Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting BKO: baby tot kleuteronderzoek colleges en literatuur

Beoordeling
4.5
(2)
Verkocht
11
Pagina's
125
Geüpload op
20-12-2021
Geschreven in
2021/2022

BKO: baby tot kleuteronderzoek colleges en literatuur (incl leeswijzer temperament) en met begrippenlijst. College 1: Bornstein, M. H., Arterberry, M. E., & Lamb, M. E. (2014). Methods of Research in Infancy. In M. H. Bornstein, M. E., Arterberry, & M. E. Lamb (Eds.), Development in Infancy. A contempo- rary Introduction (page 50-78). New York, NY: Psychology Press. Humphreys, K. L., Zeanah, C. H., & Scheeringa, M. S. (2015). Infant development: The first 3 years of life. In Psychiatry (Eds.) A. Tasman, J. Kay, J. A. Lieberman, M. B. First, & M. B. Riba. (p. 134-158). John Wiley & Sons, Ltd. College 2: Kurth, E., Kennedy, H. P., Spichiger, E., Hösli, I., & Stutz, E. Z. (2011). Crying babies, tired mothers: what do we know? A systematic review. Midwifery, 27(2), 187-194. Möller, E. L., Oort, F. J., & Rodenburg, H. R. (2018). Effects of a Responsive Soothing Intervention on Infant Excessive Crying and Infant Sleep. Manuscript under review. Möller, E. L., de Vente, W., & Rodenburg, R. (2019). Infant crying and the calming response: Paren- tal versus mechanical soothing using swaddling, sound, and movement. PloS One, 14(4), Richtlijn Excessief huilen (2013). 7. Effectieve therapie-Aanbevelingen nen/alle-richtlijnen/richtlijn/?richtlijn=21&rlpag=805 Richtlijn Excessief huilen (2013). Whittingham, K., & Douglas, P. (2014). Optimizing Parent–Infant Sleep From Birth To 6 Months: A New Paradigm. Infant Mental Health Journal, 35, 614–623. College 3: Lench, H. C., Flores, S. A., & Bench, S. W. (2011). Discrete emotions predict changes in cognition, judgment, experience, behavior, and physiology: a meta-analysis of experimental emotion elici- tations. Psychological Bulletin, 137(5), 834.). Moehler, E., Kagan, J., Parzer, P., Wiebel, A., Brunner, R., & Resch, F. (2006). Relation of behav- ioral inhibition to neonatal and infant cardiac activity, reactivity and habituation. Personality and Individual Differences, 41, . Nikolić, M., de Vente, W., Colonnesi, C., & Bögels, S. M. (2016). Autonomic arousal in children of parents with and without Social Anxiety Disorder: A high-risk study. Journal of Child Psychol- ogy and Psychiatry, 57(9), . Toates, F. (2011). Biological psychology (3rd Ed.). Pearson Education Limited. Harlow, England. Hoofdstuk 3, blz 73-77, autonomic nervous system t/m the effectors of the system. Hoofdstuk 12, blz 312-313 en blz 326-329. College 4 Colonnesi, C., Bögels, S. M., de Vente, W., & Majdandžić, M. (2013). What coy smiles say about positive shyness in early infancy. Infancy, 18(2), 202-220. Colonnesi, C., Nikolić, M., de Vente, W., & Bögels, S. M. (2017). Social anxiety symptoms in young children: Investigating the interplay of theory of mind and expressions of shyness. Journal of Abnormal Child Psychology, 45(5), 997-1011. Colonnesi, C., Zijlstra, B. J., van der Zande, A., & Bögels, S. M. (2012). Coordination of gaze, facial expressions and vocalizations of early infant communication with mother and father. Infant Be- havior and Development, 35(3), 523-532. Stockdale, L. A., Porter, C. L., Coyne, S. M., Essig, L. W., Booth, M., Keenan‐Kroff, S., & Schvaneveldt, E. (2020). Infants’ response to a mobile phone modified still‐face paradigm: Links to maternal behaviors and beliefs regarding technoference. Infancy, 25(5), 571-592. COLLEGE 5: Gartstein, M.A., Putnam, S.P., Aron, E.N. & Rothbart, M.K. (2016). Temperament and Personality. In S. Maltzman (ed). The Oxford Handbook of Treatment Processes and Outcomes in Psychology. Oxford. pp. 1-23. Majdandžić, M., De Vente, W., & Bögels, S. M. (2016). Challenging parenting behavior from infancy to toddlerhood: Etiology, measurement, and differences between fathers and mothers. Infancy, 21, 1-30. McCormick, M. P., O’Connor, E. E., Cappella, E., & McClowry, S. G. (2015). Getting a good start in school: Effects of INSIGHTS on children with high maintenance temperaments. Early Child- hood Research Quarterly, 30(A), 128-139. College 6: Ainsworth, M. (1969). Maternal Sensitivity Scales. The Baltimore Longitudinal Project. Voor college p. 1–5 (tot Scale 2). Colonnesi, C., Zeegers, M. A., Majdandžić, M., van Steensel, F. J., & Bögels, S. M. (2019). Fathers’ and mothers’ early mind-mindedness predicts social competence and behavior problems in childhood. Journal of Abnormal Child Psychology, 47(9), . Greven, C. U., Lionetti, F., Booth, C., Aron, E. N., Fox, E., Schendan, H. E., ... & Homberg, J. (2019). Sensory Processing Sensitivity in the context of Environmental Sensitivity: A critical review and development of research agenda. Neuroscience & Biobehavioral Reviews, 98, 287- 305. Meins, E., & Fernyhough, C. (2015). Mind-mindedness coding manual, Version 2.2. Unpublished manuscript. University of York, York, UK. Voor college: p. 3-13.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Literatuur Baby & Kleuteronderzoek 2021
College 1
Hoorcollege
Waarom onderzoek in eerste 4 jaar?
● Concept van de baby als persoon.
● Kernmoment van de ontwikkeling: taalontwikkeling, gehechtheid.
● Snelheid van de ontwikkeling: snelste ontwikkelingsmoment.
● Kans om vroeg een probleem te kunnen ontdekken: autisme, kwaliteit van de kind-
ouder relatie.
● Kans om vroeg een interventie te kunnen beginnen

