichtigheid is niet strafbaar
- Geen voorlopige hechtenis
3