Samenvatting natuurkunde
H3
Paragraaf 1:
Energiebron: alles wat een bruikbare soort energie kan leveren
Fossiele brandstoffen: aardolie, aardgas en steenkool
- Chemische energie: moet je nog verbranden
Biomassa: materiaal wat van planten en dieren afkomstig is
- Chemische energie: moet je nog verbranden, maar bij mest kun je het
in een biogasinstallatie vergisten
Wind: doormiddel van windmolens
- Mechanische energie -> bewegingsenergie: windmolen of windturbine
drijven een generator aan die in de molen is ingebouwd. De
bewegingsenergie van de wind wordt omgezet in elektrische energie.
Kernsplijting: bij het splijten van een atoomkern komt energie vrij in de
vorm van warmte.
- Mechanische energie -> bewegingsenergie: bewegingsenergie wordt
omgezet in elektrische energie
Zon:
- Stralingsenergie:
o Zonnecellen zetten stralingsenergie om in elektrische energie
o Zonnecollector zet de stralingsenergie van de zon om in warmte
waarmee water wordt verhit.
Aardwarmte: warmte wordt uit de aarde gehaald.
- Thermische energie: energie uit warmte
Verschil zonnepaneel en zonnecollector
Paneel: elektriciteit
Zon -> straling
Collector: warmte
Efficiënter omdat er minder verloren gaat
Warmtewisselaar: apparaat waarin warmte wordt overgedragen van de ene naar
de andere stof.
Energietransitie: de overgang van niet-duurzame energiebronnen naar
duurzame, klimaat neutrale energiebronnen.
Eisen voor een nieuw energiesysteem:
- Duurzame energiebronnen
- Efficiënt energiemanagement
- Grootschalige energieopslag
, - Lokale productie van energie
Paragraaf 2:
Warmtebron: apparaat dat warmte levert
Elektrische energie -> energieomzetting -> warmte
Dit kan je in een energiestroomdiagram zetten:
Elektrische
energie Warmte
Elektrische boiler
Kwantiteit: hoeveelheid
Kwaliteit: waarde -> de kwaliteit van een energiesoort is de bruikbaarheid van
die energiesoort.
Wet van behoud van energie: regel die stelt dat er bij een energieomzetting geen
energie verloren gaat.
Warmte en temperatuur:
Zijn niet hetzelfde
Warmte: de hoeveelheid energie
- Wordt gebruikt om moleculen sneller te laten bewegen.
Temperatuur: gemiddelde snelheid van de moleculen
Warmtemeter: met een warmtemeter kun je meten hoeveel warmte er nodig is
voor het verwarmen van een bepaalde hoeveelheid water.
Soortelijke warmte:
Het blijkt als je 1 gram water hebt, altijd evenveel warmte nodig hebt om
de temperatuur met 1*C te laten stijgen
Dat is de soortelijke warmte van de stof
De soortelijke warmte van water is 4,2J/g x *C
- vb: 100g + 1*C= 420J
H3
Paragraaf 1:
Energiebron: alles wat een bruikbare soort energie kan leveren
Fossiele brandstoffen: aardolie, aardgas en steenkool
- Chemische energie: moet je nog verbranden
Biomassa: materiaal wat van planten en dieren afkomstig is
- Chemische energie: moet je nog verbranden, maar bij mest kun je het
in een biogasinstallatie vergisten
Wind: doormiddel van windmolens
- Mechanische energie -> bewegingsenergie: windmolen of windturbine
drijven een generator aan die in de molen is ingebouwd. De
bewegingsenergie van de wind wordt omgezet in elektrische energie.
Kernsplijting: bij het splijten van een atoomkern komt energie vrij in de
vorm van warmte.
- Mechanische energie -> bewegingsenergie: bewegingsenergie wordt
omgezet in elektrische energie
Zon:
- Stralingsenergie:
o Zonnecellen zetten stralingsenergie om in elektrische energie
o Zonnecollector zet de stralingsenergie van de zon om in warmte
waarmee water wordt verhit.
Aardwarmte: warmte wordt uit de aarde gehaald.
- Thermische energie: energie uit warmte
Verschil zonnepaneel en zonnecollector
Paneel: elektriciteit
Zon -> straling
Collector: warmte
Efficiënter omdat er minder verloren gaat
Warmtewisselaar: apparaat waarin warmte wordt overgedragen van de ene naar
de andere stof.
Energietransitie: de overgang van niet-duurzame energiebronnen naar
duurzame, klimaat neutrale energiebronnen.
Eisen voor een nieuw energiesysteem:
- Duurzame energiebronnen
- Efficiënt energiemanagement
- Grootschalige energieopslag
, - Lokale productie van energie
Paragraaf 2:
Warmtebron: apparaat dat warmte levert
Elektrische energie -> energieomzetting -> warmte
Dit kan je in een energiestroomdiagram zetten:
Elektrische
energie Warmte
Elektrische boiler
Kwantiteit: hoeveelheid
Kwaliteit: waarde -> de kwaliteit van een energiesoort is de bruikbaarheid van
die energiesoort.
Wet van behoud van energie: regel die stelt dat er bij een energieomzetting geen
energie verloren gaat.
Warmte en temperatuur:
Zijn niet hetzelfde
Warmte: de hoeveelheid energie
- Wordt gebruikt om moleculen sneller te laten bewegen.
Temperatuur: gemiddelde snelheid van de moleculen
Warmtemeter: met een warmtemeter kun je meten hoeveel warmte er nodig is
voor het verwarmen van een bepaalde hoeveelheid water.
Soortelijke warmte:
Het blijkt als je 1 gram water hebt, altijd evenveel warmte nodig hebt om
de temperatuur met 1*C te laten stijgen
Dat is de soortelijke warmte van de stof
De soortelijke warmte van water is 4,2J/g x *C
- vb: 100g + 1*C= 420J