Ontwikkeling




Continuiteit en stabiliteit
- Stabiliteit: De consistentie van individuen op een bepaald kenmerk of stabiliteit van
individuele verschillen op een bepaald kenmerk.
- Continuïteit: Gemiddelde consistentie op groepsniveau of continuïteit van een
bepaald kenmerk.




Bidirectionele relatie in de ontwikkeling

,Erfenis (lichaam, persoonlijkheid, iq) → kenmerken kind (temperament, persoonlijkheid,
iq)→ opvoeding (controle, sensitiviteit, ocmmunicatie)

Interactie tussen individuele factoren en omgeving het transactionele model (k= kind / o =
omgeving)




Interactie tussen genetische factoren en omgevingen
● Genetische factoren kunnen specifiek zijn (erfelijkheid).
● De genetische factoren kunnen een hoog, een gemiddeld of een laag niveau van
ontwikkeling veroorzaken
● Daarnaisereen“interplay” of een “interactie” tussen genetische factoren en
omgevingsfactoren.
● De omgeving kan een specifieke ontwikkeling:
– bevorderen
– stabiliseren (geen toegevoegde effect)
– afremmen




Onderzoeksdesigns om ontwikkeling in kaart te brengen
Longitudinale studies
● Dezelfde proefpersonen worden op meerdere momenten
geobserveerd/getest/gemeten
● Voordelen: stabiliteit en continuiteit
● Nadelen: duur onderzoek (tijd, kosten, risico’s)

,Cross-sectionele studies
● Bij verschillende groepen (met verschillende leeftijden) wordt dezelfde vaardigheid
gemeten
● Voordelen: simpeler onderzoek (risico’s, kosten)
● Nadelen: geen individueel verschil of duidelijk ontwikkelingsprocess

Microgenetische studies
● Dezelfde proefpersonen worden op meerdere momenten een korte tijd
geobserveerd (N= 1)
● Voordelen: goed inzicht in de ontwikkelingsprocessen tijdens babytijd
● Nadelen: duur onderzoek (kosten, risico’s)

Context onderzoek
- Naturalistisch: thuis, kinderopvang, school
- Experimenteel: lab / gecontroleerde setting

Onderzoeksmethode of type studies
Case studies
- studies over enkel kind
Quasi experimenteel
- proefpersonen zijn niet random toegewezen, maar obv bepaalde kenmerken
- niet causale relatie
Experimentele studies
- proefpersonen random toegewezen conditie
- sprake van manipulatie van onafhankelijke variabelen en totale controle over
afhankelijke variabelen
- causale relatie




Onderzoeksmethoden: meten ontwikkeling
● Observatie of meten van gedrag en reacties
○ Spontaan gedrag
○ Gestimuleerd gedrag

