AVAG Module 4
Oefentoets module 4
Gezonde groei van moeder & kind
1. Er wordt aangeraden om tijdens zwangerschap elke dag een vitamine D
supplement te slikken. Welke dosis vitamine D wordt aangeraden om dagelijks
te suppleren?
A. 15 milligram
B. 10 milligram
C. 15 microgram
D. 10 microgram
2. Welke voedingsstof wordt aangeraden om tijdens de zwangerschap (iets) meer
te eten?
A. Vetten
B. Eiwitten
C. Koolhydraten
3. Vanaf hoeveel glazen alcohol per dag is er een risico op FAS?
A. 3
B. 4
C. 5
D. 6
4. Er is sprake van overgewicht bij een BMI vanaf 26 en er is sprake van obesitas
bij een BMI van 30.
A. Juist
B. Onjuist
5. Welke bacterie vind je in voorverpakte producten, zoals voorgesneden sla?
A. Listeria
B. Toxoplasmose gondii
6. Er komt een G1P0 op het spreekuur en bij het uitvragen van de anamnese kom
je erachter dat mevrouw 3 kopjes koffie per dag drinkt. Mag dit, of valt dit boven
de aanvaardbare grens cafeïne?
A. Dit mag, want 3 kopjes koffie is minder cafeïne dan de aanvaardbare bovengrens
B. Dit wordt sterk afgeraden, want 3 kopjes koffie is meer cafeïne dan de
aanvaardbare bovengrens
7. Er komt een G1P0 op het spreekuur en bij het uitvragen van de anamnese kom
je erachter dat mevrouw te weinig vitamine C binnenkrijgt. Welk product zou je
NIET per se aanraden om vitamine C aan te vullen?
A. Aardbeien
B. Blauwe bessen
C. Aardappelen
D. Wortel
8. Een andere benaming voor vitamine B12 is foliumzuur
A. Juist
B. Onjuist
, Noah Boshuizen
AVAG Module 4
9. Vrouwen met een veganistisch of vegetarisch dieet worden geadviseerd om bij
hun ijzerinname een bron van een bepaald vitamine tot zich te nemen. Welk
vitamine is dit?
A. Vitamine A
B. Vitamine C
C. Vitamine K
D. Vitamine E
10. Welke soort interventie hoort bij de volgende omschrijving: preventie die zich
richt op mensen met een hoog relatief risico, maar een lage prevalentie.
A. Universeel
B. Selectief
C. Geïndiceerd
11. Het screenen van vrouwen op borstkanker is een voorbeeld van:
A. Primaire preventie
B. Secundaire preventie
C. Tertiaire preventie
12. Bij informed consent wordt er zodanig informatie verstrekt dat de cliënt op
basis daarvan een beslissing kan maken. Er is in dit geval niks aan de hand,
maar er is een optie, zoals bijvoorbeeld een screeningsonderzoek.
A. Juist
B. Onjuist
13. Bij ‘nudging’ is er sprake van:
A. Tegen de autonome keuze van de cliënt in
B. De autonome keuze van de cliënt beïnvloeden
14. Een pasgeborene woog bij de geboorte 3200 gram en weegt op dag 6 2900
gram. Valt dit binnen de grens van gewichtsverlies?
A. Ja
B. Nee
15. Wat is niet waar over colostrum?
A. Het bevat afgestoten epitheelcellen
B. Het bevat vooral IgG immunoglobulinen
C. Bevat weinig koolhydraten
D. Bevat weinig vet
E. Het bevat relatief veel macrofagen
16. 80% van de koolhydraten in moedermelk bestaat uit lactose. Wat doet lactose?
A. Vermindert de opname van schadelijke stoffen in de darmen
B. Vermindert de groei van bacteriën in de darm
C. Maakt de ontlasting zuurder
D. Zorgt voor een betere terugresorptie van water in de darm
17. Hoeveel vitamine-K suppletie wordt de eerste 12 weken aangeraden aan baby’s
die borstvoeding krijgen?
A. 100 microgram
B. 150 microgram
C. 200 microgram
D. 250 microgram