(stukje herhaling)
Zenuwstelsel
Ons lichaam wordt bestuurd vanuit onze hersenen. De hersenen sturen signalen naar de spieren zodat deze in
actie komen. Een dergelijk signaal verplaatst zich via zenuwcellen (neuronen) door het lichaam. De zenuwcellen
die de bewegingsspieren aansturen worden motorische neuronen genoemd.
Het centrale en het perifere zenuwstelsel
Er zijn twee soorten motorische neuronen: de centrale motorische neuronen en de perifere motorische
neuronen.
De centrale motorische neuronen zitten aan de bovenkant van de hersenen, in de hersenschors. De uitlopers
ervan lopen door de hersenstam en het ruggenmerg. Zij vervoeren de signalen vanuit de hersenen tot in het
ruggenmerg. Als deze zenuwen niet goed functioneren, worden de spieren stijf en spastisch.
De perifere motorische neuronen lopen vanaf de hersenstam en het ruggenmerg naar de verschillende spieren.
Vanuit de hersenstam ontspringen de motorische neuronen naar de kauw- en slik-spieren. Vanuit het
ruggenmerg ontspringen de neuronen die naar de arm-, been- en rompspieren gaan. Functioneren deze
zenuwen niet goed, dan worden de spieren juist slap en dunner.
Het centrale zenuwstelsel bestaat uit de hersenen en het ruggenmerg (weergegeven in roze).
Het perifere zenuwstelsel bestaat uit de zenuwbanen die in geel zijn weergegeven.
, Anatomie gebieden in de hersenen
De hersenschors of neurale cortex bevat cellichamen en is grijs gekleurd. Dit is de buitenste laag van
de hersenen. De witte stof bevat gemyeliniseerde en ongemyeliniseerde axonen en zit aan de
binnenkant. De witte stof in de hersenen bevat bundels van axonen/banen. In de diepe witte stof
zitten basale kernen. Groepen neuronen zijn afgebakend met een speciale functie. Via de banen
wordt informatie vanuit de hersenen naar het lichaam gestuurd en andersom.
Automatische/