, ○ Psychofysiologische reactie
● Rapportage door ouders
○ Dagboek
○ Checklist, vragenlijst, ...
● Archief onderzoek
○ Landelijke statistieken
○ Literatuuronderzoek
○ Meta-analyse


Literatuur
HUMPHREYS ET AL. (2015). INFANT DEVELOPMENT: THE FIRST 3 YEARS OF LIFE

Freud - Psychoanalytische theorie (psychoseksuele fasen)
= Poging om de ontplooiing van aangeboren driften te beschrijven, waarvan de objecten
gedurende de eerste 3 levensjaren van oraal naar anaal gingen

Piaget - Cognitief
→ Sensorisch-motorische intelligentie (eerste 2 jaar)
Aanpassing van reflexen (geboorte – 1 maand)
Primaire circulaire reacties (1 – 4 maanden)
Secundaire circulaire reacties (4 – 10 maanden)
Coördinatie van secundaire schema’s (10 – 12 maanden)
Tertiaire circulaire reacties (12 – 18 maanden)
Representatief denken (18–24 maanden)
Preoperationele intelligentie (2–6 jaar)
= bezig met hoe baby's informatie construeren, organiseren en transformeren

Erikson - Psychoanalytische theorie (psychosociale fases)
Vertrouwen vs. wantrouwen (geboorte–18 maanden)
Autonomie vs. schaamte of twijfel (18–36 maanden)
= Aanvaard het aandrijfmodel van Freud, maar plaatste ontwikkelingsproblemen in een
sociale context

Mahler - Psychoanalytische theorie (scheiding en individualisering)
Autistische fase (geboorte–2 maanden)
Symbiose (2–4 of 5 maanden)
Differentiatie (4 of 5–8 of 9 maanden)
OefenVroeg oefenen (8 of9–12 maanden)
Goed oefenen (12–18 maanden)
Toepassing (18–24 maanden) )
Op weg om standvastigheid tegen te gaan (24-36 maanden)

,= Ook geaccepteerd driftmodel, maar gericht op het ontstaan van een psychologisch zelf,
waarvan ze geloofde dat het pas in het laatste deel van het tweede levensjaar werd
gedifferentieerd

Bowlby - Hechtingstheorie
Fase van beperkte discriminatie (geboorte–2 maanden)
Fase van beperkte voorkeur (2–7 maanden)
Fase van gerichte gehechtheid en veilige basis (7–24 maanden)
Fase van doelgericht partnerschap (24–36 maanden)
= Beschreef de ontwikkeling van gehechtheid, a biologisch begiftigd motivatiesysteem dat
verantwoordelijk is voor het handhaven van gevoelde veiligheid

Stern - Psychoanalytische theorie (gevoel voor zelfontplooiing)
Gevoel van opkomende zelf (geboorte–2 maanden)
Gevoel van kernzelf (2–3 tot 7–9 maanden)
Gevoel van subjectief zelf (7–9 tot 18–20 maanden)
Gevoel van verbaal zelf (18–20 maanden en daarna)
= Bezorgd over hoe het kind de wereld subjectief ervaart; zelf gevoelens blijven gedurende
het hele leven functioneren als ze eenmaal zijn gevormd

Het transactionele model is momenteel de meest algemeen aanvaarde beschrijving van het
ontwikkelingsproces. Het lijkt redelijk goed verantwoordelijk te zijn voor de meeste
ontwikkelingsresultaten die zijn bestudeerd, behalve die die volgen op de extremen van
biologische beledigingen, zoals bepaalde chromosomale aandoeningen of extreme
milieuproblemen, zoals intense deprivatie. Toch geeft het transactiemodel geen
voorspellend gewicht aan een bepaalde reeks risico- of beschermende factoren, en de
zoektocht naar nauwkeurigere voorspellende modellen gaat door.

Eerste twee maanden van het leven
De eerste 2 maanden worden beschouwd als een periode van stabilisatie voor zuigelingen
bij het aanpassen aan het postnatale leven. Tijdens deze periode van stabilisatie ondergaan
zuigelingen geen grote transities of reorganisaties, maar lijken ze prenatale veranderingen in

, neurologische en psychologische ontwikkeling te consolideren.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
20 december 2021
Bestand laatst geupdate op
21 december 2021
Aantal pagina's
125
Geschreven in
2021/2022
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$9.60
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 2 reviews worden weergegeven
3 jaar geleden

4 jaar geleden

4.5

2 beoordelingen

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
megvdh Universiteit van Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
228
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
185
Documenten
5
Laatst verkocht
6 maanden geleden

3.9

25 beoordelingen

5
8
4
11
3
3
2
2
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen