Artikelen/hoofdstukken (+ toevoegingen uit colleges)
Week 1: Inleiding bij de module & kennismaking
College geannuleerd & geen stof opgegeven
Week 2: Grondleggers: Marx, Weber & Durkheim
Émile Durkheim – De educatie, haar aard en haar rol (1922)
Grondlegger moderne sociologie sociale feiten sociale fenomenen die inzichtelijk
worden a.d.h.v. andere sociale fenomenen
Dit stuk: antwoord op de vraag naar de doelen en inhouden van het onderwijs vanuit de
maatschappelijke verwachtingen ten aanzien van dat onderwijs.
Twee ledige functie onderwijs: bijbrengen over maatschappij & voorbereiden op deelname
samenleving methodische socialisatie
Onderwijs maatschappelijke functie, Overheid toezien op deze oriëntatie
Educatie, methodische socialisatie en de rol van de staat
Definities van opvoeding. Een kritische beschouwing.
Ruime, uiteenlopende definities (vb. Mill)
Invulling/vorm onderwijs afhankelijk van tijd en plaats
o Grieken/Romeinen: onderdeel van samenleving worden
Athene: harmonie, schoon, zuiver
Rome: actief, militaire glorie, geen belangstelling voor kunst/literatuur
o Nu (1922 geschreven): autonome persoonlijkheid vormen, wetenschap ipv kunst
o Middeleeuwen: christelijk
o Renaissance: afstand religie, meer literair
Onderwijs/opvoeding altijd in het geheel bekijken (structuur maatschappij, instellingen), het
wordt in welke tijd dan ook altijd bewust georganiseerd.
Bezig houden met de oplossingen die er al zijn alleen vooruit kijken, niet kijken naar wat
er eerder fout is gegaan
Een heersend educatief systeem is er omdat het past bij die huidige tijd resultaat/product
van / te verklaren door
o leven in en behoeften van de samenleving
o stempel van de geschiedenis/eerdere generaties
o historische achtergronden: godsdienst, politiek, wetenschap, industrie
Functie/doel van onderwijs ook hierdoor bepaald
Definitie van educatie
Gemeenschappelijke kenmerken van systemen uit het verleden definitie
o Generatie Volwassen & generatie Jongeren
o V beïnvloedt J
Net zo veel soorten educatie als er milieus in de maatschappij zijn. Bijvoorbeeld:
o Vroeger: burger vs ridder
o Nu: stad vs platteland
Milieu of afkomst bepaald dus het type onderwijs wat iemand volgt: sluit aan bij normen,
waarden, zienswijzen, latere functie
differentiatie! (en ongelijkheid?)
ook altijd overeenkomende/gemeenschappelijke zaken bij verschillende milieus, wat alle
kinderen moeten weten (vb. geloof)
Nationale cultuur door geheel van ideeën over het wezen van de mens elke
onderwijsvorm heeft het doel om dit in het geweten en bewustzijn te prenten