Hartaandoeningen
Angina pectoris, myocardinfarct, acuut coronairsyndrooom en ritmestoornissen
Begrippen en afkortingen
ACS Acuut Coronair Syndroom
AMI Acuut MyocardInfarct
MI MyocardInfarct
NSTEMI Non-ST-Elevatie-MyocardInfarct
STEMI ST-elevatie-MyocardInfarct
AP Angina Pectoris
IAP Instabiele Angina Pectoris
CABG Coronary-Artery Bypass Grafting
PCI Percutane Transluminale Coronaire Angioplastiek
ECG ElektroCardioGram
CAG Coronair AngioGrafie
VF VentrikelFibrilleren
AF AtriumFibrilleren
CHF (Chronisch) HartFalen
AED Automatische ExterneDefibrillator
Hart- en vaatziekten beginnen vaak met hypertensie en kunnen oplopen tot hartfalen en vasculaire
dementie.
Coronaire hartaandoeningen
Ischemische hartziekten
Coronaire aandoeningen zijn aandoeningen
aan de kransslagaders. Links zijn dit de Left
Anterior Descending (LAD) en Ramus
Circumflex(us) Artery (RCX). Rechts is dit de
Right Coronaire Artery (RCA). Deze
bloedvaten zitten onder het epicard. Bij
ischemische hartziekten is er atheroscleros
(plaques); deze kunnen zorgen voor een
vernauwing van de arterie of een trombus wat
kan zorgen voor de afsluiting van de arterie.
De doorbloeding van de hartspier komt uit de coronaire takjes en deze doorbloeding vindt alleen plaats
tijdens de diastole. Want de knijpkracht van de hartwand = de systolische kracht: netto zorgt dat voor geen
druk. Alle andere organen hebben doorbloeding tijdens de diastole en systole.
Bij de verhoging van de hartfrequentie blijft de systolische duur even lang, de diastolische tijd verkort. De
optimale frequentie voor de doorbloeding van de hartspier is 60/minuut.
HF Diastole : Systole Doorbloeding tijd
60/minuut 2:1 40 seconden/minuut
90/minuut 1:1 30 seconden/minuut
120/minuut 1:2 20 seconden/minuut
, Angina Pectoris (AP)
Angina Pectoris wordt gekenmerkt door de volgende 3 symptomen:
- Pijn op de borst: retrosternale klachten, beklemmend, drukken, samensnoerend gevoel op de borst
- Uitstraling van pijn: kaak, arm en rug
- Dyspnoe
De klachten kunnen uitgelokt worden door inspanning of emoties, dit wordt uitgelokt door een verhoogde
hartslag. De hartspier heeft een hoger O2 behoefte en de O2 toevoer daalt. De klachten verdwijnen in rust
en/of door sublinguale nitraten binnen 2 tot 15 minuten. Bij ouderen, patiënten met DM en vrouwen
kunnen de symptomen zich anders uiten en dus minder duidelijk en specifiek zijn.
Bij de anamnese wordt gevraagd naar de klachten. De duur van de klachten en de reactie op rust. Dit maakt
stabiele AP waarschijnlijk. Een extra aanwijzing kan zijn bestaande risicofactoren en atherosclerose.
Begeleidende vegetatieve verschijnselen zoals zweten, misselijkheid, bleekheid, angst, onrust of het langer
aanhouden; dan lijkt het eerder op een myocard infarct. Pleit in beide gevallen voor ernstige ischemie (ACS)
of wel IAP of AMI.
Bij lichamelijk onderzoek wordt gekeken naar de polsslag (frequentie en ritme) bloeddruk (verhoogd of juist
laag), kleur (anemie, cyanose), souffles (geruisen van de kleppen) en auscultatie van de longen: crepitaties
passend bij het ontstaan van hartfalen, longziekten (inspiratie, expiratie, piepen) vooral als differentiaal
diagnose denk dan aan een longembolie en pleuritis.
Risicofactoren:
- Coronair lijden (atherosclerose)
- CVA, TIA en/of PAV
- Anemie
- Ritmestoornissen
- Hypertensie
- Roken
- Hypercholesterolemie
- Obesitas
- Familiair
- Man
- Diabetes Mellitus
Aanvullende diagnostiek bestaat uit een inspanningstest (ergometrie, ST depressie, negatieve T-toppen),
stress echo, nucleair onderzoek (MIBI scan), CT van de coronairen (calciumscore, de doorgankelijkheid van
de coronaire door eventueel een MRI) en coronaire angiografie (catheterisatie, röntgen met contrast,
vernauwingen/afsluitingen van de kransslagaders)
Behandeling
Bij een aanval kan er nitraat sublinguaal gebruikt worden dit is dan een tablet of een spray. Daarnaast wordt
dit gegeven als medicatie:
- Acetylsalicyzuur 80-100mg: preventie van stolsel dat gaat af sluiten
- Bètablokker: hartfrequentie daalt, betere bloed en O2 toevoer naar het hartweefsel
- Calciumantagonist: vaatverwijdend
- Nitraat langwerkend: vaatverwijdend en symptomatisch
- Antihypertensiva: systolische bloeddruk te regelen
Angina pectoris, myocardinfarct, acuut coronairsyndrooom en ritmestoornissen
Begrippen en afkortingen
ACS Acuut Coronair Syndroom
AMI Acuut MyocardInfarct
MI MyocardInfarct
NSTEMI Non-ST-Elevatie-MyocardInfarct
STEMI ST-elevatie-MyocardInfarct
AP Angina Pectoris
IAP Instabiele Angina Pectoris
CABG Coronary-Artery Bypass Grafting
PCI Percutane Transluminale Coronaire Angioplastiek
ECG ElektroCardioGram
CAG Coronair AngioGrafie
VF VentrikelFibrilleren
AF AtriumFibrilleren
CHF (Chronisch) HartFalen
AED Automatische ExterneDefibrillator
Hart- en vaatziekten beginnen vaak met hypertensie en kunnen oplopen tot hartfalen en vasculaire
dementie.
Coronaire hartaandoeningen
Ischemische hartziekten
Coronaire aandoeningen zijn aandoeningen
aan de kransslagaders. Links zijn dit de Left
Anterior Descending (LAD) en Ramus
Circumflex(us) Artery (RCX). Rechts is dit de
Right Coronaire Artery (RCA). Deze
bloedvaten zitten onder het epicard. Bij
ischemische hartziekten is er atheroscleros
(plaques); deze kunnen zorgen voor een
vernauwing van de arterie of een trombus wat
kan zorgen voor de afsluiting van de arterie.
De doorbloeding van de hartspier komt uit de coronaire takjes en deze doorbloeding vindt alleen plaats
tijdens de diastole. Want de knijpkracht van de hartwand = de systolische kracht: netto zorgt dat voor geen
druk. Alle andere organen hebben doorbloeding tijdens de diastole en systole.
Bij de verhoging van de hartfrequentie blijft de systolische duur even lang, de diastolische tijd verkort. De
optimale frequentie voor de doorbloeding van de hartspier is 60/minuut.
HF Diastole : Systole Doorbloeding tijd
60/minuut 2:1 40 seconden/minuut
90/minuut 1:1 30 seconden/minuut
120/minuut 1:2 20 seconden/minuut
, Angina Pectoris (AP)
Angina Pectoris wordt gekenmerkt door de volgende 3 symptomen:
- Pijn op de borst: retrosternale klachten, beklemmend, drukken, samensnoerend gevoel op de borst
- Uitstraling van pijn: kaak, arm en rug
- Dyspnoe
De klachten kunnen uitgelokt worden door inspanning of emoties, dit wordt uitgelokt door een verhoogde
hartslag. De hartspier heeft een hoger O2 behoefte en de O2 toevoer daalt. De klachten verdwijnen in rust
en/of door sublinguale nitraten binnen 2 tot 15 minuten. Bij ouderen, patiënten met DM en vrouwen
kunnen de symptomen zich anders uiten en dus minder duidelijk en specifiek zijn.
Bij de anamnese wordt gevraagd naar de klachten. De duur van de klachten en de reactie op rust. Dit maakt
stabiele AP waarschijnlijk. Een extra aanwijzing kan zijn bestaande risicofactoren en atherosclerose.
Begeleidende vegetatieve verschijnselen zoals zweten, misselijkheid, bleekheid, angst, onrust of het langer
aanhouden; dan lijkt het eerder op een myocard infarct. Pleit in beide gevallen voor ernstige ischemie (ACS)
of wel IAP of AMI.
Bij lichamelijk onderzoek wordt gekeken naar de polsslag (frequentie en ritme) bloeddruk (verhoogd of juist
laag), kleur (anemie, cyanose), souffles (geruisen van de kleppen) en auscultatie van de longen: crepitaties
passend bij het ontstaan van hartfalen, longziekten (inspiratie, expiratie, piepen) vooral als differentiaal
diagnose denk dan aan een longembolie en pleuritis.
Risicofactoren:
- Coronair lijden (atherosclerose)
- CVA, TIA en/of PAV
- Anemie
- Ritmestoornissen
- Hypertensie
- Roken
- Hypercholesterolemie
- Obesitas
- Familiair
- Man
- Diabetes Mellitus
Aanvullende diagnostiek bestaat uit een inspanningstest (ergometrie, ST depressie, negatieve T-toppen),
stress echo, nucleair onderzoek (MIBI scan), CT van de coronairen (calciumscore, de doorgankelijkheid van
de coronaire door eventueel een MRI) en coronaire angiografie (catheterisatie, röntgen met contrast,
vernauwingen/afsluitingen van de kransslagaders)
Behandeling
Bij een aanval kan er nitraat sublinguaal gebruikt worden dit is dan een tablet of een spray. Daarnaast wordt
dit gegeven als medicatie:
- Acetylsalicyzuur 80-100mg: preventie van stolsel dat gaat af sluiten
- Bètablokker: hartfrequentie daalt, betere bloed en O2 toevoer naar het hartweefsel
- Calciumantagonist: vaatverwijdend
- Nitraat langwerkend: vaatverwijdend en symptomatisch
- Antihypertensiva: systolische bloeddruk te regelen