WISKUNDE H.5
4VWO
DIAGRAMMEN
Staafdiagram: staven even breed en staan los van elkaar
Lijndiagram: gegevens als punten neergezet en verbonden met lijn
Cirkeldiagram (sectordiagram): geeft procentuele (=relatieve) verdeling
Beelddiagram (pictogram): gegevensweergave door middel van figuren
FREQUENTIETABELLEN
Geeft aan hoe vaak iets voorkomt
totale frequentie is alle frequenties bij elkaar
relatieve frequentie is frequentie uitgedrukt in procent van het totaal
frequentie
× 100 %
totale frequentie
CENTRUMMATEN
= gemiddelde, modus en mediaan
som van de waarnemingsgetallen
Gemiddelde
totale frequentie
Mediaan middelste getal
getallen op volgorde zetten. Bij even getallen is de mediaan het gemiddelde van de tee
middelste getallen
Modus waarnemingsgetal met grootste frequentie
HISTOGRAM EN FREQUENTIEPOLYGOON
Histogram = een staafdiagram bij een frequentieverdeling met de meetbare gegevens op de
horizontale as
Frequentiepolygoon = een lijndiagram waarin de frequenties zijn uitgezet tegen de
waarnemingsgetallen. Het begin- en eindpunt ligt op de horizontale as
relatieve frequentiepolygoon = frequentiepolygoon getekend bij de relatieve frequenties
KLASSENINDELING
klassengrenzen = de uiterste getallen bij de klassen
10 -< 20 (10 doet mee, 20 niet)
klassenbreedte geeft aan hoe groot de groep is
Zelfde klassenbreedte
5 à 10 klassen
door een frequentieverdeling te maken, kan je zien hoe vaak een klasse voorkomt
1
4VWO
DIAGRAMMEN
Staafdiagram: staven even breed en staan los van elkaar
Lijndiagram: gegevens als punten neergezet en verbonden met lijn
Cirkeldiagram (sectordiagram): geeft procentuele (=relatieve) verdeling
Beelddiagram (pictogram): gegevensweergave door middel van figuren
FREQUENTIETABELLEN
Geeft aan hoe vaak iets voorkomt
totale frequentie is alle frequenties bij elkaar
relatieve frequentie is frequentie uitgedrukt in procent van het totaal
frequentie
× 100 %
totale frequentie
CENTRUMMATEN
= gemiddelde, modus en mediaan
som van de waarnemingsgetallen
Gemiddelde
totale frequentie
Mediaan middelste getal
getallen op volgorde zetten. Bij even getallen is de mediaan het gemiddelde van de tee
middelste getallen
Modus waarnemingsgetal met grootste frequentie
HISTOGRAM EN FREQUENTIEPOLYGOON
Histogram = een staafdiagram bij een frequentieverdeling met de meetbare gegevens op de
horizontale as
Frequentiepolygoon = een lijndiagram waarin de frequenties zijn uitgezet tegen de
waarnemingsgetallen. Het begin- en eindpunt ligt op de horizontale as
relatieve frequentiepolygoon = frequentiepolygoon getekend bij de relatieve frequenties
KLASSENINDELING
klassengrenzen = de uiterste getallen bij de klassen
10 -< 20 (10 doet mee, 20 niet)
klassenbreedte geeft aan hoe groot de groep is
Zelfde klassenbreedte
5 à 10 klassen
door een frequentieverdeling te maken, kan je zien hoe vaak een klasse voorkomt
1