Spijsverteringskanaal = tractus digestivus
In de tractus digestivus moet vertering plaats vinden
Functie
“Opname van voedingstoffen”
- Koolhydraten
Enzym: amylase
- Vetten
Enzym: Lipasen
- Eiwitten
Enzym: peptidasen
Spijsvertering
Glucose is een enkelvoudige suiker net als fructose. Koolhydraat kan je niet resorberen. De
glucose ‘losknippen’ doormiddel van een enzym, daardoor kan glucose resorberen.
Eiwit is een keten van aminozuren en die moet je ook ‘losknippen’ en dat gebeurt door
peptidase.
Glu-Glu-Glu koolhydraten
VZ-VZ-VZ
VZ-VZ-VZ
VZ-VZ-VZ molecuul vet
AZ-AZ-AZ-AZ eiwit
, Mondholte
In de mondholte vindt mechanische verkleiningen dat betekend dat je moet kauwen op je
eten dan maak je het ook kleiner maar ook in je speeksel zit amylase en dan begint het
verteren van de koolhydraten al.
Pharynx: Slikken
Zacht gehemelte (= uvula) zorgt ervoor dat het voedsel niet in je neus schiet.
Oesophagus = slokdarm
Door peristaltische bewegingen komt het voedsel in de maag.